Vluchteling met superkrachten op filmfestival Cannes

Cannesblog #3

Cannes is meestal weinig geëngageerd, maar de vluchtelingenproblematiek gaat dit jaar niet onopgemerkt voorbij. Meest excentriek is Jupiter’s Moon, over een Syrische vluchteling die kan vliegen.

Foto Regis Duvignau/REUTERS

Cannes doet van oudsher niet zo heel veel aan politiek geëngageerde films, minder in ieder geval dan de festivals van Venetië en Berlijn. Maar dat is wel aan het veranderen. De vluchtelingenproblematiek gaat dit jaar niet onopgemerkt aan Cannes voorbij. De geliefde Britse actrice Vanessa Redgrave debuteert op haar tachtigste als documentaire-regisseur met Sea Sorrow: een aanklacht tegen de geringe bereidheid van Europese regeringen om vluchtelingen uit oorlogsgebieden in Syrië en Afghanistan op te nemen.

Op zondag gaat Michael Hanekes Happy End in première, waarin een welvarend gezin in Calais zoveel mogelijk langs de misère van vluchtelingen heen probeert te leven.

Maar er zijn maar weinig filmmakers die de vluchtelingenproblematiek op zo’n excentrieke manier bij de kop nemen als de Hongaarse regisseur Kornél Mundruczó in Jupiter’s Moon. Daarin blijkt een uit Syrië afkomstige vluchteling, die is gestrand in Boedapest, over superkrachten te beschikken. Hij kan vliegen.

Mundruczó maakte drie jaar geleden al eens een bizarre parabel over de politieke situatie van minderheden in Hongarije – en impliciet in de rest van Europa. In White God zijn de honden van Boedapest het zat om altijd maar de mindere van de mens te zijn. Ze grijpen op een kwade dag de macht en deinzen er niet voor terug om hun voormalige kwelgeesten, de mensen dus, de keel door de bijten.

Nieuwe wending

Die prikkelende film van Mundruczó, die voorheen vooral nogal ondoorgrondelijke auteursfilms maakte, was een nieuwe wending voor hem. De film was in 2014 in Cannes te zien in het bijprogramma Un certain regard en won daar prompt de hoofdprijs. Dit jaar is Mundruczó terug in de competitie, het hoogste podium van het festival, met het vergelijkbare Jupiter’s Moon. Dat is wel een typisch geval van programmeurs die te laat wakker worden, want Jupiter’s Moon is minder goed geslaagd dan White Dog.

Mundruczo’s methode is ongewijzigd: hij neemt de – in zijn ogen – absurde politieke toestand van de wereld op dit moment met alle wreedheid, ongelijkheid en corruptie als uitgangspunt en drijft de situatie tot het uiterste door. Een asielzoeker met de naam Aryan (Zsombor Jéger) , afkomstig uit Homs, is met zijn vader op de vlucht. Bij een poging om over te steken naar Europa wordt hij neergeschoten. Maar Aryan blijkt onkwetsbaar te zijn, en hij blijkt ook nog eens te kunnen vliegen. De aan lager wal geraakte arts Dr. Stern (Merab Ninidze) die werkt in vluchtelingenkampen en bijverdient door hier en daar vluchtelingen tegen betaling te laten ontsnappen, ziet in Aryan een lucratieve nieuwe broodwinning.

Engel

Stern gaat langs bij kapitaalkrachtige patiënten, biedt ze de wonderlijke geneeskracht aan van zijn engel die op het gepaste moment opstijgt, en hoopt zo rijk te worden en zijn schulden af te betalen. Tot zover is Jupiter’s Moon een originele, lichtelijk krankzinnige film.

Maar het gaat mis als Dr. Stern zelf steeds meer in zijn engel gaat geloven, die steeds met veel spektakel en kabaal opstijgt. Aanvankelijk is hij een dronken, cynische atheïst. Als evangelisten hem een Bijbel proberen aan te smeren, snauwt hij dat hij dat boek niet leest: er staat te veel incest, moord en doodslag in. Dankzij de wonderlijke vermogens van Aryan komt hij toch tot inkeer. We leven tegenwoordig in een horizontale netwerkmaatschappij, mijmert hij, we zijn het verleerd om nog omhoog te kijken. We moeten weer offers leren brengen voor een goede zaak.

Als Aryan ook nog eens wordt aangezien voor een religieuze terrorist – terwijl hij dus eigenlijk een engel is – legt Mundruczo de moraal en nog dikker bovenop. Als hij zich had beperkt tot het ontregelen van de politieke actualiteit met absurdisme, was Jupiter’s Moon een beter te genieten film geweest. Het kan zijn dat elk sprookje, hoe absurd ook, een vet onderstreepte, moraal moet hebben. Dat hoort bij het genre. Maar Jupiter’s Moon knapt er niet van op.