Cultuur

Interview

Tammy van Nerum

Op pad met Pretpark Amsterdam: ‘Hoeveel Tours & Tickets heb jij er al geteld? Tien?’

Pretpark Amsterdam

Wie zich ook maar een beetje druk maakt om de drukte in de binnenstad, volgt op Twitter of Facebook Pretpark Amsterdam. Tijd voor een stadswandeling langs de belangrijkste bottlenecks. „Toerisme hoort bij een stad als Amsterdam. De balans is alleen zoek. Er wordt óók gewoond.”

Een pretpark binnen een pretpark: de kermis op de Dam is geen beter begin voor een stadswandeling over de drukte in de binnenstad. Het drukke Paasweekend zit er net op, maar nog steeds lopen er veel mensen rond, al dan niet in een groepje met een gids die een vlaggetje omhooghoudt. Tegenover het monument torent een enorm reuzenrad boven het Paleis uit. Flarden pompende muziek en speelhalgeluiden verdwijnen in de straten rondom het plein.

„Volgend jaar nog, dan houdt die kermis op”, zegt Arjan Welles. „Je zet dit toch ook niet op zo’n druk plein?”

Welles is een van de mensen achter Pretpark Amsterdam, de Twitter- en Facebookgroep die al jaren de problemen rond de toegenomen toeristenstroom in de binnenstad aankaart – 17 miljoen toeristen in 2016, een verdubbeling ten opzichte van vijf jaar eerder. Dat vraagt om beleid om alles in goede banen te leiden, en daar schort het volgens de groep nu aan. Welles wijst naar de Ripley’s, het vorig jaar geopende rariteitenkabinet tegenover het monument. „Dan heeft de gemeente de mond vol van spreiding. Er is in de binnenstad maar 8 vierkante kilometer waar alles past.” Nu zijn er plannen voor een heus dancemuseum. „Dat wil óók binnen de Ring zitten. Je gaat natuurlijk niet het Anne Frankhuis of het Rijksmuseum verplaatsen, dus waarom worden die nieuwe attracties dan niet verspreid?”

De Dam, met kermis („gelukkig voor het laatst”). Tammy van Nerum

Pretpark Amsterdam begon in 2014. Welles zat er toen nog niet bij, maar werd als bezorgde bewoner in het Wallengebied al snel gevraagd om mee te schrijven. Hij heeft door de jaren heen zijn buurt zien veranderen. Illegale hotels, sommige meerdere keren op hetzelfde adres. Schreeuwende en piesende toeristen. Kleine middenstanders die worden weggedrukt. Het zijn voorbeelden van hoe de stad wordt uitgemolken, ten koste van de bewoners.

In de Damstraat („die is opgeofferd”) wijst Welles naar een broodjeszaak, die er al zat voor de drukte toenam: „Zij verkopen nu ook Nutella, want iets anders willen de toeristen niet.”

Zij verkopen nu ook Nutella, want iets anders willen de toeristen niet

Even verderop nog zoiets: ook al is er een stop op nieuwe smart- en seedshops, op nummer 10 is exact dat gebeurd. „Alleen gaat dit een museum worden, de Cannabis Experience. Dan lijkt het weer wel te kunnen.”

Dagtaak

De Facebookgroep, die zich ook roert op Twitter, heeft dus veel om over te schrijven. Berichten uit lokale en landelijke media worden afgewisseld met foto’s van vastgelopen toeristenstromen en rotzooi op straat. Welles: „Je zou er een dagtaak van kunnen maken.”

Door naar de Paulusbroedersluis, met het kenmerkende bloemenstalletje. Volgens Welles weer een illustratie van een probleem, namelijk van wie de openbare ruimte is. Hij steekt de straat over: „Kijk, hij heeft een groot deel van de stoep ingenomen. En het is hier al zo nauw. Het aandeel souvenirs is ook groter dan toegestaan.”

De groep heeft een driekoppige redactie, die op anonieme basis werkt. Sommige redacteuren zitten namelijk in vertegenwoordigende overleggen. Daarnaast moet het puur om de boodschap gaan. „En het is allemaal niet zo heel geheim hoor”, relativeert Welles. De anonimiteit heeft er wel toe geleid dat bijvoorbeeld de VVD en D66 niet met Pretpark Amsterdam in gesprek willen. „Ik heb me weleens voorgesteld tijdens bijeenkomsten over Airbnb, maar ze komen niet naar je toe.”

Op de Bloemenmarkt zie je behalve bloemen vooral veel souvenirs voor toeristen.

Langs de kraampjes en het Waterlooplein gaat het via de Stopera („het hol van de leeuw, haha”) verder richting de slotjesbrug. Eigenlijk is dat de Staalmeesterbrug, maar in een of andere toeristengids stond dat het ophangen van slotjes een Amsterdamse traditie is en dus is het nu de slotjesbrug, volbehangen met slotjes van verliefde stelletjes. „Een bezoeker van onze groep heeft in die winkel daar gevraagd waarom ze slotjes verkopen. ‘Waarom niet, die worden toch elke maand weggehaald’, was de reactie.”

