Afgestudeerden trekken massaal naar de randstad

Het percentage academici in de Randstad is veel hoger dan in de rest van het land. Meer academici betekent ook: hogere lonen.

Bestuur studentenvereniging Circumflex vlnr Ilse van de Ven, Frederiek Siccama, Max de Gent, Doeke Wullms, Amber Luijbregts, Leon van Schoonhoven, en Nick Sanders. Foto Chris Keulen

Het is niet toevallig: van de zeven bestuursleden van de studentenvereniging Circumflex is er maar één van plan in Maastricht te blijven. De andere zes willen zich na hun bachelor of afstuderen naar elders spoeden, meestal naar de Randstad. Daar zijn de banen. „Maastricht heeft geen eerste klas bedrijven, die zijn in de grote steden”, zegt voorzitter Nick Sanders die International business studeert na het opnoemen van een vijftal Limburgse bedrijven. Hij komt uit het dorpje Reuver nabij Roermond, maar zal niet naar Limburg terugkeren. Hij wil naar het buitenland en uiteindelijk misschien naar de Randstad.

Het is het lot van Maastricht: er zijn 16.000 studenten aan de universiteit, maar na hun afstuderen vertrekken de meesten naar elders. De helft is buitenlands, vooral uit Duitsland, en vertrekt zeker, maar ook de Nederlandse studenten blijven niet, hoewel een belangrijk deel van hen uit het zuiden van het land komt. Volgens een in het tijdschrift Demos te publiceren UvA-onderzoek van Jan Latten, Niels Kooiman en Marco Bontje in samenwerking met het CBS, ligt Maastricht in een niet zo academische omgeving. Het percentage academici in Zuid-Limburg ligt ver beneden het landelijke gemiddelde. De meeste jongeren gaan na hun eindexamen vwo buiten Limburg studeren en blijven vaak daar. En wie in Maastricht heeft gestudeerd, vertrekt daarna.

CBS’er en bijzonder hoogleraar aan de UvA Jan Latten: „Om dit te laten zien hebben wij 35- tot 40-jarigen vergeleken, die de trend aangeven. Daarvan heeft 14 procent een universitair diploma. In Limburg is dat percentage 6 tot 10 procent, terwijl het aantal 16-jarige vwo’ers tussen de 14 en 20 procent ligt. In Friesland is het percentage academici onder 35 tot 40-jarigen zelfs beneden de 6 procent, minder dan eenderde van het aantal vwo’ers. In Haarlem en in Groot-Amsterdam heeft daarentegen een kwart van de dertigersgroep een universitair diploma. Weliswaar nam overal het percentage academici toe, maar veel minder dan in de Randstad. Door 16-jarigen uit 1995 te volgen tot hun 35ste levensjaar, konden we zien hoe de talentvolle jeugd uit de regio vertrok en als afgestudeerde in de Randstad bleef.”

Minder verdiensten in buitengebied

De aanwezigheid van academici maakt een groot verschil voor een regio en stuwt het hele loongebouw omhoog. Iedereen verdient meer, vrouwen werken minder in deeltijd. In 1999 verdienden mannen in het buitengebied 6 procent minder dan leeftijdgenoten in de Randstad. In 2004 was die achterstand opgelopen tot 9 procent. Academici op het platteland verdienen ook 6 procent minder dan academici in de Randstad. Toch is de koopkracht van die hogere lonen niet groter. Buiten de Randstad zijn huizen vaak goedkoper, huren lager en is parkeren soms zelfs gratis. Met een middeninkomen kun je een huis met tuin hebben.

Volgens Latten laat de academicikloof scherp het verschil zien tussen de Randstad en de rest van het land. „Hbo’ers verhuizen niet zo vaak uit de geboortestreek als universitair opgeleiden. Ze vinden het moeilijker om vrienden achter te laten. Hbo-opleidingen zijn ook meer gespreid, zodat je in de regio kunt blijven. Maar academici investeren in maatschappelijk kapitaal en verhuizen dus”, zegt hij.

Ilse van der Ven (20), afkomstig uit het Brabantse dorpje Berlicum, gaat haar master embryologie in Utrecht doen en hoopt daar later ook werk te vinden of in Wageningen en Arnhem waar laboratoria zijn. Max de Gast (23) gaat een half jaar studeren in Madrid. Zijn masters doet hij misschien in Rotterdam waar meer stages zijn. Werk zoekt hij daarna buiten Limburg. Student business en business economics Leon van Schoonhoven (22) komt uit Leiden en wil later weer terug naar de Randstad. „In de Randstad zijn concerten, in Maastricht heb je André Rieu. De Randstad is waar iedereen het over heeft”, zegt studente medicijnen Frederique Siccama (21).

Aanvankelijk hadden de studenten weinig contact met Maastrichtenaren. „En tegen de tijd dat je ze leert kennen, moet je alweer weg”, zegt Sanders. Het Maastrichtse dialect schept afstand. „Als ze horen dat je het niet spreekt, zijn ze niet zo geïnteresseerd”, zegt studente international business Amber Luijbregts. „Versta je ons Maastrichts eigenlijk?”, vroegen de collega’s eens op haar werk. „Nee”, zei ze. Daarna gingen ze door met Maastrichts praten. Ze nam ontslag.

De kloof wordt groter tussen de rest van het land en de Randstad

Het gevolg van de uittocht is dat de kloof groter wordt tussen de rest van het land en de Randstad, waar de regering zetelt. Het vergroot het wantrouwen in het buitengebied volgens Latten: „Zo’n 86 procent van de academici antwoordt ‘ja’ op de vraag of ze vertrouwen hebben in de medemens. Voor mensen met alleen basisschool is dat 39 procent. Vrouwen trekken naar de Randstad en vinden er eerder de juiste baan en een hoogopgeleide partner. Als er veel keuze is, matcht het beter. Het gevolg kan zijn dat in het buitengebied laagopgeleide mannen overblijven die geen partner vinden, wat je ook zag in bijvoorbeeld in het oosten van Duitsland.”

Dichtbevolkt

Volgens Frank Cörvers van het Roa onderzoeksinstituut voor onderwijs en de arbeidsmarkt in Maastricht, valt het wel mee met de uittocht van academici uit Limburg. „Er trekken er net iets meer weg dan er binnenkomen”, zegt hij. Die ontwikkeling ziet hij niet als permanent. „De stroming kan omslaan. In de Randstad is veel congestie en als het er niet meer leefbaar is, gaan er meer mensen naar de rest van het land.” Op latere leeftijd verlangen mensen vaak weer terug naar hun geboortestreek. Maar Zuid-Limburg is dichtbevolkt, dus wat hem betreft mag het daar nog best „een onsje minder”.

Bachelorstudent psychologie Doeke Wullms komt uit Roermond en wil na zijn masters psychologie van sport en prestatie in Utrecht terugkeren naar Maastricht. „Ik heb Maastrichts geleerd, ik heb de mensen leren kennen, mijn familie is vlakbij. Het leven bevalt me hier goed”, zegt hij. Onder degenen die niet bij een studentenvereniging zitten, blijven er meer in de streek. Vaak bleven die bij hun ouders wonen. Van de zeven vrienden die van Roermond naar Maastricht gingen, zijn er al twee afgestudeerd en teruggekeerd naar hun geboortestreek.