Homopaar in Indonesië veroordeeld tot stokslagen

Het is voor het eerst sinds de invoering van de sharia in Atjeh dat zo’n vonnis wordt uitgesproken.

De politie voert de verdachten in Atjeh af. Foto Chaideer Mahyuddin/AFP

In de Indonesische provincie Atjeh zijn twee mannen veroordeeld tot 85 publieke stokslagen omdat ze een relatie met elkaar hebben. Het oordeel is geveld door een shariarechtbank, een religieus tribunaal dat streng islamitisch recht hanteert. Dat meldt Reuters. Het is voor het eerst sinds de invoering van de sharia in Atjeh - een provincie in het noorden van Sumatra - twee jaar geleden, dat zo’n vonnis wordt uitgesproken.

Met het vonnis komt de reputatie van het in religieus opzicht tot nu gematigde Indonesië in het gedrang. Gevreesd wordt dat het land zich in een meer radicale richting beweegt. De christelijke gouverneur van de Indonesische hoofdstad Jakarta werd een week geleden veroordeeld tot twee jaar cel voor het beledigen van de islam.

Gouverneur Basuki Tjahaja Purnama, beter bekend als Ahok, werd meteen na het verrassende vonnis overgebracht naar een gevangenis. De detentie was onverwacht omdat aanklagers slechts een voorwaardelijke straf van een jaar hadden geëist.

Buurtwachten

De mannen werden eind maart opgepakt nadat buurtwachten hen hadden beschuldigd van seks. Het tweetal werd gearresteerd nadat ze betrapt werden in een kamer. Dat werd gefilmd met een telefoon. Ook zouden beide jongemannen bekend hebben dat ze een seksuele relatie hadden.

De openbare aanklager vroeg 80 stokslagen, maar de rechter veroordeelde de twee mannen tot 85 publieke slagen. Toen het vonnis werd uitgesproken, barstte een van de veroordeelden in tranen uit en smeekte voor een lichtere straf. Het vonnis werd uitgesproken op de Internationale Dag tegen de Homofobie.

Marteling

Atjeh is de enige provincie in het moslimland waar de sharia geldt. De islamitische wet werd er twee jaar geleden ingevoerd. Dat werd mogelijk gemaakt nadat de nationale regering in 2006 een compromis had bereikt met separatisten na een jarenlange strijd.

Internationale mensenrechtenorganisaties zeggen dat de twee mannen op een “vernederende en bijzonder slechte” manier behandeld worden en vragen hun onmiddellijke vrijlating. Human Rights Watch merkt op dat stokslagen die in het openbaar worden toegediend in het internationale recht beschouwd worden als marteling.