Een meter verderop maakt een toerist met een selfiestick een foto. „De brug kan het niet aan, het is vandalisme. Ik heb weleens toeristen daarop aangesproken, dan worden ze heel boos. Hetzelfde gebeurt met de Magere Brug. Tja, moet je dan een bordje ophangen?” Met een peinzende blik: „Het is nu wel heel vol trouwens.”

Er gaan trouwens ook dingen goed hoor, geeft hij zelf al aan. Neem de volgende halte, het Rembrandtplein. Buurtbewoners kunnen met een speciale app klagen over wildplassers en geschreeuw, waarna handhavers direct ingrijpen. Er hangt een ontspannen atmosfeer, de terrasjes zitten vol, en druk lijkt het nergens. „Ik kom hier zelf bijna nooit, maar het is er veiliger, en ook gastvrij. Het Rembrandtplein is overzichtelijk geworden, licht ook. Net als het Museumplein trouwens. Wel heel druk met die I amsterdam-letters.”

Tours & Tickets

Richting de Bloemenmarkt gaat het vervolgens, maar bij Tuschinski blijft Welles stilstaan. Hij ziet daar zelden toeristen naar binnen gaan, terwijl het toch zo’n mooi gebouw is. Praat Welles eigenlijk wel eens met toeristen, over wat ze beweegt? „Ik spreek ze te weinig, al heb ik wel contact met kennissen in het buitenland die Amsterdam te druk vinden. Er zou eens goed onderzoek gedaan moeten worden naar wat toeristen van Amsterdam hebben gevonden, ná zo’n trip. Vinden zij dit nou leuk?”

De Staalmeesterbrug werd ineens de Slotjesbrug.

In het pand naast Tuschinski, een kaasboer, is het wél druk. „Henry Willig, die zie je steeds vaker. Betaal je 25 euro voor een droog stuk kaas.”

De monocultuur van sommige ketens is nog zo’n punt waar Pretpark Amsterdam over valt. Met name de roodgeverfde verkooppunten van Tours & Tickets zijn te dominant in het straatbeeld. „Hoeveel heb jij er al geteld? Tien? Ze moeten concurrentie krijgen. Tours & Tickets zit overal en het lijkt net alsof ze van de gemeente zijn, terwijl het bedrijf bijvoorbeeld ook achter de Ice Bar zit.”

Tours & Tickets zit overal en het lijkt net alsof ze van de gemeente zijn, terwijl het bedrijf bijvoorbeeld ook achter de Ice Bar zit

Bij de Bloemenmarkt speelt het probleem van de souvenirs op: er is een stop op souvenirwinkels, en andere winkels mogen niet meer dan 5 procent aan souvenirs hebben. Welles wijst naar een kraampje waar onder meer een stelling met tulpvormige koelkastmagneetjes staat: „Dat heeft toch niks met bloembollen te maken? Dit is een souvenirwinkel. Kijk daar trouwens, de vierde Henry Willig. Bij die Starbucks.”

Kritiek is er ook op de populaire groep: ze zouden toeristenhaters zijn. Dat steekt Welles. „Degenen die dat zeggen hebben juist baat bij de drukte. Dan is het een makkelijke kaart om te spelen. Toerisme hoort bij een stad als Amsterdam, dat is logisch. Ik ga morgen naar Parijs en dan ben ik ook toerist. De balans hier is alleen zoek. Er wordt óók gewoond.”

Foto Tammy van Nerum

De problemen rondom de drukte worden nu tenminste erkend, zegt hij tevreden, „tot D66 aan toe”. Steeds meer gaat het om oplossingen aandragen. Dynamic pricing voor momenten dat het rustig is. Misschien verruiming van de openingstijden van bijvoorbeeld het Rijksmuseum. En waarom rijdt de metro maar tot half 1 ’s nachts?

Daarnaast wordt de dialoog opgezocht. „Ik zat laatst bij een overleg met Handhaving en toen legden ze mij uit dat ook zij tegen de grens van hun capaciteit oplopen. Iedereen zit er dus mee.”

Maar dat het ooit weer zo zal worden zoals het eens was, daar maakt Welles zich geen illusies over. Is verhuizen geen optie? „We denken er soms aan om te verhuizen. En ik heb het er met mijn partner ook vaak over. Waar moet je dan wonen? Het is ook wel heel leuk in het centrum. En het is eerlijk gezegd ook mijn eer te na.”

Wallen te gezinsvriendelijk

Op de Wallen is het, afgezien van een paar kleine groepjes toeristen, rustig. Het gebied hier is vooral ’s nachts mudvol. De steegjes met de rode ramen zitten soms zelfs vast. Voor de meiden die daar werken ook niet leuk, zegt Welles. „Het klinkt vreemd, maar het is hier té gezinsvriendelijk geworden. Staat er een jongetje met een Nutellawafel bij de dames naar binnen te staren.”

Richting Prins Hendrikkade gaat het vervolgens. „Geen Tours & Tickets hier”, merkt Welles op. „Ik krijg een beetje ontwenningsverschijnselen.” Dan, aan het einde van de Zeedijk, alsnog de rode borden met logo’s van de Heineken Experience en de Ice Bar. „Oh, toch wel.”

Een stoet toeristen loopt voorbij, richting een van de touringcars aan de Prins Hendrikkade. Ze volgen een gids die een opgevouwen, blauwe paraplu omhooghoudt. Wacht, geen paraplu.

Een wc-borstel.