‘God me jee, nee, hij moet poepen’

Fanlokaal Tom Dumoulin

Buikkramp dwong Tom Dumoulin in de Giro op een cruciaal moment tot een sanitaire stop. Hij verloor veel tijd, net niet het roze.

Tom Dumoulin blijft leider in de Ronde van Italië. Behoud van het roze zorgde voor opluchting in fanlokaal The Saloon. Foto Luk Benies/AFP

Ze hadden met veel scenario’s rekening gehouden in café The Saloon in Eijsden, maar niet met een poepende Tom Dumoulin aan de voet van de slotklim in de Koninginnerit van de Giro d’Italia.

Carina Kleijden (46) – geel shirt uit de Tour van vorig jaar met de tekst ‘Ik ben een Dumoulist’ – had zich een paar minuten voor het noodlot toesloeg al niet op haar gemak gevoeld. Ze veegde nerveus haar handen over haar knieën toen ze het gelaat van haar favoriete renner tekenen van zwakte zag vertonen. „Dat gezicht, hè, alsof-ie niet meer kan. Maar dat dacht ik zaterdag ook. En toen won hij gewoon de etappe.”

Nu is het doodstil in de kroeg aan de zo mogelijk nog stillere Ing. Rocourstraat in het Zuid-Limburgse Eijsden, het officieuze fanlokaal van ‘Turbo Tom’ – die bijnaam staat op shirtjes aan de muur. De rolluiken zijn dicht, de tent is nooit open op dinsdag, maar wel als het een dolle is, voor eenieder die wil dat Tom de Giro wint.

Op een beamerscherm zien tien fans achter hun flesje alcoholvrij bier vol afgrijzen dat Dumoulin het niet meer houden kan, op 32 kilometer van de meet. Hij springt van zijn fiets, rukt zijn helm af, krabbelt aan de roze trui die hij voor heel even liever kwijt dan rijk is, en kan zich dan pas ontdoen van de bretels aan zijn wielerbroek. Darmproblemen, pure pech.

„God me jee, nee”, rolt er op zijn Limburgs door The Saloon. „Hij moet poepen”, stelt Frank Vleugels (44) schreeuwend vast. „Dat moest-ie ook al in de Tour vorig jaar, toen in die camper”. Vleugels schudt het hoofd. „Dit is geen goed teken.”

Het moment waarop Dumoulin plotseling langs de kant stopt. De tekst gaat verder onder de video.

Twitter avatar TeamSunweb Team Sunweb #Giro100🇮🇹 @tom_dumoulin is facing some stomach problems. Now attempting to chase back to the GC group.

Dumoulin-vlaai

Toen het peloton eerder die middag in alle rust over de Stelvio klom, was er nog volop optimisme in het bruine café. Er werd speciale Dumoulin-vlaai geserveerd van een bakkerij in Meerssen – aardbeiensmaak, twee roze truitjes van marsepein eroverheen gedrapeerd – en uitbater Jannie Driessen had een meer dan blijmoedig onderbuikgevoel. „Iets in mij zegt dat het deze Giro gaat gebeuren”, zei hij vanachter zijn toog. „Ik roep het al zes jaar, maar niemand wil me geloven. Volgende week gaan ze me allemaal gelijk geven.”

Ook de 23-jarige Raymond Pauwels was toen nog zeker van zijn zaak. „Ik zat zaterdag in de bus naar Rotterdam en joeg mijn hele databundel erdoorheen om Tom te kunnen zien winnen. Ik kan me niet meer voorstellen dat hij gaat verliezen, zeker niet met die tijdrit in Milaan nog voor de boeg.”

Amper een uur later rust zijn hoofd in zijn hand, en kijkt hij als een denkend kunstwerk van Rodin naar het grote scherm, buurman Vleugels spiegelt die houding. Het optimisme dwarrelt ergens over de stille straten van Eijsden, zeker als blijkt dat Dumoulin meer dan een minuut heeft verloren met zijn sanitaire noodstop. „Dat doet Max Verstappen toch sneller”, grapt iemand. De zenuwen worden weggelachen.

Een eenzame renner in het roze. Herinneringen aan de lijdensweg van Steven Kruijswijk, vorig jaar, doemen op. Dumoulin drinkt, knijpt een sportgel leeg. Vooraan wachten de favorieten even, maar met nog vijf kilometer tot de top niet langer. Nu wordt het een tijdrit naar boven, klinkt het hoopvol, terwijl een groep met Illnur Zakarin, Nairo Quintana, Vincenzo Nibali en Domenico Pozzivo uitlopen naar ruim twee minuten, mannen die in het algemeen klassement kort achter Dumoulin staan. Driessen gelooft zijn eigen scherm niet, en klokt de verschillen zelf met de stopwatch op zijn mobiele telefoon.

Virtueel uit het roze

Tijdens de afdaling geeft de tijdwaarneming drie minuten verschil aan. Dumoulin virtueel uit het roze. „Misschien maar beter ook”, vindt Pauwels, in een poging tot berusting. „Hoeft hij tenminste niet al die persconferenties af. Dat kost uren.” De ogen van Vleugels staan dof: „Dit is een tik.”

Nibali daalt als een dwaas – springt vlak voor het aansnijden van een haarspeldbocht over een plas water – maar wint de sprint van Mikel Landa. Quintana wordt derde. Een groep met Kruijswijk volgt, en dan is het wachten op Dumoulin. Niemand in The Saloon weet precies waar hij zit. Zal hij het roze kwijtraken? En zo ja, is het gat dan nog te overbruggen? Hij zou ook zomaar doodziek kunnen zijn.

Als hun held komt aangereden, klinkt in het gejuich de ontlading door van een fanclub in de dop. De oprichting is naar verwachting in september, met of zonder medewerking van Turbo Tom.

„Hij is er al”, wordt er geroepen. Applaus in Eijsden. Dumoulin is op een of andere manier op krachten gekomen in de afdaling naar Bormio en is blijven knokken voor elke centimeter asfalt. Diep moet hij in zijn reserves tasten om 31 seconden over te houden op Quintana, maar het lukt.

The Saloon haalt opgelucht adem.