Commentaar

Hybride referendumwet schreeuwt nu al om revisie

Nu de Eerste Kamer dinsdag in meerderheid kenbaar heeft gemaakt het associatieverdrag tussen de Europese Unie en Oekraïne te steunen, kan het inmiddels demissionaire tweede kabinet Rutte weer een aanvaard wetsvoorstel aan de eigen scorelijst toevoegen. Het had de nodige voeten in aarde voordat het zover was, maar om de door premier Rutte vaak aangehaalde vergelijking te gebruiken: in de politiek is het proces van worst maken niet altijd het mooiste proces.

De gang van zaken rond het associatieverdrag en het referendum was zelfs een heel lelijk en soms ook verrot proces dat maanden heeft doorgeziekt. Dat is nu voorbij. Het samenwerkingsakkoord met Oekraïne kan volledig in werking treden, maar de politieke prijs die hiervoor in Nederland wordt betaald is hoog: het toch al broze vertrouwen in ‘de’ politiek heeft een forse deuk opgelopen.

Natuurlijk, voor een deel is de Oekraïne-kwestie de gevestigde politiek overkomen. Met een beroep op de net in werking getreden referendumwet wisten tegenstanders van het Verdrag bijna twee jaar geleden via een publicitair uitgekiende campagne een volksraadpleging af te dwingen. Of de motieven van de initiatiefnemers echt zuiver waren, valt te betwijfelen. Vervuild debat is nu eenmaal een van de neveneffecten van het referenduminstrument.

Maar de ambivalente wijze waarop de Haagse politiek vervolgens te werk is gegaan geeft evenzeer te denken. Zo werd slechts mondjesmaat campagne gevoerd voor het Oekraïneverdrag waar Tweede en Eerste Kamer eerder in ruime meerderheid mee hadden ingestemd.

Bovendien deden veel politici schimmig over hoe met de uitslag zou worden omgegaan. Al voordat het referendum was gehouden werd van verschillende kanten gezegd dat de uitslag zondermeer gerespecteerd zou worden. De wet stelt daarentegen duidelijk dat het slechts om een raadgevend referendum gaat.

Het leverde begin dit jaar in de Tweede Kamer de vreemde vertoning op dat het CDA, uitgesproken voorstander van het Oekraïneverdrag, en fervent tegenstander van het referendum als instrument, zich met veel bombarie tegen het compromisvoorstel van het kabinet keerde. Maar de CDA-fractie in de Eerste Kamer bleek er deze week diametraal anders over te denken en sprak juist steun uit voor het kabinet.

Hoe het raadgevend referendum niet werkt is pijnlijk duidelijk geworden. Het leidt slechts tot frustratie. Dat is een zaak die de wetgever zich kan aantrekken. Herziening van de hybride referendumwet is dan ook hard nodig.