In-spin, de spinner is in. Uit-spuit, straks is-ie weer uit

Fidget spinners De kleine, draaiende dingetjes zijn een enorme rage, en zouden nog goed zijn voor kinderen ook. Maar dat is nog maar de vraag.

Scholieren in Den Bosch spelen met de fidget spinner. Foto's Piroschka van de Wouw/ANP

Loop een willekeurig schoolplein op en je ziet ze direct: fidget spinners, de driepotige plastic apparaatjes die je kunt laten draaien, spinnen, op je hand. Of op je voet, of op je knie, of op je neus. De dingen zijn een absolute rage. Bij de Intertoys staan dagelijks aparte rijen bij de kassa voor de ‘fidgets’. Nieuwe leveringen zijn vaak al op voor ze het schap bereikt hebben.

De spinners bestonden al een paar jaar, vertelt Djurre de Wit, brand manager van speelgoedwinkelketen Intertoys, „maar we verkochten ze nauwelijks”. Tot een week of drie geleden, toen ineens elk basisschoolkind niet meer kon leven zonder een of meerdere spinners. „Met dit soort trends gaat het altijd heel snel”, vertelt De Wit. „Kinderen zien die dingen om zich heen op het schoolplein, maar ook op YouTube.” Waar de hype precies begint, op welk schoolplein of bij welke online influencer, is dan niet helemaal duidelijk – de fidget spinners zijn „internationaal”.

De spinners-hype is vergelijkbaar met de rage van de plastic loom-armbandjes die drie jaar geleden ineens de kop op stak: ze zijn toegankelijk en bovendien goedkoop, tussen de 3 en de 7 euro. „Dat heeft het gemiddelde kind wel in zijn spaarpot zitten”, zegt De Wit. Intertoys heeft de afgelopen weken meer dan een half miljoen fidget spinners verkocht. Van bijvoorbeeld knuffelbeestje Hatchimal – de grote rage van vorig jaar en met 70 euro flink duurder – verkocht de speelgoedgigant er ‘slechts’ meer dan tienduizend. „Het zijn vooral de goedkopere producten die vatbaar zijn voor echte megahypes.”

ADHD

Wat meehelpt: de fidget spinners hebben de naam goed te zijn voor kinderen. ‘Helpt bij ADHD’, staat er op verschillende verkoopsites, of ‘goed tegen concentratieproblemen’. Het bewegen van de spinner zou kinderen langer geconcentreerd houden. Jojanneke Kleinhans, die zelf cursussen verzorgt over opvoeden, merkt dat bij haar zesjarige zoon. „Normaal gesproken kan hij ’s avonds na het avond eten nooit stil blijven zitten op de bank.” Maar nu hij de spinner heeft, gaat dat prima. „Geniaal”, vindt Kleinhans. „Het helpt echt bij zijn focus.” Kleinhans experimenteert inmiddels ook met de fidget spinner als didactisch middel. Haar zoon kan bijvoorbeeld de namen van zijn lichaamsdelen nog niet goed onthouden. „Maar als we het met de fidget doornemen – leg hem nu eens op je schouder, nu eens op je elleboog – doet hij het foutloos.” Kleinhans begrijpt niet dat op de school van haar zoon niet meer gebruik wordt gemaakt van de spinner. „Daarmee kan je de rekenles een stuk interessanter maken voor die kinderen”, zegt ze. Ze heeft het al aangekaart bij de leerkracht.

Lees ook de column van Arjan van Veelen over de fidget spinner: Na de stressbal en de Rubik’s Kubus: het genot van de fidget spinner

Maar volgens Monique Thoonsen, pedagoog en fysiotherapeut, is de vermeend concentratieverhogende werking van de fidget spinners vooral een marketingtruc. „De aanbieder heeft handig ingezet op bekende termen als ADHD en autisme, maar ik kan me eigenlijk niet voorstellen dat de werking van de spinners echt wetenschappelijk bewezen is.” Wel is het zo dat ‘friemelen’ kinderen kan helpen zich te concentreren, zegt Thoonsen, die daarover het boek Wiebelen en friemelen in de klas schreef. Zowel onderprikkelde kinderen als juist overprikkelde kinderen kunnen baat hebben bij dat soort gedoceerde afleiding. Onderprikkelde kinderen omdat ze extra prikkels nodig hebben – in de vorm van zoiets als een spinner, dus. En overprikkelde kinderen omdat ze zich juist even willen afsluiten voor alle prikkels om zich heen – en ook dat kan in de vorm van een fidget spinner.

Overprikkeling

Toch is de claim van de fidget spinner als concentratieverhogend nog niet onderlegd, zegt Thoonsen. „Het verschilt namelijk heel erg per kind wat die nodig heeft.” Dat hele klassen nu spinners toestaan tijdens de les, lijkt haar niet zo handig. „Met name voor overprikkelde kinderen zorgt dat juist voor extra afleiding. Zeker door de manier waarop de fidgets gebruikt worden: niet alleen rustig onder tafel maar ook op je neus of je kin.” Sowieso is de fidget spinner wat betreft concentratieverhoging eigenlijk niet het ideale speelgoedje voor in de klas, zegt Thoonsen. Beter is kneedgummetje in je zak, of een veter, of een elastiek. Als die uit je hand vallen hoor je het niet, en de leerkracht heeft er minder last van, net als de kinderen om je heen.

Concentratieverhogend of niet: bij Intertoys neemt de vraag ondertussen niet af. Inmiddels zijn ze er ook met ledverlichting, of glow in the dark, zodat je ’s avonds op je kamer lekker door kan spinnen. „Dit soort grote rages kun je niet echt voorspellen”, zegt De Wit. „Die komen ontzettend snel op, en zijn na een paar maanden ook weer helemaal weg.” Voor de volgende trend zet de speelgoedgigant de zinnen op Fingerlings: een robotisch aapje dat aan je vinger kan bungelen en reageert op aanraking en geluid. Ze zijn net op de markt en kosten tussen de 16 en 20 euro.