‘Je moet zo veel moeilijke dingen onthouden, dat je de makkelijke vergeet’

De eerste examens zitten erop. Viel het mee, viel het tegen? We vragen examenkandidaten naar de moeilijkste vraag. Vandaag: maatschappijleer vmbo

En, hoe ging het?

„Het was niet heel moeilijk, maar sommige dingen waren wel zwaar. We moesten bijvoorbeeld lange teksten lezen om daar antwoorden uit te halen. Teksten met veel moeilijke woorden, waarvan ik de betekenis eerst nog moest opzoeken.”

Was je zenuwachtig?

„Ik was best wel nerveus ja, want we moesten voor dit vak veel leren. De avond ervoor kreeg ik al een zenuwachtig gevoel. ’s Ochtends ging ik dan snel alles nog eens doorlezen, maar ze zeggen dat je dan toch niks meer onthoudt. Op het tentamen zelf wist ik door de spanning het antwoord op een makkelijke vraag niet meer. Je moet zoveel moeilijke dingen onthouden, dat je de makkelijke dingen vergeet.”

Wat was de moeilijkste examenvraag?

„We moesten algemene kenmerken noemen van ‘maatschappelijke vraagstukken’. Daarvan moesten we voorbeelden zoeken in een tekst over een campagne van een minister [Lodewijk Asscher, red.] om werkdruk bespreekbaar te maken. Ik vond het erg moeilijk, omdat niets precies leek aan te sluiten. Ik zat denk ik wel in de goede richting, al weet ik niet meer zeker wat ik heb geantwoord. Een van de voorbeelden die ik koos was ‘1 miljoen Nederlanders hebben er last van’.”

Hoe was je voorbereiding?

„Op school hadden we wel al voorbeeldexamens gemaakt, ook van de vorige jaren, en dat heeft me veel geholpen. Thuis heb ik daar niet meer mee geoefend, maar wel de begrippen en de leerstof bekeken.”

Sloten de vragen aan op de lesstof?

„Op zich wel. Wat we hebben geleerd, kwam ook terug in het tentamen. Alleen hadden we de lessen over criminaliteit al aan het begin van het schooljaar gehad, en die over politiek pas later. De vragen over criminaliteit leken daardoor heel lang geleden. Gelukkig is dat niet het moeilijkste deel.”

Wat vond je het meest interessant aan het vak maatschappijleer?

„Ik denk het onderwerp criminaliteit. Dat ging vaak over jongeren en dat kun je toch beter begrijpen dan bijvoorbeeld politiek en zo.”

Wat staat er nog meer op het programma?

„Morgen heb ik Engels. Lastig, want daar ben ik niet zo goed in. Je kan er ook niet echt voor leren, want het is een leestekst, maar je kan wel oefenen. Daarna heb ik nog theater, wiskunde, economie en Duits. Dat gaat allemaal wel lukken, denk ik.”