David Lynch kijkt geen tv

De regisseur is terug met een gewelddadige Twin Peaks, maar vertelt dat hij mediteert om “het totaal positieve” te bereiken.

Regisseur David Lynch. Foto Frederick M. Brown/AFP

David Lynch (71) spreekt zelden met de pers. Maar soms moet het, dat beseft de regisseur ook wel nu hij terug is met achttien nieuwe afleveringen van Twin Peaks. Als een nukkige docent praat hij me een groepje buitenlandse journalisten in Beverly Hills, daags na de Hollywood-première van de eerste twee delen.

Nadat de in geheimzinnigheid gedompelde serie werd onthuld in zijn woonplaats, verschijnen Lynch en Twin Peaks deze week in Cannes. In 1992 werd zijn Twin Peaks-film Fire Walk with Me op dat filmfestival met luid boegeroep begroet. Hij lacht er nu om. “Oh well. Wild at Heart won er eerder de Palme d’Or!”

De dubbelganger komt telkens terug in uw werk, ook in de nieuwe Twin Peaks.
“Ik weet niet waarom. Het gebeurt gewoon. Het heeft te maken met dualiteit en eenheid in het kosmische deel van de menselijke ervaring. Dualiteit en eenheid.”

Vertel eens over het belang van stilte, ook in de nieuwe serie?
“Ze zeggen dat er in het transcendente oneindige stilte is, naast oneindige dynamiek. Die tegenovergestelden bestaan naast elkaar. In mijn opnamestudio is de isolatie zo goed dat je er totale stilte kunt ervaren. Het is ongelooflijk om daar in te duiken. Zó powerful om mee te maken. Tegelijk ontbreekt het eraan in de wereld. Alles komt voort uit dit idee van geen geluid.”

Vandaar meditatie?
“Ja, transcendente meditatie. Een techniek om moeiteloos in het innerlijk leven te duiken, een totaal positieve plek die we allemaal in ons hebben. We kunnen het negatieve overstijgen: de transcendentie. Het is alsof je goud aanvoert en het afval weg doet. Dan zijn we op weg naar ons ware potentieel - verlichting, voldoening en bevrijding.”

Het is 25 jaar sinds de eerste Twin Peaks. Bent u veranderd?
“Ik ben dezelfde persoon. Net als u. Als we met onszelf praten zijn we altijd dezelfde. Wie ben ik? Ik bewerk hout. Ik schilder. Ik hou van muziek en film. Maar het was geweldig om weer in de wereld van Twin Peaks te duiken.”

Uw imago…
Hij onderbreekt. Met een lach: “Mijn artsen vinden dat ik daar niet mee bezig moet zijn. Ik zeg altijd: je kunt een dode schrijver niet opgraven om hem naar zijn boek te vragen. Je moet het boek lezen en het zelf uitvogelen. Doe alsof je een detective bent. Denk na, analyseer en trek conclusies.”

Maar u leeft nog. Waarom zegt uw arts dat?
“Hij moedigt me aan om door te gaan, verder te leven.”

Wordt de nieuwe Twin Peaks net zo’n hit als de eerste?
“Het was een verrassing dat mensen in de hele wereld vielen voor de serie. Een mysterie. Toen we er weer indoken [Lynch schreef de serie wederom met Mark Frost, red.] was de enige regel dat het puur om ideeën moest gaan. Volg de ideeën. Je best doen, en dan weer loslaten.”

Hoe is het om terug te zijn? De tv-wereld is veranderd sinds u begon.
“De leverantie gaat per televisie, maar het is hetzelfde als films maken. Je vertelt een verhaal, met bewegende beelden en geluid.”

Over geluid gesproken: u heeft nog steeds een speciale verhouding met telefoons.
“Ik hou er niet van. Nou ja, ik hou van oude telefoons, dat ouderwetse gerinkel. Een telefoon betekent verstoring van de rust. Als hij gaat en je weet dat het voor jou is: een martelgang. Ik heb ook een hekel een e-mail. We leven in een wereld van verstoorde rust.”

U heeft gezegd nooit meer een film te maken na Inland Empire uit 2006.
“Dat heb ik nooit gezegd. Het werd zo geïnterpreteerd.”

Dus de kans bestaat dat u er nog één maakt?
“Alleen als ik een idee heb. Om een film te maken, of wat dan ook te maken, moet je een idee hebben dat zo opwindend is dat je er voor uit je stoel komt en aan het werk gaat.”

Noem eens een goeie film of serie van de afgelopen tijd? Het is een gouden tijdperk, vooral voor televisiemakers.
“Ik heb al jaren niks gezien, te druk met Twin Peaks. Ik ben niet echt een filmliefhebber. Ik maak graag films, maar ik kijk zelden. En ik kijk geen tv, behalve soms het nieuws.”