Hoe je weer snel van een Chanel afkomt

Mode Voor gebruikte designerkleding en -accessoires kun je veel geld krijgen. ‘Pre-owned’ is in de mode. En er gaan miljarden in om.

Illustratie: Paul Faassen

Toen Anna Wasielewska acht jaar geleden haar spullen inpakte voor een verhuizing, besefte ze opeens dat het eigenlijk „bezópen” was, zoveel designerkleding, -schoenen en -tassen als ze in de loop van vijftien jaar had verzameld. Als inkoper en bedrijfsleider van modewinkels moest ze er representatief uitzien, en kon ze met korting aan mooie dingen komen. Maar, zegt ze, „ik was ook koopverslaafd. Ik had zo veel, dat ik de leuke dingen niet meer zag.”

Wasielewska besloot een deel van haar verzameling te verkopen. Aanvankelijk deed ze dat via Marktplaats. Toen dat een succes werd, begon ze een site waarop ze ook spullen van anderen, in het begin vriendinnen, aanbood: 035vintage, die meteen haar baan werd. Tegenwoordig staan daar altijd zo’n 1.300 artikelen tegelijk op; van een spijkerbroek van DSquared2 (89,95 euro) tot een krokodillenleren tas van Hermès (prijs op aanvraag).

035vintage is lang niet de enige succesvolle doorverkoopsite. De handel in, vaak recente, tweedehandsdesignerspullen – tegenwoordig liever aangeduid als ‘pre-owned’, vaak met ‘with love’ erachter – is de afgelopen zeven jaar uitgegroeid tot een miljardenindustrie. In 2015 werd volgens consultancybedrijf Bain & Company voor 16 miljard euro aan tweedehandsluxespullen verhandeld, inclusief sieraden en horloges. Die zorgden nog voor het grootste gedeelte van dat bedrag, maar tassen waren de snelst groeiende categorie.

Bij Vestiaire Collective, de grootste doorverkoopsite van Europa, staan gemiddeld 600.000 items online. Het zeven jaar oude bedrijf is actief in vijftig landen – driekwart van de transacties is tussen mensen uit verschillende landen – en er werken zo’n 240 mensen. De omzet steeg de laatste vier jaar elk jaar met 60 procent. Vestiaire Collective haalde begin dit jaar 58 miljoen euro aan investeringen op en wil in 2017 nog 200 mensen aannemen.

Bij het Nederlandse Designer-Vintage kun je elk moment zo’n 3.000 kledingstukken en accessoires vinden. Op Rebelle, een vier jaar oude, van oorsprong Duitse site, zo’n 30.000. Vestiaire Collective en Rebelle hebben niet alleen voor de vormgeving goed gekeken naar de chique onlineboetiek Net-A-Porter. Verkopers sturen hun verkochte spullen gratis naar de distributiecentra, waarna ze in een mooie Net-A-Porter-achtige doos naar de kopers gaan.

Lees ook over The Vintage Showroom in Londen: Hier vinden modeontwerpers hun inspiratie

Veel doorverkoopbedrijven zijn opgericht door vrouwen die een goede manier zochten om van hun overtollige designerspullen af te komen. De agent voor reclame-creatieven die snel achter elkaar drie kinderen kreeg, daarom geen kans meer zag haar Dries Van Notens en Donna Karans te dragen maar die niet kwijt kon bij bestaande inbrengwinkels omdat die ze niet geschikt vonden voor hun doelgroep (Salon Heleen Hülsmann, een op afspraak te bezoeken winkel in Amsterdam-Zuid, plus site). De vrouw van de directeur van de Nederlandse tak van luxeconcern Richemont, die een Gucci-tas wilde verkopen maar niet tussen de potten en pannen op Martktplaats wilde staan (Designer-Vintage, in 2008 een van de allereerste doorverkoopsites, sinds drie jaar in handen van uitgeverij G+J). De vrouw die in de Parijse luxe-industrie werkte, haar kast wilde opruimen maar de bestaande inbrengwinkels te klein en lokaal vond en eBay, waar veel neptassen worden aangeboden, niet de juiste omgeving (Sophie Hersan, een van de oprichters van Vestiaire Collective).

In de wereld van de tweedehandsdesignerspullen geldt: de vraag volgt het aanbod, aldus Kim van der Knaap, de manager van Designer- Vintage. „Als ik meer verkopers heb, komen er vanzelf ook meer kopers.” Dat komt niet alleen doordat het een manier is om voor een lagere prijs aan mooie spullen te komen. Zoals Heleen Hulsman zegt: „Het is de laatste jaren bijna hip geworden.”

„Modieuze mensen willen er niet meer uitzien als anderen”, zegt Olivier Marcheteau, de financieel directeur van Vestiaire Collective.

„Pre-owned is een manier om aan dingen te komen die andere mensen niet meer kunnen kopen. Komt bij dat veel gewilde items in een kleine oplage zijn gemaakt en daarom snel uitverkocht zijn. Via de tweedehandsmarkt kun je ze soms toch nog te pakken krijgen.”

Inslaan als pakken hagelslag

Ondanks die schaarste is het aanbod aan luxemode de afgelopen jaren enorm toegenomen. Designermerken gedragen zich steeds meer als de fast-fashionmerken, en komen met steeds meer collecties per jaar. En hun klanten zijn gevolgd, zegt Marcheteau. „Zij hebben kasten vol spullen die ze niet nodig hebben.”

