Alles in de mix

Dans De in Kaapverdië geboren choreografe Marlene Monteiro Freitas laat zich zelfs binnen één productie niet vastpinnen op een stijl. Donderdag opent zij het Utrechtse festival Spring.

Choreografe Marlene Monteiro Freitas combineert dans met film, performance en een concert. Foto Filipe Ferreira

Zou het een kwestie zijn van splendid isolation? De voorstellingen van choreografe Marlene Monteiro Freitas (1979), die donderdag het Utrechtse festival Spring opent, laten zich in elk geval lastig definiëren en onttrekken zich aan alle gangbare stijlen en genres in het hedendaagse danstheater.

In het nieuwe Bacchae – Prelude to a Purge spelen vijf blazers, keurig in het gelid, bestaande composities van zeer uiteenlopende aard, van elektronische noise tot Satie (in een arrangement uit een Japanse actiefilm). Ook klinkt de integrale Boléro, eveneens nét wat anders. Soms keren de muzikanten hun instrumenten om en zetten ze als glimmende snavels tegen hun gezicht, of gebruiken ze als verrekijkers. De acht dansers voeren hun choreografie voor een belangrijk deel zittend uit, alsof ze achter (al dan niet denkbeeldige) bureaus zitten. Maar er zijn ook invloeden uit de clubscene herkenbaar en maffe loopjes. Tussendoor manipuleren ze muziek- en microfoonstandaards tot installaties. Tweeënhalf uur lang, met een drinkpauze van tien tot in detail geregisseerde minuten.

Het ligt voor de hand de originele en authentieke aanpak van Marlene Monteiro Freitas te wijten aan haar achtergrond: geboren op São Vicente, Kaapverdië, knutselde ze als kind met vriendjes in volkomen autonomie dansvoorstellinkjes in elkaar, niet gehinderd door wetten of regels van enige dansstijl. Zonder toezicht ook van een balletjuf of docent, want een dansschool was er niet op São Vicente, dat met een oppervlakte van ruim 225 vierkante kilometer makkelijk vijf keer in de provincie Utrecht past. Haar eerste bronnen waren televisie, videotapes, verhalen van dansers die in Europa hadden gewerkt en ritmische gymnastiek.

Pas toen ze achttien was begon ze in Lissabon met een serieuze dansopleiding, die zij voortzette aan P.A.R.T.S., de gerenommeerde Brusselse opleiding van Anne Teresa De Keersmaeker. Terug in Lissabon volgde ze een choreografie-opleiding. Sindsdien zuigt ze alle invloeden als een spons op, om die naar haar hand te zetten en te transformeren. Zelfs binnen één productie laat ze zich niet op een benadering of stijl vastpinnen, alles gaat in de mix: hoge en lage kunst, abstractie, vormen van narrativiteit, beeldende kunst, film, álles.

Festivalfavoriet

Of Ivory and Flesh – Statues Also Suffer uit 2014 betekende haar definitieve internationale doorbraak. Het was een wonderlijk bal, met dansers die stram en stijf bewogen, als onvermoeibare robotjes, het geschminkte gelaat verwrongen in extreme expressies. In een ritmische opeenvolging van scènes, telkens afgebroken door een fabriekszoemer en hels gekletter van bekkens, aten ze hapjes, dansten en converseerden ze, raakten ze licht beschonken. Bezielde beeldhouwwerken, verlangend naar liefde – de mythe van Pygmalion was een belangrijk vertrekpunt.

Fragment uit Of Ivory and Flesh – Statues Also Suffer

Tijdens Spring 2015 was die voorstelling de festivalfavoriet van velen. Zeker van Rainer Hofmann, artistiek directeur van Spring. Samen met een groot aantal internationale collega-directeuren en programmeurs gaf hij Monteiro Freitas carte blanche voor een nieuwe, grote productie. Ook die nieuwe voorstelling ‘lijkt nergens op’. Het is een combinatie van dans, film, performance en concert met multifunctionele blaasinstrumenten, absurdistisch, grotesk en surrealistisch, vol onverwachte wendingen en verrassende omkeringen.

In Brussel, waar de voorstelling in het KunstenFestivaldesArts stond, hielden niet alle toeschouwers het tot het einde uit. Zij misten daardoor wel de belangrijkste omkering – metamorfosen, opposities en transformaties vormen een belangrijk motief in het werk van de Kaapverdiaanse.

Monteiro Freitas buigt de tragische ontwikkelingen van Euripides’ drama om naar een onorthodox positief einde, nadat ze de gruwelijke dood van Pentheus door middel van een indringend filmfragment heeft gecontrasteerd met zijn volkomen tegendeel.

Net zo tegendraads is haar voorstelling van onze hedendaagse waanzin: niet lust en geweld, maar werk en prestige zijn de excessen waaraan de moderne mens zich overgeeft. Onze waanzin is de apollinische rationaliteit, die misschien wel even destructief is als de dionysische roes. Maar Monteiro Freitas brengt met Bacchae – Prelude to a Purge een ode aan de totale gekte.