‘Bezuinigingen van Teeven bedreigen de rechtsstaat’

„Fred Teeven heeft met zijn uitspraken bevestigd wat veel advocaten al heel lang vermoeden”, zegt Geertjan van Oosten, secretaris van de Vereniging van Strafrechtadvocaten.

Bart Maat / ANP

Advocaat Geertjan van Oosten. Van Oosten advocaten

Lees deze maar, zegt advocaat Geertjan van Oosten, secretaris van de Vereniging van Strafrechtadvocaten. Sinds de publicatie van de veelbesproken uitspraken van voormalig staatssecretaris Fred Teeven over de bezuinigingen op de rechtsbijstand stroomt zijn mailbox vol. „De uitlatingen zijn onthutsend”, leest hij voor uit een bericht van een collega. „Zij bevestigen het gevoel dat adequate rechtsbijstand niet langer in het belang is van de rechtsstaat. Daar is de cliënt in de eerste plaats de dupe van.”

Het citaat vat volgens Van Oosten wel samen hoe groot het ongenoegen is over de bezuinigingen die sinds 2013 zijn ingevoerd. „Teeven heeft met zijn uitspraken bevestigd wat veel advocaten al heel lang vermoeden: de bezuinigingen op de rechtsbijstand zijn niet alleen ingegeven door een gebrek aan geld. Het is een verkapte manier om verdachten van strafbare feiten harder te straffen.”

Kunt u een voorbeeld geven van de gevolgen van die bezuinigingen voor verdachten van een strafbaar feit?

„Na heel lang aandringen van de advocatuur heeft Nederland onder druk van het Europese Hof geregeld dat verdachten na hun aanhouding een advocaat mogen consulteren die aanwezig is bij het eerste verhoor dat door de politie wordt afgenomen.

In de praktijk mag een advocaat niet veel, maar daar gaat het nu niet om. De vergoeding van die bijstand tijdens het eerste verhoor is nu grofweg 150 euro voor een normale verdenking en 300 euro voor een feit van 12 jaar en meer. Dat zijn vaste tarieven. Of zo’n verhoor nou twee uur of twee dagen duurt, het tarief verandert niet. Feit is dat een advocaat op die manier geen adequate bijstand kan geven.”

Lees ook het opiniestuk van advocaat Gerard Spong en zeven collega’s: Maak Fred Teeven geen staatsraad, zijn ideeën deugen niet

Heel veel mensen zullen zeggen: er zijn veel waarborgen in ons systeem die eventuele fouten corrigeren. Wat zegt u tegen hen?

„Kijk naar de manier waarop Nederland omgaat met voorlopige hechtenis. Daar is Nederland meerdere keren voor op de vingers getikt omdat verdachten vaak te gemakkelijk en veel te lang worden vastgehouden. Weet je wat een advocaat vergoed krijgt voor een verzoek om opheffing voor de voorlopige hechtenis? Schrik niet: niks. We hebben dus een systeem om onterechte beslissingen aan te vechten maar zijn niet bereid om de juridische bijstand die daarvoor nodig is te betalen. Dat moeten mensen zelf doen. Maar wat nu als je onterecht vastzit en niet het geld hebt om dat aan te vechten?”

We hebben dus een systeem om onterechte beslissingen aan te vechten maar zijn niet bereid daarvoor te betalen

Wat is er mis met de gedachte om verdachten zelf een deel van hun verdediging te laten betalen nadat zij zijn veroordeeld?

„Niet alle verdachten die worden aangeklaagd zijn ook daadwerkelijk schuldig. De verdediging is vaak een kwestie van monnikenwerk: een zoektocht naar details waaruit kan blijken dat de lezing van de verdachte klopt. Maar wat doe je in de wetenschap dat je die verdediging zelf moet betalen, ook als je onterecht vastzit. Ga je dan die twintig getuigen horen die nodig zijn om je onschuld aan te tonen? Dat is een dilemma dat vaak zal gaan spelen. Er is ook fors bezuinigd op het Openbaar Ministerie. Het gevolg: slordige dossiers en slecht voorbereide officieren van justitie. Dan is het aan de rechtbank om orde op zaken te stellen. Dat gebeurt soms, maar vergeet niet dat ons systeem is gebouwd op vertrouwen in het dossier en de samensteller daarvan: het Openbaar Ministerie. De verdediging moet dan laten zien dat een zaak anders in elkaar zit. En dat kost tijd en het probleem is nu in toenemende mate dat we de tijd die nodig is niet meer vergoed krijgen. Met name bij de zogenoemde bewerkelijke zaken.

De ironie is dat er bij dit soort ingewikkelde zaken, waarin de rol van de advocaat van het grootste belang is, steeds moeilijker wordt gedaan over de vergoeding van de uren die advocaten moeten maken voor een adequate verdediging.”

De druk ligt dus meer dan ooit bij rechters?

„Ja, dat klopt. Ik heb nog altijd vertrouwen in de rechterlijke macht. We moeten daar heel zuinig op zijn. En wat zie je nu gebeuren? Steeds vaker worden zaken afgedaan buiten de rechter om. Dat zijn de zsm-zaken: zo spoedig mogelijk. In die zaken is de politie de aangever en de officier van justitie de aanklager en de rechter tegelijk. Verdachten denken: laat ik maar akkoord gaan, dan ben ik er vanaf. Alsof het om een parkeerboete gaat, terwijl ze dan ongewild een strafblad hebben. Achteraf blijkt heel vaak dat ze dan zwaarder gestraft worden dan de rechter zou hebben gedaan.”