Ook in Nederland zijn er vrouwen die luxemode inslaan als ware het H&M’tjes of zelfs, in de woorden van Kim van der Knaap, „pakken hagelslag.” Die de nieuwste tas van Céline kopen in alle beschikbare maten en kleuren, of een leren motorjack van Balenciaga in zeven kleuren tegelijk (er zijn er nog twee beschikbaar bij Designer Vintage). Eén vrouw was tijdens haar zwangerschap zo gefrustreerd over het feit dat ze geen kleding kon kopen dat ze zestig tassen aanschafte.

Dit soort vrouwen hoort bij Designer-Vintage tot de ongeveer honderd VIP-verkopers. Hun kleding wordt opgehaald, en desgewenst is er hulp bij het uitruimen van overvolle kasten. Designer Vintage zorgt dat alles wordt gefotografeerd, gecontroleerd op echtheid en verstuurd. Het merendeel van deze vrouwen komt uit Het Gooi of het zuiden des lands. Bekende Nederlanders als Lieke van Lexmond hebben een eigen ‘boutique’ op de site.

De meeste vrouwen die verkopen via de site zijn veel minder vermogend. Zij betalen alleen voor het plaatsen van een advertentie en handelen verder alles zelf af (elke verkoopsite heeft overigens weer andere voorwaarden en regelingen). Wel worden ook hun artikelen, via foto’s, gecontroleerd. Bij twijfel moeten de spullen worden opgestuurd, bij namaak wordt de politie ingeschakeld. Voor sommige vrouwen is het verkopen uitgegroeid tot een lucratieve bijbaan; zij verhandelen ook items die ze op bijvoorbeeld Marktplaats vinden.

Tussen de verkopers en kopers op de doorverkoopsites is vaak een flinke overlap; Van der Knaap kent veel vrouwen die eerst iets willen of moeten verkopen voordat ze iets anders aanschaffen. „Ik ben er zelf zo een. Ecochic recycling, noem ik het.”

Er zijn tegenwoordig vrouwen die kleding al kopen met de gedachte dat ze die weer doorverkopen. Een vrouw die op het punt stond een goudkleurige galajurk van Lanvin te kopen, belde eerst met Heleen Hulsman: zou zij hem na het feest willen opnemen in haar verhuurcollectie met feestkleding?

De doorverkoophandel is vooralsnog vooral een vrouwenzaak

De supermodieuze, extreem gesneden rode ‘puffa’ van Balenciaga die in het rek bij Hulsman hangt, komt uit de collectie van afgelopen najaar en is maar een keer gedragen; de vrouw die hem kocht, wilde erin skiën, maar ze werd uitgelachen door haar gezin. De jas kostte nieuw 2.600 euro. Hulsman wil er 1.498 euro voor hebben. Daarvan is de helft voor de vrouw die hem bij haar aanbood.

Met kleding is het als met auto’s, zegt Kim van der Knaap: „ Zodra je er de deur mee uit bent, is het meteen veel minder waard.” Voor schoenen geldt hetzelfde, tenzij het zeer gewilde modellen zijn als de beroemde beige flatjes met zwarte neus van Chanel; ongedragen kunnen die de winkelprijs opbrengen.

Op de wachtlijst voor een tas

Op de tassen van Chanel kan een verkoper, met name op de klassieke gewatteerde modellen met een flap, zelfs winst maken. Dat komt niet alleen doordat er zoveel vraag naar is. Chanel verhoogt de prijzen van de klassieke modellen elk jaar met minstens 10 procent, zegt Van der Knaap („De rijken willen luxe, dus het moet duur zijn”), en het gerucht gaat dat het dit jaar 15 procent wordt. Voor de meeste doorverkopers zijn Chanel-tassen dan ook het populairste en belangrijkste product.

Maar de heilige graal van de tweedehandsdesignermarkt zijn de beroemde Birkins en Kelly’s van Hermès. Zo’n tas, die nieuw tussen de 6.300 en 8.000 euro kost (dan is die niet eens gemaakt van exotische leersoorten), wordt niet alleen net als de Chanel-tas steeds duurder, je kunt er ook niet zomaar een kopen. Wie er een wil, moet op een wachtlijst – Van der Knaap: „als je er al op mag”– en het kan wel twee jaar duren voor je er een hebt. Voor de schaarse tassen worden dan ook vaak bedragen gevraagd die ruim boven de actuele verkoopprijs liggen: een klant betaalt voor het feit dat ze niet op een wachtlijst hoeft, de kleur kan zien en het leer kan voelen. Naar verluidt zijn er handelaren die vrouwen betalen om op de wachtlijst te gaan staan. Van der Knaap heeft meegemaakt dat iemand bij haar een Hermès-tas van 10.000 euro kocht om die vervolgens met winst door te verkopen.

De doorverkoophandel is vooralsnog vooral een vrouwenzaak: mannen kopen minder mode, en dragen kleding en accessoires vaker tot ze op de draad versleten zijn. Maar volgens Bertrand Thoral is dat aan het veranderen. Hij is hoofd mannenmode en horloges bij Vestaire Collective, een van de weinige platforms met tweedehandsmannenmode. Nu is nog maar 15 procent van het totale aanbod voor mannen (populairste product: tassen, vooral die van Louis Vuitton), maar, zegt hij, „mannenmode groeit sneller dan vrouwenmode. Jonge mannen besteden meer aandacht aan hun uiterlijk, en gaan net als vrouwen op zaterdag winkelen met hun vrienden. Meer spullen die worden gekocht, betekent op den duur meer spullen voor de doorverkoop. We moeten gewoon geduld hebben.”