Commentaar

Politiek Den Haag geeft zich over aan een droevige vertoning

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.

Hoeveel mag de kiezer weten van wat er de afgelopen twee maanden uit zijn naam is besproken om te proberen een nieuw kabinet te vormen? Niets. Het debat dat afgelopen woensdag in de Tweede Kamer werd gehouden naar aanleiding van de vastgelopen formatiepoging tussen VVD, CDA, D66 en GroenLinks was op het punt van informatieverstrekking bedroevend. Geen enkele inhoudelijke mededeling van de betrokkenen waar het nu echt tussen hun vieren was misgelopen.

Dat hoeven de kiezers die tijdens de verkiezingscampagne dagelijks verleid werden met allerhande standpunten en beloften blijkbaar niet te weten. Partijleiders die na 15 maart de electorale buit binnen hadden, hebben zich getransformeerd in de rol van gezinshoofden die weten wat goed is voor hun kinderen. De kinderen zelf – de kiezers – dienen beleefd af te wachten. Op het terrein van de openbaarheid is de klok meer dan een halve eeuw teruggezet.

VVD-leider Mark Rutte verdedigde deze houding tijdens het Kamerdebat met de stelling dat dit soort openheid binnen de Nederlandse politieke verhoudingen nu eenmaal niet mogelijk is. Als de vertrouwelijkheid van de onderhandelingen niet overeind blijft, wordt het bijna onmogelijk een coalitiekabinet te vormen, zei hij.

De historicus Rutte en met hem de andere ex-onderhandelaars zouden beter moeten weten. Het gaat helemaal niet altijd zo. Toen in 1994 in eerste instantie de besprekingen tussen PvdA, VVD en D66 over de vorming van een paars kabinet na 40 dagen vastliepen, presenteerden de drie informateurs de Tweede Kamer daags erna een verslag waarin zij uitvoerig beschreven op welke punten de onderhandelingen waren stukgelopen.

Tevens gaven zij in hun stuk aan welke posities de drie partijen in de gesprekken bij diverse onderwerpen hadden ingenomen. Het debat dat de Tweede Kamer vervolgens over de mislukking voerde, verliep dan ook aanzienlijk inhoudelijker dan het bij volledig gebrek aan informatie nietszeggende plenaire samenzijn van afgelopen woensdag.

Zoals het zich nu laat aanzien zullen de Haagse mistkanonnen nog wel even in werking blijven. In opdracht van de Tweede Kamer onderzoekt informateur Edith Schippers (VVD) welke mogelijkheden resteren nu de gesprekken tussen VVD, CDA, D66 en GroenLinks zijn stopgezet. Het zal leiden tot een nieuwe ronde met de bekende taferelen van in- en uitlopende fractieleiders die nietszeggende antwoorden debiteren om toch vooral „het proces” niet te verstoren. Arme kiezer.

In het extreem versnipperde politieke landschap zullen partijen moeten samenwerken. Dat mag enige tijd nemen. Aan de andere kant: partijen die jarenlang bijna dagelijks met elkaar op de vierkante kilometer van het Binnenhof verkeren, hebben weinig geheimen voor elkaar. Politiek is een kwestie van keuzes maken. Die keuze wordt niet altijd makkelijker door er eindeloos de tijd voor te nemen.

Hetzelfde geldt voor de onderhandelingen over een regeerakkoord als de partnerkeuze is gemaakt. Naarmate er meer partijen in een coalitie zitten, zal de behoefte om zaken vooraf gedetailleerd vast te leggen groter zijn. Niet voor niets wordt een regeerakkoord ook wel aangeduid als gestold wantrouwen. De keerzijde is dat elke afspraak die in het regeerakkoord wordt gemaakt de rol van het parlement beperkt.

Nu politiek Den Haag in de openbare verantwoording toch teruggrijpt op de formatiepraktijken uit de jaren vijftig van de vorige eeuw, is het wel zo nuttig een andere praktijk uit die tijd nieuw leven in te blazen. Coalitiepartners bonden zich in die tijd aan elkaar op basis van afspraken op hoofdlijnen in een regeerakkoord. Daarna werden ministers aangezocht, die gezamenlijk een regeerprogramma opstelden. Er was hierdoor een grotere afstand tussen kabinet en coalitiefracties, met in elk geval in theorie meer ruimte voor volksvertegenwoordigers.

Iets voor nu. Laat de strijd maar gevoerd worden waar deze thuis hoort. Niet achter gesloten deuren, maar in het parlement.