Fiom: directeur spermabank vader van 19 donorkinderen

Stichting Fiom vond een match tussen het DNA van de donorkinderen en dat van een wettig kind van Karbaat.

Beeld ter illustratie. Foto Koen van Weel/ANP

Jan Karbaat, de overleden directeur van een voormalige spermabank, is zo goed als zeker de vader van in ieder geval negentien donorkinderen. Fiom, de stichting voor ongewenste zwangerschap en afstammingsvragen, vond een match tussen het DNA van de donorkinderen en dat van een wettig kind van Karbaat.

Zo’n twintig donorkinderen hebben deze maand de rechter toestemming gevraagd om hun DNA te mogen vergelijken met dat van Karbaat. Zij vinden dat ze op de arts lijken. Karbaat zou tegen een van de donorkinderen hebben toegegeven dat hij haar vader zou kunnen zijn, maar heeft in het openbaar altijd ontkend dat hij zijn eigen zaad heeft gebruikt bij behandelingen.

Gebruiksartikelen

De donorkinderen hebben onlangs beslag laten leggen op 27 gebruiksartikelen van Karbaat, die mogelijk DNA bevatten. De wettige erfgenamen van de arts zijn tegen het vergelijken van het erfelijk materiaal. Zij vinden dat er onvoldoende aanwijzingen zijn om te denken dat Karbaat de biologische vader is van de donorkinderen.

Lees ook een interview met Ties van der Meer, zoon van een anonieme zaaddonor: ‘Als zaaddonor kom ik iets dichter bij de man van wie ik afstam’

Karbaat overleed enkele weken voor de zitting, waarna een van zijn wettige kinderen toestemming gaf voor het onderzoek. Met de match is “zeer waarschijnlijk” aangetoond dat Karbaat de vader is van de kinderen, zegt Fiom-directeur Ellen Giepmans.

“Ik zou van mijn stoel vallen als het niet zo is. Maar juist in de situatie van de lopende rechtszaak vind ik het belangrijk de nuance te maken.”

Enkele van de negentien ‘gematchte’ donorkinderen zijn ook eisers in de zaak, maar de meesten staan niet ingeschreven bij de databank van het Fiom. De rechtbank in Rotterdam mag de bevindingen van het Fiom niet meewegen. De uitspraak is op 2 juni.