Recensie

Pauw en Tan snappen de formatie niet, Dominique wel

Tv-recensie

De talkshows begrijpen niet waarom de kabinetsvorming zo spannend is. Gelukkig is er Dominique van der Heyde om ons bij te lichten.

Dominique van der Heyde in Nieuwsuur.

Na het stranden van de onderhandelingen tussen VVD, D66, CDA en GroenLinks is de formatie een spannende fase ingegaan: ragfijn positiespel, waarin de meeste partijleiders angstvallig vasthouden aan de voor de verkiezingen ingenomen stellingen, totdat ergens iemand de eerste beweging maakt. Niet eerder konden we ook in een tussentijds Kamerdebat observeren waar het wringt en waar het muurvast zit. Maar de televisie kan er weinig mee.

Dat blijkt althans uit de kwalificaties die aan de talkshowtafels klinken. In RTL Late Night was Emile Roemer (SP) uitgenodigd om te komen praten over wat ze daar „de formatiesoap” noemen, alleen maar omdat er na twee maanden nog geen nieuw kabinet is. Roemer kwam vertellen dat hij geen krimp gaf, net als Lodewijk Asscher (PvdA) in De Wereld Draait Door (VARA). Hij schuift niet aan. Heldere taal, zo hoort de kiezer dat graag. Maar met politiek heeft het niet zo heel veel te maken.

Ook Jeroen Pauw moest zich door de experts laten uitleggen wat er nou zo spannend was geweest aan dat Kamerdebat, want hij vond er niks aan. Beurtelings vervullen in Pauw Wouter de Winther (De Telegraaf) en Xander van der Wulp (NOS) die ondankbare taak. Waarom zeggen die politici nou niet gewoon waarop de onderhandelingen stuk zijn gelopen? Daar hebben hun kiezers toch recht op? En ze zijn al zo impopulair! Dat krijg je van dat gedoe in achterkamertjes!

Je hoort Van der Wulp nog net niet zuchten. Hoe had Pauw zich dan voorgesteld dat die onderhandelingen zouden moeten verlopen? Misschien in een glazen huis, met een open microfoon? Geen kaarten tegen de borst, maar kwartettend? Dat is vorig keer ook slecht bevallen.

Waar vooral behoefte aan is op televisie zijn dus deskundigen die kunnen uitleggen hoe politiek en diplomatie werken en ons wijzen op subtiele signalen. Dominique van der Heyde deed dat dit keer heel goed in Nieuwsuur. In de ophef rond VVD-voorzitter Henry Keizer had ik nog met haar te doen, want toen raakte ze verstrikt in het beroep dat Keizer had gedaan op haar medewerking. Hij had nog zo gezegd: „Dominique, geloof me, er is echt niets aan de hand”, dus dat gaf ze maar even door, met een gezicht dat een en al aarzeling uitstraalde.

De een wil de ander

Sterker is haar analyse van de huidige dilemma’s van informateur Edith Schippers (ook VVD). Van der Heyde was het eerste scheurtje opgevallen in het zogeheten motorblok VVD-CDA-D66. En ze citeerde Ramses Shaffy: „De een die wil de ander, maar de ander wil die ene niet”. Zo kan iedereen begrijpen hoe gecompliceerd deze paringsdans noodzakelijkerwijs dient te verlopen.

Ook was Nieuwsuur de enige rubriek die uitgebreid fragmenten liet zien uit dit vermeend saaie Kamerdebat. Ik vond de sketch waarin Sybrand Buma (CDA) de spot dreef met Roemers wens dat Buma het Torentje zou ingaan als leider van een „christelijk-links” kabinet eigenlijk heel leerzaam en nog geestig ook. En dan was er nog de bekentenis van Jesse Klaver (GroenLinks) tijdens een meet-up met partijgenoten dat hij het rekeningrijden al ingeleverd had.

Als je de huidige ontwikkelingen in de kabinetsformatie saai en voorspelbaar noemt, dan zegt dat vooral iets over je bereidheid en vermogen om goed te kijken, te luisteren en te duiden. Wie dat niet kan of wil, zadelt de televisiekijkers op met lui cynisme en pas echt voorspelbaar dédain voor het politieke handwerk. Dat beschadigt de democratie, uiteindelijk.