Amerikaans sprookje

Kunstmarkt De Amsterdamse galeriehouder Jorg Grimm opent komende maand ook een galerie in New York. „Dit gaat lukken.”

De onderhandelingen waren ingewikkeld en het leasecontract is zo dik als een telefoonboek. Maar vorige maand zijn dan toch de handtekeningen gezet. De komende acht jaar heeft Jorg Grimm (41) naast twee galeries in Amsterdam ook een galerieruimte in New York. En op een prachtlocatie: in de Lower East Side, schuin tegenover het New Museum for Contemporary Art, en dichtbij SoHo, met zijn vele galeries.

„Amazing value restaurant equipment” staat op de voorgevel van 202 Bowery. Maar de potten, pannen en fornuizen zijn verdwenen, blijkt als Grimm vanuit New York foto’s stuurt. Grijnzend staat hij op een steiger in een hoge, 220 vierkante meter grote ruimte. Daaronder, vertelt hij, is een souterrain, dat hij ook als expositieruimte gaat gebruiken.

Begin juni gaan de deuren open. De eerste tentoonstelling is nota bene van een New Yorker, beeldhouwer Nick van Woert. In Amsterdam toont Grimm zijn beelden al jaren. Met succes: bij GEM in Den Haag kreeg de Amerikaan vorig jaar een museale expositie. Maar Van Woert onderbrengen bij een goede galerie in zijn woonplaats, dat lukte Grimm niet.

Kunsthoofdstad

Voor zijn kunstenaars zou het goed zijn als ze ook regelmatig in de kunsthoofdstad van de wereld exposeren, zegt Grimm. Toen dat een lastig te realiseren wens bleek, besloot hij vorig jaar zelf op zoek te gaan naar een galerieruimte. Op de vraag of hij ambities koestert om de Larry Gagosian van de Lage Landen te worden, met een internationaal netwerk van galeries, moet Grimm lachen. „Meer dan drie galeries zal ik niet openen.”

Jorg Grimm is de zoon van beeldend kunstenaar Arty Grimm en een verre nazaat van een van de bekende Duitse sprookjesschrijvers. Na een studie economie begon hij twaalf jaar geleden kunst te verkopen op een etage aan de Bloemgracht in Amsterdam. Met een internationaal programma van vooral mid career-kunstenaars groeide hij in korte tijd uit tot misschien wel de meest succesvolle galeriehouder van Nederland. Prijskaartjes met zes cijfers zijn bij Grimm niet ongewoon.

De afgelopen jaren deed de galerie vaak mee aan internationale beurzen. Zo stond Grimm vorige week op Frieze New York, als enige Nederlandse galerie. Maar onder collega’s en grote verzamelaars bespeurt hij wel een zekere beursmoeheid. „Van de week sprak ik nog een grote Belgische verzamelaar die Art Brussels aan zich had laten voorbijgaan.”

In tegenstelling tot wat vaak wordt beweerd, komt volgens Grimm de focus weer terug op fysieke galerieruimtes. Kijk maar, zegt hij, hoe collega’s als David Zwirner (vier vestigingen) en Hauser & Wirth (zeven) investeren in steeds meer ruimtes. Grimm is ook niet de enige Europese galeriehouder die de oceaan oversteekt. Twee uit Brussel hebben recent ruimtes in New York geopend.

Losse werken succesvol op beurzen verkopen, zegt Grimm, lukt alleen als een groep verzamelaars het werk eerder heeft leren kennen. „Voor kunstenaars zijn solotentoonstellingen in galeries daarom van het allergrootste belang. Die bieden het platform waar hun werk het beste tot hun recht komt. In een context, eventueel met een catalogus erbij, en met medewerkers die in alle rust tekst en uitleg kunnen geven.”

Rolodex

Grimm heeft voor zijn nieuwe vestiging de wettelijk verplichte Amerikaanse director aangesteld. En de vacature voor een assistent gaat geen problemen opleveren, zegt hij. „In New York, met al zijn galeries, is het aanbod groot. En ze nemen een Rolodex mee vol met contactgegevens van verzamelaars.”

Zelf verwacht hij zo’n tien keer per jaar op het vliegtuig te stappen, en ook sommige van zijn Amsterdamse medewerkers zullen periodiek de oversteek maken. „Iedereen vindt het leuk om een paar weken in New York te zijn.”

Het tentoonstellingsprogramma voor de eerste twee jaar staat al ruwweg vast. Grimm wil Amerikaanse verzamelaars laten kennismaken met vier van zijn Britse kunstenaars: Charles Avery, William Monk, Caroline Walker en Turner-prijswinnaar Elizabeth Price.

Ook liggen twee tentoonstellingen van Nederlandse kunstenaars in het verschiet: een retrospectief van Ger van Elk, de drie jaar geleden overleden conceptuele kunstenaar, en een expositie van fotografe Dana Lixenberg, die na 28 jaar in New York juist terug is verhuisd naar Amsterdam. Grimm: „Dana is genomineerd voor de Deutsche Börse Photography Prize, dit is het goede moment.”

Grimm is zelfverzekerd over zijn New Yorkse avontuur. „Het klinkt misschien arrogant, maar dit gaat lukken.” Zelf als Donald Trump rare fratsen zou uithalen komt het goed, zegt de galeriehouder. „Een bedrijf opbouwen duurt zo’n vijf jaar. We hebben er rekening mee gehouden dat het tijd nodig heeft.”