Laksheid partijen met regels eigen financiering blijft zorgelijk

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.

Ondanks de wettelijke plicht het financieel jaaroverzicht van bepaalde donaties aan de partij niet gepubliceerd? Kan gebeuren, redeneren de verantwoordelijken bij verschillende partijen. De verdediging is aandoenlijk. „Vergeten”. „Er helaas doorheen geglipt”.

Het draait om stichtingen, zoals bij de VVD, die zijn opgericht als fondsenwerving voor de partij. De stichtingen moeten hun jaarcijfers openbaren omdat zij een zogeheten ‘anbi-status’ hebben.

Deze regeling zorgt ervoor dat giften fiscaal aftrekbaar zijn. Zo kent de VVD de Ivo Opstelten Foundation, die in 2015 een bedrag van 21.300 euro ontving dankzij de bijdragen van 17 donateurs. De VVD publiceerde deze gegevens dinsdag nadat NRC de partij erop gewezen had dat zij hiertoe de plicht had.

Natuurlijk kan badinerend gedaan worden over de zaak. Waarom ophef maken over wat eigenlijk niet meer is dan een administratieve handeling? En om wat voor bedragen gaat het nu helemaal?

Slordig? Zou kunnen. Maar navrant is wel dat partijen die soms genadeloos zijn tegenover burgers die een formulier niet juist hebben ingevuld zo gemakkelijk over hun eigen fouten oordelen.

Juist die zorgeloze, zelfs lakse houding is het probleem dat het onderwerp partijfinanciering in Nederland nu al decennia achtervolgt. En het betreft zeker niet alleen de VVD. Als het om inzichtelijkheid van de inkomsten gaat, laten vele partijen het afweten.

In 2008 publiceerde een commissie van de Raad van Europa een kritisch rapport over de onheldere Nederlandse partijfinanciering. Als lichtpuntje signaleerden de onderzoekers toen dat er een wet in voorbereiding was om verbeteringen aan te brengen. Maar twee jaar later constateerde dezelfde commissie dat de voortgang teleurstellend was.

Sinds 2013 kent Nederland dan eindelijk de Wet financiering politieke partijen, waarin de gewenste transparantie is geregeld. Een wet die duidelijk niet van harte is gemaakt. De bepalingen in de wet weerspiegelen de tegenzin van een groot deel van de politiek.

De openbaarheid moet niet te ruimhartig. Alleen giften van meer dan 4.500 euro moeten openbaar worden gemaakt. Donaties van boven de 1.000 euro tot 4.500 euro hoeft een partij slechts te registreren. Dit geldt niet voor giften onder de 1.000 euro. Lokale partijen of afdelingen van landelijke partijen vallen niet onder de bepalingen.

Partijen moeten giften kunnen aannemen. Maar geld en politiek blijft een brisante combinatie. Geld en politiek blijft een brisante combinatie. Optimale transparantie is de beste verdediging tegen misbruik. Treurig dat partijen daar nog steeds op moeten worden gewezen.