DNA-test koppelt overleden directeur van spermabank aan 19 donorkinderen

Jan Karbaat, de overleden directeur van een voormalige spermabank, is zo goed als zeker de vader van in ieder geval negentien donorkinderen. Fiom, de stichting voor ongewenste zwangerschap en afstammingsvragen, vond een match tussen het DNA van de donorkinderen en dat van een wettig kind van Karbaat.

De bevindingen van Fiom vallen samen met een rechtszaak rond Karbaat. Zo’n twintig donorkinderen willen toestemming om hun DNA te mogen vergelijken met dat van de vruchtbaarheidsarts, omdat ze vinden dat ze op hem lijken. Ook zou Karbaat tegen een van de donorkinderen hebben gezegd dat hij haar vader zou kunnen zijn.

Karbaat heeft in het openbaar altijd ontkend dat hij zijn eigen zaad heeft gebruikt bij behandelingen. Zijn erfgenamen zijn tegen het gebruiken van het DNA. Zij vinden dat er onvoldoende aanwijzingen zijn om te denken dat de arts de vader is van de donorkinderen.

Karbaat overleed vlak voor de zitting. Daarna gaf een wettig kind toestemming voor een onderzoek waarbij zijn DNA werd vergeleken met dat van bij Fiom geregistreerde donorkinderen. Ook enkele van de donorkinderen die het kort geding hebben aangespannen staan in die databank.

Met de match is „zeer waarschijnlijk” aangetoond dat Karbaat de vader is van de negentien kinderen, zegt Fiom-directeur Ellen Giepmans. „Ik zou van mijn stoel vallen als het niet zo is. Maar juist nu een rechtszaak loopt, is het belangrijk de nuance te maken.”

De rechtbank mag de bevindingen van het Fiom niet meewegen. De uitspraak is op 2 juni. (NRC)