Opinie

Trump heeft gelijk: wij doen te weinig aan defensie

Hogere defensiebudgetten zijn vaak inhaalslagen en geen wezenlijke verbeteringen. Doe meer dan dat, NAVO-landen, betoogt

Minister Hennis (Defensie) in Afghanistan. Foto Piroschka van de Wouw / ANP

Donderdag zal president Trump de handen van de Europese politieke leiders schudden op de minitop van de NAVO in Brussel. Trump zal de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie niet meer obsoletenoemen zoals tijdens zijn verkiezingscampagne. Vicepresident Pence en de ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie, Tillerson en Mattis, hebben de laatste tijd de toon gezet: de NAVO blijft onmisbaar in de onveilige wereld van de 21ste eeuw en de VS staan ook in de toekomst in voor de verdediging van Europa.

Maar verwacht niet dat het allemaal koek en ei zal zijn. Trump zal de gelegenheid gebruiken om de Europese bondgenoten te wijzen op hun tekortkomingen, vooral wat betreft hun defensie-inspanningen. De ongelijke verdeling van de lasten is al langer een doorn in het oog van de Amerikanen.

Trump lijkt bereid de duimschroef aan te draaien waar zijn voorgangers voorzichtig waren. En hij heeft een punt. Op de NAVO-top van Wales in 2014 zeiden alle regeringsleiders toe te streven naar verhoging van de defensie-uitgaven tot twee procent van het bruto binnenlands product (bbp) in 2024. Daarmee is een politiek doel vastgesteld – in Trumps jargon een deal – en Washington verwacht dan ook dat de bondgenoten hun belofte nakomen.

Het meet input, niet output

Bij die tweeprocentsnorm zijn kritische noten te plaatsen. Het meet input, niet output. Wanneer geld wordt besteed aan het verkeerde materieel – waaraan geen behoefte is vanuit NAVO-optiek – is het resultaat negatief. Griekenland is het standaardvoorbeeld. Het land voldoet al vele jaren aan de norm, maar versterkt daarmee vooral de verdediging tegen Turkije. Aan NAVO-operaties doet Athene nauwelijks mee.

Een ander bezwaar is dat in een periode van aanhoudende recessie het defensiebudget daalt door een afnemend bbp, terwijl tegelijk sprake kan zijn van grote onveiligheid. Maar het heeft geen zin meer zulke kanttekeningen te plaatsen. De tweeprocentsnorm heeft een politieke lading gekregen en het is aan de Europese leiders met een antwoord te komen op Trumps vraag „where’s the beef?” Uiteraard gaat het daarbij niet alleen om het geld, maar bovenal om versterking van het Europese defensievermogen ter ontlasting van de Amerikanen.

Duitsers tegen militarisering

Helaas bevinden veel Europese landen zich niet in een goede positie. Overal is sprake van stijging van de defensie-uitgaven, maar meestal betreft het een inhaalslag van recente bezuinigingen. Van versterking van capaciteiten tegenover toenemende dreiging van Rusland en vanuit het Midden-Oosten en Afrika is nauwelijks sprake.

Vooral Duitsland zal door Trump worden gegrild. Berlijn besloot eerder het defensiebudget te verhogen van 34 (2016) tot 40 miljard euro (2021). Maar dat is nog ver van de norm, die een stijging vereist tot circa 60 miljard. Tot de verkiezingen in september zal Merkel voorzichtig zijn. Brede lagen van de Duitse bevolking zijn tegen verdere militarisering. De regering wijst erop dat de uitgaven voor ontwikkelingssamenwerking en wederopbouw in conflictgebieden meetellen. Helaas heeft Washington daar geen oor voor.

Nederland staat er ook niet best voor. Het nieuwe kabinet, van welke samenstelling ook, zal meer geld aan defensie uitgeven. De vraag is hoeveel. Het gemiddelde uit de verkiezingsprogramma’s van VVD, CDA en D66 komt uit op 1,3 miljard erbij, te bereiken in 2021. Dan besteedt Nederland in dat jaar 10 miljard aan defensie. Er resteren dan nog drie jaar om de tweeprocentsnorm te halen, wat resulteert in een defensiebegroting van 15 miljard. Dit lijkt politiek onhaalbaar en is praktisch onmogelijk. Het budget stijgt dan te snel in te korte tijd. Vanwege de beperkingen van het absorptievermogen van de krijgsmacht – aanschaf van materieel, werving en training van personeel kosten tijd – moet een forse budgettoename over langere duur worden uitgesmeerd. Daarmee moet dus tijdens Rutte-III worden begonnen.

Kijken: wat doen NAVO-landen met al dat geld voor defensie? Redacteur Michel Kerres legt uit.

Nederland hoort in kopgroep defensie

Merkel, Rutte en andere Europese leiders vinden wellicht een retorische uitweg. De jaren na 2021 vallen immers na hun komende regeerperiode. Het is makkelijk beloftes te doen over het eigen graf heen. Maar het is spelen met vuur. Niet alleen vanwege Trumpiaanse reacties. Belangrijker is dat sommige Europese landen de verslechterende veiligheidssituatie wel erkennen, maar hieraan onvoldoende gevolgen verbinden. Het is te hopen dat het nieuwe kabinet die oproep serieus neemt.

De nieuwe Franse President Macron zei dat Europa meer aan defensie moet doen. Hij wil met Duitsland een kopgroep opzetten. Nederland moet zich daarbij aansluiten. Uiteindelijk is het minder belangrijk of de tweeprocentsnorm exact wordt gehaald. Waar het echt om gaat is dat Europa verantwoordelijkheid neemt op veiligheidsgebied, de defensie-output verbetert en zo bijdraagt aan betere lastenverdeling met Amerika.