Staatsschuld 32 miljard euro lager dan verwacht

Uiteindelijk bedroeg de schuld eind 2016 434 miljard euro, zo’n 26.000 euro per Nederlander.

Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

De staatsschuld is vorig jaar zo’n 32 miljard euro lager uitgevallen dan werd verwacht door het kabinet. Uiteindelijk bedroeg de schuld eind vorig jaar 434 miljard euro, zo’n 26.000 euro per Nederlander. In de miljoenennota die tijdens Prinsjesdag 2015 werd gepresenteerd, werd verwacht dat de schuld 466 miljard zou zijn. De schuld zakte door onder meer een hogere opbrengst bij de verkoop van staatsbezit en andere meevallers.

Dat blijkt woensdag uit het Financieel Jaarverslag van het Rijk dat op Verantwoordingsdag door demissionair-minister Jeroen Dijsselbloem (PvdA, Financiën) is aangeboden aan de Eerste en Tweede Kamer. Deze dag wordt in de volksmond ook wel gehaktdag genoemd. Woensdag leggen alle ministeries verantwoording af over hoe ze hun geld hebben besteed.

De Nederlandse economie groeide in 2016 met 2,2 procent in het hoogste tempo sinds de financiële crisis in 2008. De overheidsschuld bedroeg eind 2016 zo’n 434 miljard euro, 62,3 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Het aantal werklozen nam met 75.000 af en daarmee daalde de werkloosheid naar 5,4 procent.

Twitter avatar J_Dijsselbloem Jeroen Dijsselbloem Overheidsfinanciën 2016: Overschot 0,4%. Schuld 62,3% #Vdag2017 https://t.co/8KwujeZsaA

Het Rijk heeft vorig jaar voor het eerst sinds 2008 minder geld uitgegeven dan er binnenkwam. Dit resulteerde in een begrotingsoverschot van 2,9 miljard euro.

Volgens Dijsselbloem heeft de economie dankzij het uithoudingsvermogen van een Tom Dumoulin na een lange klim de voorkant van het peloton bereikt. Het is nu wel zaak onverstoorbaar door te trappen, zei hij.

Twitter avatar J_Dijsselbloem Jeroen Dijsselbloem Onze economie had het afgelopen jaar de ausdauer van Tom Dumoulin had; al heeft de samenleving nog niet de opgewektheid van Churandy Martina

Niet alles ging goed in 2016, erkent de bewindsman. Hij wijst op de problemen bij de Belastingdienst, waarvan een deel onder verscherpt toezicht is gekomen.