Recensie

Pindapret

Deze week maakt Janneke Vreugdenhil pindakaas. Want dat suffige broodbeleg is hard op weg de nieuwe avocado of havermout te worden.

Illustratie Istock

Wanneer er in twee maanden tijd twee kookboeken gewijd aan pindakaas verschijnen, wanneer er diverse artisanale fabriekjes worden geopend die zich toeleggen op het vervaardigen van de allerlekkerste, pardon alleréchtste versie ervan, en wanneer je op Instagram een keer of drie miljoen struikelt over #peanutbutter, dan weet je: pindakaas is geannexeerd door de hipster en waarschijnlijk niet meer te stoppen.

Pech voor de pindakaashater, maar van een tikje suffig en toch al decennia going strong broodbeleg – wie is er niet groot mee geworden? – is dit goedje van gemalen pinda’s hard op weg om een trendy, multi-inzetbaar ingrediënt in onze keukenkastjes te worden. Niet alleen voor op brood dus, maar voor alles. Smoothies, salades, soepen, sauzen, koekjes en taart, je kunt het zo gek niet bedenken of er blijkt een klodder pindakaas in te kunnen.

Ik vind dat wel leuk. Als het de kant op gaat van de havermout, de avocado en de granaatappelzaden, dan komt er ook wel weer een verzadigingspunt. Een moment waarop je denkt: opzouten met die pindakaas! Maar zover is het nog niet.

De boeken die ik hierboven noemde, zijn nogal verschillend. Het pindakaasboek van Jennifer Foster en Lianne Koster is een fris wit bundeltje met behalve ongegeneerde zoetigheden als pindafudge en pindakaasbrownies ook aandacht voor health food. Zo staan er onder andere een shake in van boerenkool en pindakaas en balletjes van gemalen dadels, walnoten en pindakaas. Prima, maar wat dan weer ontbreekt, is een recept voor de pindakaas zelf.

Alleen al om die reden ben ik meer gecharmeerd van Pindakaas van Saskia Lelieveld en Marije Sietsma. De recepten hebben ook een wat hoger juich-gehalte. ‘Dikke vette pinda-chocotaart’ bijvoorbeeld en ‘Lekker plakkerige spareribs’.

Goed, voor recepten mét pindakaas mag u een van de boeken raadplegen. Wij gaan hier het spul zelf fabriceren. Geen palmolie, suiker, maar niets dan pinda’s en een snufje zout. Superechte pindakaas.