Cyberaanval

Verdere schade door virus, maar ontwrichting blijft uit

Wannacry-virus

Wereldwijd zijn vooral bedrijven aangevallen met ‘gijzelsoftware’, maar criminelen lijken er nog niet veel mee te verdienen.

Vooral in Azië heeft het WannaCry-virus maandag verdere schade veroorzaakt, maar grootschalige ontwrichting door het virus bleef uit. In China werden onder meer universiteiten getroffen. In Europa en in de Verenigde Staten kwam het niet tot de gevreesde massale storingen bij bedrijven, bij het opstarten van computersystemen na het weekend.

Het WannaCry-virus, dat vrijdag en in het weekend onder meer Britse ziekenhuizen ontregelde, is een ‘ransomware’ (gijzelsoftware). Via het virus dringen de daders – waarschijnlijk cybercriminelen – een computernetwerk binnen en versleutelen daar bestanden. Slachtoffers kunnen dan tegen betaling van losgeld in bitcoin, het digitale betaalmiddel, hun eigen bestanden weer terugkrijgen.

Volgens Chinese staatsmedia werden de voorbije dagen bijna 30.000 instellingen in China getroffen door het virus, waaronder 4.000 universiteiten. Studenten raakten soms jaren aan werk kwijt. In Japan werden onder meer het conglomeraat Hitachi en autobouwer Nissan aangevallen. IT-systemen raakten instabiel, maar de productie kwam niet stil te liggen. Anders was dat bij de Franse autobouwer Renault. Een Renaultfabriek met 3.500 werknemers in Noord-Frankrijk bleef maandag gesloten.

Europol spreekt van 200.000 doelwitten sinds vrijdag, vooral bedrijven, in tenminste 150 landen wereldwijd. In het VK hadden enkele afdelingen van het nationale gezondheidssysteem NHS maandag nog steeds IT-problemen.

In Nederland is het parkeerbedrijf Q-Park vooralsnog de enige onderneming die zegt getroffen te zijn door WannaCry. De Autoriteit Persoonsgegevens meldt verder dat alleen in het eerste kwartaal van dit jaar in de Nederlandse gezondheidssector zestien gevallen van datalekken door ‘ransomware’ zijn gemeld.

WannaCry-virus pagina E3-7Commentaar pagina 17