Hoofddoek bij agentes, waarom niet?

Diversiteit bij de politie

In Rotterdam is de uitspraak dat agentes een hoofddoek moeten kunnen dragen, van de Amsterdamse politiechef, goed gevallen. ’Cruciaal.’

Foto Hannah McKay/Reuters

„Cruciaal voor een goed functionerende politie” en een bijdrage aan „openheid, diversiteit, afspiegeling en identificatie”. Zo reageert de Rotterdamse politicus Nourdin el Ouali op de veelbesproken uitlatingen van de Amsterdamse politiechef Aalbersberg in het Algemeen Dagblad van donderdag. De politiechef zei dat een hoofddoek voor agentes bespreekbaar moet zijn als blijkt dat het huidige verbod diversiteit bij politie belemmert.

Zijn woorden kregen steun, maar veroorzaakten ook een golf van kritiek. Op social media ging het over „islamitische oorlogsgewaden”. Ook demissionair minister Stef Blok (Justitie, VVD) liet weten geen politieagentes met hoofddoeken te willen.

Aalbersberg deed zijn uitspraak in een gesprek over de ambitie van het korps om beter aan te sluiten bij de veranderde samenleving. In zijn stad heeft meer dan de helft van de inwoners een niet-westerse migratieachtergrond, wat slechts geldt voor ruim 19 procent van de Amsterdamse agenten. Als de politie wil bijdragen aan verbinding tussen verschillende groepen, moet het korps meer een afspiegeling zijn van de bevolking, aldus Aalbersberg.

„Nu kan het niet, agenten met een hoofddoek”, zegt Joop Kemperman. hij is woordvoerder van de Nationale Politie. In 2011 is onder Rutte I, het kabinet met de PVV als gedoogpartner, de gedragscode „lifestyle-neutraliteit” opgesteld. Die bepaalt dat agenten afzien van „zichtbare uitingen van onder andere levensovertuiging, religie, politieke overtuiging en geaardheid”. Die doen „afbreuk aan de gezagsuitstralende, neutrale en veilige houding” van de politie.

Taai proces

De politie wil al jaren een meer diverse organisatie worden, maar dat is een taai proces. Volgens Kemperman gaat het niet slecht met de instroom van agenten met een migrantenachtergrond. „Die is nu bijna 20 procent.” Of het plan van Aalbersberg een goed idee is, moet worden onderzocht, zegt Kemperman. „De politie is er voor iedereen, daar past een neutrale diender bij.”

Zou opheffing van het hoofddoekverbod een toestroom van moslima’s opleveren? Meriem Laamairi, moslim en hoofddoekdragend, denkt van niet. Laamairi is betrokken bij het wijkbeleid van de gemeente Rotterdam. „Gevoelsmatig denk ik: dit is een wanhoopspoging. Ik ken geen vrouwen die graag bij de politie willen werken maar dat nalaten omdat ze geen hoofddoek mogen dragen.” De nadruk op de hoofddoek ergert haar. „Het lijkt me effectiever als de huidige agenten met een migratieachtergrond genoeg kansen krijgen om door te groeien. En dan hun netwerk inzetten om te tonen dat de politie een goede werkgever is.”

Pedagogisch hulpverlener Samila Afkir, die ook een hoofddoek draagt, denkt dat het toestaan van hoofddoeken in het korps veel goodwill zou opleveren. „Iedereen zoekt naar herkenning. Als er in Rotterdam-Zuid drie agentes met een hoofddoek rondlopen, zouden moslims zich geaccepteerd voelen zoals ze zijn.”

‘Argument neutraliteit is onzin’

Ze vindt het argument van neutraliteit onzin. „Hoezo kun je niet neutraal zijn met een hoofddoek? Dat vind ik een gekke gedachte.”

Nourdin el Ouali: „Een seculiere overheid zorgt voor scheiding van kerk of moskee, en staat. Die overheid is neutraal en zorgt dat de godsdienstvrijheid en gelijkheid zijn gewaarborgd. Het mag dan niet zo zijn dat een moslima met hoofddoek geen politieagente mag worden.”

„Juist de politie moet een afspiegeling zijn van de maatschappij”, zegt Cyriel Triesscheijn, directeur van discriminatiemeldpunt RADAR in Rotterdam. „Dat geeft je als politie legitimiteit. Het is ook noodzaak. Ga maar eens handhaven in het Oude Westen in Rotterdam met een witte politiemacht.”

Het is volgens hem ook een kwestie van wennen. Hij wijst naar de Britse Scotland Yard, waar moslima’s een hoofddoek en Sikh’s een tulband dragen. „Laten we daar een voorbeeld aan nemen.”