De muziek groovet op de internationale dag voor Afrika

Er werd veel gepraat op de muziekavond Africadelic. Jammer, want de muziek sprak voor zich.

De Kaapverdische accordeonist Bitori

Dat gelul ook altijd. De 78-jarige Kaapverdische accordeonist Bitori begint gewoon te spelen terwijl de presentator van de avond nog halverwege een introducerend verhaal is. Gelijk heeft-ie. Er wordt veel uitgelegd op Africadelic in Paradiso. Het suggereert dat de muziek niet voor zichzelf spreekt. Het tegendeel is het geval.

Africadelic is de muziekavond op de internationale dag voor Afrika. Voor wie het ontgaan is: die was donderdag. De avond werd ingeluid met discussies en presentaties over het continent, vandaar wellicht het uitleggerige. De aftrap van het muzikale gedeelte is zwak, met de Marokkaans/Algerijns/Nederlandse zangeres Rajae. Vlakke popjazz met ditmaal de zangeres zelf die tussen de nummers door wilde uitleggen wat precies de boodschap was. Daar doet de Kaapverdiaan Bitori dus niet aan mee. Hij speelt funana, accordeonmuziek op complexe ritmes waarin de ijzeren schraper het tempo en het publiek gretig opjut.

Het is moeilijk kiezen tussen de oude muziekheld beneden in de grote zaal en de jonge garde in de kleine zaal. Daar ligt het tempo misschien iets lager dan bij Bitori, maar niet veel, het spelplezier van het Nederlandse Koffie doet er zeker niet voor onder. Is de band Koffie Afrikaans? Nee totaal niet, maar de acht muzikanten die hun album Huntu presenteren maken veelvuldig gebruik van afrobeat en ethiojazz. Daarnaast veel funk en een rock drive. Het accent ligt op de drums en de bas, alles voor de groove dus. En het groovet.

Net wanneer het lijkt dat de praatjes de muziek niet langer zullen onderbreken, is het de muzikant zelf die zijn publiek een boodschap door de strot wil drukken. Zij het op zeer eigenzinnige wijze. De beats van de Angolese dj en producer Batida (Pedro Coquenão) zijn ongehoord origineel, loodzwaar en uiterst dansbaar, alleen danst niemand. In plaats daarvan probeert het publiek grip te krijgen op wat wordt voorgeschoteld: politiek geladen video’s die overgaan in de muziek en dan Batida zelf die voorovergebogen teksten declameert in een microfoon bij de grond. Er is een danser, die door Batida wordt aangestuurd met de elektronische variant van de Angolese duimpiano. Soms houden dansers en muzikanten maskers voor hun gezicht.

Batida is geen pleaser. Wanneer hij de tijd die nodig is om wat zaken om te bouwen moet volpraten - alweer gepraat - lijkt hij geïrriteerd door het publiek dat niet klapt wanneer hij een nummer opdraagt aan alle vrouwen. Vervolgens draagt hij het op aan alle ‘lege mensen’ en ‘alle mensen die van yoghurt houden’. Hij houdt het vijf minuten vol. Daarna, goddank, beginnen zijn ingenieuze beats weer, loeihard en intens.