Column

De pont van kwart over elf

Ik moest in Landsmeer zijn en dacht kom, ik pak de fiets. Zodoende nam ik op een stralende morgen het veer naar Noord, wat nooit een straf is en nu zeker niet: verbazing werd mijn deel. De pont naar Buiksloterweg was op dit uur, iets na elven, barstensvol. Alsof het de spits was in plaats van een daluur. Op het voor- en achterdek was geen plekje meer vrij. Ik bezag de scooters en fietsers, hutjemutje op het IJ, en besefte hoeveel er is veranderd sinds Gerard van Westerloo en Elma Verhey in 1981 hun beroemde longread (zeggen wij nu) De pont van kwart over zeven publiceerden. De drukte die toen werd veroorzaakt door de harde en trouwe werkers gaat nu 24/7 door.

In de tijd van de VN-bijlage ging er ’s morgens vroeg een vrijwel lege pont naar Noord en keerde hij vol terug naar het Centraal Station; om vijf uur ’s middags het tegenovergestelde. Sinds de revitalisatie van het stadsdeel boven het IJ trekken horden passagiers naar Noord of juist in omgekeerde richting. Vol heen, vol terug.

Feitelijk zijn er maar twee elementen dezelfde gebleven, dacht ik in de schaduw van het gangpad: de lengte van de overtocht (vier minuten) en het starende zwijgen van de passagiers. De arbeiders en kantoorbedienden in de reportage van Vrij Nederland zeiden niets tijdens hun overtocht, de al dan niet jonge creatievelingen op weg naar de voormalige scheepswerven in Noord voeren evenmin gesprekken met elkaar. Het staren zelf is wel veranderd: toen over het water, nu in smartphones. Misschien is de tijdgeest wel nergens zo goed voelbaar als hier op het water: tussen het lucide-modern overkapte station en Noord, van waar de tot een horeca-walhalla verbouwde Shell-toren, EYE, en tal van nieuwe ondernemingen en etablissementen hun lokroep op alle uren van de dag naar de oude stad verzenden. Met succes.

Misschien is de tijdgeest wel nergens zo goed voelbaar als hier op het water

De sociale ellende van 1981, de smerige bouwvallen waar sommige van de werkers uit Noord in bleken te wonen, heeft plaatsgemaakt voor hoop, dynamiek en onrust. Toch voelt menigeen in Noord nog steeds een vergelijkbare wanhoop als de hoofdpersonen destijds in VN. De idee in de steek te zijn gelaten door De Politiek, die toen boven kwam drijven, drijft nu duizenden in de armen van Wilders. De opgeknapte straten en het blinkende nieuwe winkelcentrum op het lange tijd verloederde Mosveld veranderen daar nog weinig aan.

Maar zal de onvrede in Noord niet vanzelf bezwijken onder de komst van nog veel meer nieuwe welvarende bezoekers en bewoners? Ergens onder de pont waarop ik vaar wordt de tunnel van de Noord/Zuidlijn afgetimmerd; over ruim een jaar zal die in gebruik zijn. Rechts van mij, in oostelijke richting, zal enige tijd later een brug verrijzen die veel Noordelingen van hun gevoelde isolement zal bevrijden. En intussen zullen meer en grotere ponten worden ingezet.

Nog even en Noord, de miskende appendix van de stad, hoort er helemaal bij.

Auke Kok is schrijver en journalist.