Column

De finale die we verdienden

Vreemd eigenlijk dat het als vanzelfsprekend werd beschouwd om de Europa League-finale Ajax–Manchester United te laten doorgaan alsof er in Manchester niets gebeurd was. Een (onvoltooide) minuut stilte, rouwbanden bij de spelers uit Manchester en afgelasting van de openingsceremonie – dat moest voldoende zijn.

Het is nu 45 jaar geleden dat IOC-voorzitter Avery Brundage zwaar bekritiseerd werd, toen hij de Olympische Spelen in München liet doorgaan nadat elf leden van de Israëlische ploeg waren vermoord door terroristen. In de collectieve herinnering blijft maar één citaat van hem bewaard: „The Games must go on.”

In Manchester vielen meer doden dan in München, en ook nu was het door een terroristische daad, maar de optie van afgelasting kwam nauwelijks ter sprake. Zoals gebruikelijk waren er weer allerlei uiteenlopende excuses om de wedstrijd te laten doorgaan. Het meest gehoord, inmiddels een cliché: als we ons leven laten verstoren, geven we de terrorist zijn zin. De burgemeester van Manchester voegde er een nieuwe variant aan toe: dankzij de wedstrijd konden de inwoners van Manchester hun eenheid tonen, de wedstrijd zou een soort ode aan de slachtoffers kunnen worden.

Helaas, die terrorist (en eventuele collega’s en sympathisanten) had toch al zijn zin gekregen. Tot ver buiten de Britse grenzen heeft hij het leven kunnen ontregelen – daar kon een uitgesteld voetbalwedstrijdje nog wel bij. En waaruit blijkt dat die inwoners zo’n wedstrijd nodig hadden om hun eenheid te vieren?

Het voornaamste motief om de wedstrijd door te laten gaan, werd niet genoemd, net zomin als destijds door Brundage: afgelasting zou onoverzienbare, financiële gevolgen hebben. Clubs, spelers, supporters, sponsors, tv-stations – iedereen zou schade lijden, ook bij uitstel van de wedstrijd. Dan gaat de macht van het getal, cynisch als altijd, een rol spelen. 22 doden? Sorry, te weinig. 222 doden? We komen in de richting. 2.222 doden? We zijn er!

Achteraf kan vastgesteld worden dat we de wedstrijd kregen die we met z’n allen verdiend hadden. Een waardeloze finale tussen een elftal dat niet wilde voetballen en een elftal dat het op deze dag niet kon. Ook hier won de cynicus, coach Mourinho, die volstond met het ontregelen van het spel van de tegenstander. Reuzetrots vertelde hij later dat dichters in het voetbal weinig prijzen winnen.

Gelukkig zijn er nog wel degelijk goede dichters die het wél lukt; er lopen er helaas meer van rond bij Real Madrid, Barcelona en Bayern München dan bij Ajax. Van die dichters gaat Mourinho komend seizoen nog regelmatig verliezen.

De Engelse krant The Guardian constateerde gisteren misprijzend over Manchester United: „Dit is het duurste elftal dat ooit is samengesteld, en toch eindigde het met Fellaini als enige aanvaller.”

De Argentijnse oud-voetballer Jorge Valdano schreef al tien jaar geleden in dezelfde krant dat de coaches Mourinho (toen Chelsea) en Benítez (toen Liverpool) het voetbal kapotmaakten met hun hang naar controle, die creativiteit en technisch vernuft uitsluit. „Zij die zelf niet het talent hadden om een goede speler te zijn, geloven niet in het talent van de speler, in het vermogen om een wedstrijd met improvisaties te winnen.”

Leve Messi!