Recensie

Wachten op het wonderkind

Er is een wachtlijst voor de Opel Ampera-E, tot verdriet van .

De Opel Ampera-E gefotografeerd bij het hoofdkantoor van Opel Nederland in Breda Foto Peter de Krom

De Opel Ampera-E is de spectaculairste nieuwkomer van 2017. De vooralsnog enige volwaardige elektrische familie-auto in de prijsklasse rond 40 mille maakt zijn beloften waar. De aangekondigde actieradius van 520 kilometer op basis van de frauduleuze Europese NEDC-verbruikscyclus leek doorgestoken kaart. Maar de 380 kilometer die Opel met de nieuwe, preciezere Light Vehicle Test Procedure boekstaafde, haalt hij spelenderwijs. Ruim 400 is geen utopie, snelwegkilometers inbegrepen. Dat krijgen BMW i3, Renault Zoe en VW E-Golf voor bijna hetzelfde bedrag nooit voor elkaar.

Het recept: rustig rijden, waar mogelijk op de cruise control – in het drukke westen kom je toch zelden boven de honderd uit. En: strategisch gebruikmaken van de zogenaamde L-stand op de automaat. Daarmee remt de auto bij gas loslaten extra op de motor af, die daarbij energie regenereert. De airco laat het verbruik minder dramatisch stijgen dan ik vreesde.

Met een lengte van 4,16 meter is de Ampera prettig klein, maar door de compacte elektromotor en de onder de vloer weggewerkte 60 kWh-accu aanzienlijk ruimer dan vergelijkbare grote benzine-auto’s. Ondanks zijn hoge gewicht van bijna 1.700 kilo is hij met 204 pk razendsnel en van de op 150 begrensde topsnelheid heb je geen hinder.

Nadeel is het ontbreken van een navigatiemodule. Opel vindt dat je dat net zo makkelijk vanaf je telefoon op het multimediascherm kunt projecteren, maar prettiger is een inbouwsysteem dat laadpunten op de route aangeeft, zoals de meeste elektrische auto’s hebben. Op slechte wegen veert het Opeltje weliswaar wat hobbelig, sturen doet het onverwacht lichtvoetig.

Noorwegen

Des te pijnlijker dat Opel het wonderkind niet kan leveren. De wachttijden zijn opgelopen tot een jaar. In de Amerikaanse General Motors-fabriek waar de Ampera en zijn tweelingbroer Chevrolet Bolt worden gebouwd, komt de productie mondjesmaat op gang. Verder wordt de productiecapaciteit belast door de enorme vraag uit Noorwegen, dat elektrisch rijden sterk stimuleert; daar zijn er al bijna 5.000 verkocht.

De enige oplossing is de Chevrolet-versies uit de VS te halen, waar de Bolt in een EV-vijandig Trump-klimaat niet aanslaat. Wachten is geen optie. Nu heeft de auto in zijn klasse nog het rijk alleen, maar volgend jaar komen de eerste concurrenten op de markt die hetzelfde kunnen. GM-fabriek, los het op – Opel, consument en milieu hebben er recht op.

Mijn Ampera-odyssee begint in Oslo, waar intussen 35 procent van de nieuwe auto’s met een stekker is uitgerust; Noorwegen wil in 2025 met de verbrandingsmotor hebben afgerekend. De winterse weersomstandigheden, slecht voor de accu’s, zijn een goede graadmeter voor zijn klimaatbestendigheid – die niet teleurstelt. Bij temperaturen net boven het vriespunt haalt hij op heuvelachtige wegen 350 kilometer. In het vlakke, minder koude Nederland zou hij stukken verder moeten komen.

Dat blijkt wanneer ik hem een week later van Breda naar Drenthe rijd. Over 237 kilometer – deels snelweg, deels B-weg – verbruik ik bij een buitentemperatuur van 11 graden en met een behoedzame rijstijl 35,8 kWh stroom ofwel 60 procent van de accucapaciteit. Een veelbelovend resultaat, dat ik vier met een uitbundig gereden boodschappenrit naar Groningen. Dat maakt 290 kilometer op één dag en nog heb ik er volgens het display minstens honderd over. Na het bijladen heeft de boordcomputer op basis van mijn rijgedrag de verwachte reikwijdte opgeschaald naar 431 kilometer na de tweede laadbeurt zie ik zelfs een maximale actieradius van 490 verschijnen.

Zo haal ik twee ritten naar Hilversum en Amsterdam heen en terug zonder bijladen. Op de twee keer zo dure Tesla’s na is de Ampera de enige EV die dat klaarspeelt. Op de snellaadpunten van Fastned hoef ik dus geen beroep te doen.

Toch zullen Ampera-rijders de stroomleveranciers met snelle laders op hun knieën danken. EV’s met zulke grote accu’s thuis opladen kost veel tijd. En te veel openbare laadpunten hebben te weinig opschiet. Na 342 kilometer rijden deed de suffe dorpslaadpaal in Norg er zeventien uur over om de verbruikte 48,8 kWh aan te zuiveren. Als je de volgende dag weer vroeg en ver op pad moet, doe je er op zo’n lang traject verstandig aan hem onderweg toch even aan de snellader te hangen, zodat de wachttijd thuis binnen de perken blijft. Briljante auto.