Column

Macron, Merkel en de EU: de zaak beweegt

Emmanuel Macron houdt de vaart erin. Met de benoeming van een ministersploeg van linkse én rechtse zwaargewichten, strikt man-vrouw-evenwicht en veel niet-beroepspolitici, houdt hij het publiek in de ban en destabiliseert hij zijn tegenstanders, centrumrechts voorop (Centrumlinks hing al in de touwen). Of deze zetten de Franse president in juni de parlementaire meerderheid brengen blijft onzeker. Maar de nieuwe man weet wat hij wil en denkt buiten vaste kaders: ook zonder meerderheid zal hij wegen vinden om te regeren. In Frankrijk – en in Europa.

Ronduit stralend ontving Angela Merkel hem afgelopen maandag in Berlijn, tijdens Macrons eerste buitenlandse bezoek. Ook voor haar is Europapolitiek binnenlandse politiek. Meer nog dan andere buurlanden hield Duitsland tijdens het Franse kiesspektakel de adem in; groot was er de opluchting over Le Pens verlies, verwelkomd wordt Macrons erkenning dat hersteld Frans-Duits vertrouwen begint met economische hervormingen in Frankrijk. Een extra reden voor Merkels goede humeur: haar CDU versloeg de dag ervoor in Noordrijn-Westfalen met overmacht de SPD van uitdager Schulz. Dus moeten er rare dingen gebeuren wil zij in september van de Duitse kiezers geen nieuw mandaat krijgen. Merkel zit dan tot eind 2021, Macron tot voorjaar 2022 – en als hun collega May de Britse verkiezingen wint, regeert ook zij tot 2022. Het geeft de dynamische driehoek Berlijn-Parijs-Londen, die bepalend is voor de Europese politiek, in woelige tijden stevig leiderschap en – heel kostbaar – greep op de tijd. Kom daar vandaag maar eens om in het Washington van Trump.

Aan May en haar Brexit besteedden Merkel en Macron in Berlijn weinig woorden. Ze willen vooruit. Twee zaken vielen op. Ten eerste: beiden willen „op middellange termijn” (lees: na de Duitse verkiezingen) de EU en de eurozone hervormen, met een verdragswijziging als dat nuttig is. De zaak gaat dus bewegen. Het zou goed zijn als de onderhandelaars aan het Binnenhof – wie er ook aanschuift aan tafel – zich niet bij voorbaat klemzetten. Ons referendumtrauma van 2005 is geen excuus meer voor bewegingsweigering. Aan hun toenmalige non hebben de Fransen even slechte herinneringen als wij; moge Macrons moed Rutte tot voorbeeld strekken. De EU moet er ook zijn voor de verliezers van de globalisering. Macron herhaalde in Berlijn de frustratie jegens de EU, van de miljoenen die niet op hem stemden, te hebben gehoord. Concreet willen beide regeringen de Detacheringsrichtlijn aanpassen: maak het moeilijker voor een Pools uitzendbureau tegen Pools tarief op de West-Europese markt te opereren. Ook willen ze een meer strategische handelspolitiek. Zonder in Trumpiaans protectionisme te vervallen mag Europa niet de gekke Henkie van de wereldeconomie worden, waarbij wij onze markten openen zonder toegang te krijgen tot bijvoorbeeld de Chinese. Economische Realpolitik.

Frans-Duitse initiatieven krijgen hun beslag in de Europese Raad van regeringsleiders. Geen toeval dus dat toppenvoorzitter Donald Tusk al woensdag te gast was bij Macron op het Elysée. De Pool zei juist als patriot in een „verenigd en soeverein” Europa te geloven. „Woorden als veiligheid, bescherming, waardigheid en trots moeten terugkeren in ons politieke woordenboek”, vervolgde hij. „Er is geen reden om (…) de extremisten en populisten het monopolie op die termen te laten. Cynisch profiteren zij vandaag van sociale zorgen en onzekerheid, hun eigen model van bescherming bouwend op vooroordeel, autoritarisme en georganiseerde haat. Ons antwoord moet glashelder en besluitvaardig zijn.”

Prikkelende gedachte: misschien begint een Europese ‘herstichting’ niet met institutioneel geknutsel maar met een herovering van de taal.

Luuk van Middelaar is politiek filosoof en hoogleraar Europees recht en EU-studies in Leiden en Louvain-la-Neuve.