Bezoek aan een nieuw stukje Koninkrijk

Koninklijk bezoek De Marker Wadden, vijf nieuwe eilandjes, moeten bijdragen aan een schoon Markermeer. De koning komt kijken bij de aanleg.

Willem-Alexander krijgt uitleg op de Marker Wadden van Jeroen Eikholt van Rijkswaterstaat (l) en Bart van Asperen van Boskalis (r). Foto Lex van Lieshout / ANP

In vrijetijdskleding, zo gewoon mogelijk, stapt koning Willem-Alexander in Lelystad aan boord van een boot die hem naar de Marker Wadden vervoert. Hij legt een werkbezoek af aan vijf eilandjes in het Markermeer. De aanleg daarvan is een jaar geleden begonnen. Het eerste is klaar. „Welkom op dit nieuwste stukje Koninkrijk der Nederlanden”, zegt na een half uur varen Marc van den Tweel, directeur van Natuurmonumenten, de natuurorganisatie die de aanleg met steun van onder meer de Postcode Loterij mogelijk maakt. Een muur van muggen heeft zich tegen de ramen van de boot genesteld.

Willem-Alexander, ontspannen en geïnteresseerd, beent vlot over het verse zand en krijgt uitleg over de stortstenen rand waarmee de aanleg van het eerste eiland, tweehonderd hectare groot, is begonnen. Die rand breekt de golven in het Markermeer. In de luwte daarvan liggen straks moerassen, stranden, ondiepe plassen en een depot voor slib. Doel van de operatie is het schoonmaken van het Markermeer. Nu is het nog een bak troebel water. Over ruim twee jaar, als de eilandjes zijn aangelegd plus een twee kilometer lange geul waarin slib wegzakt, zal het water helder zijn. Er zullen waterplanten groeien. Driehoeksmosselen zullen de algen opeten. Vissen zullen er paaien. En heel veel vogels zullen er een aantrekkelijke verblijfplaats hebben.

Of er ook een duidelijk doel bestaat, wil de koning weten, iets waarvan bouwers en beheerders het gevoel hebben dat het project dan geslaagd is? „Dat de kroeskoppelikaan hier straks zit”, zegt Marc van den Tweel. Natuurmonumenten wil over ruim tien jaar eigenlijk het liefst niet vijf, maar „nog veel meer eilandjes” in het Markermeer hebben aangelegd. „Dat is onze droom.” Ook goed voor de recreatie, trouwens. En voor het vestigingsklimaat in Nederland.