Onderwijs

Mag ik het eindexamen bespreken? Nee, dat is geheim

Onderwijsblog VMBO-leerlingen die zakken voor wiskunde, komen niet te weten waarom. De opgaven blijven geheim, schrijft docent wiskunde Karin den Heijer.

Anp foto, Rick Nederstigt

Het nakijken van het Centraal Examen is een intensief proces. Dit jaar kost mij de eerste correctie ongeveer veertig uur. Dit is niet alleen fysiek zwaar. Het is ook bloedstollend. Ik vind het niet alleen spannend voor mijn leerlingen: het is alsof ik ook zélf beoordeeld word. De leerlingen houden mij met hun volgeschreven A4’tjes een nietsontziende spiegel voor. Maar ik beoordeel bovenal de kwaliteit van het examen.

Een halve eeuw geleden kreeg elke school in Nederland een aantal gecommitteerden toegewezen. Voor het gymnasium en de hbs betrof dat hoogleraren of wetenschappelijk medewerkers van de universiteit. Voor de mulo waren dit ervaren rectoren van gymnasium, hbs of mulo. De gecommitteerden traden op als tweede corrector van het schriftelijk werk en zaten vervolgens bij het mondeling examen.

Het mooie van dit systeem was dat het wetenschappelijk onderwijs ieder jaar intensief contact onderhield met het voortgezet onderwijs. Op de universiteit kon men volgen wat er in het voortgezet onderwijs speelde en voor de docenten in het voortgezet onderwijs fungeerde het als een soort functioneringsgesprek. De kwaliteit van het eindexamen werd op deze manier gewaarborgd.

Ik wil niet terug naar die tijd. Het systeem van een Centraal Examen bevordert gelijkheid en staat garant voor de kwaliteit van ons onderwijs. Maar het inschakelen van universitair docenten bij de tweede correctie zou dezelfde win-winsituatie opleveren. Helaas wijst alles erop dat de plannen van het College voor Toetsing en Examens (CvTE) en het CITO juist een heel andere richting ingaan. Zij zien voor zichzelf in de toekomst een glansrijke hoofdrol weggelegd. Bij de rekentoets maakte ik het al mee: digitale examinering. Op het vmbo – de proeftuin van het CvTE - zijn digitale eindexamens al heel gewoon. Het klinkt zo mooi, heel ‘21e-eeuws’ ook, maar er zitten nogal wat bizarre kanten aan deze nieuwe vorm van toetsing. Laat ik het zo zeggen: van het een komt het ander.

Black box

Omdat het aantal computers op een school beperkt is, zijn meerdere toetsmomenten noodzakelijk. Er moeten dus meerdere versies gemaakt worden. En omdat het aantal opgaven hierdoor erg groot wordt, heeft het CvTE besloten dat deze geheim moeten blijven. De opgaven kunnen dan namelijk worden hergebruikt. De leraren mogen dus niet publiekelijk discussiëren over de inhoud van deze examens. Niet alleen de leraren krijgen de opgaven niet te zien, niémand krijg ze te zien. Bij digitale examens staan er geen opgaven meer in de krant. Het CvTE en het CITO toveren de cijfers uit een black box.

Als een leraar klachten van leerlingen over een opgave in de rekentoets via Twitter openbaart, krijgt hij de onderwijsinspectie op zijn dak. Zelfs op het besloten forum van de Nederlandse Vereniging van Wiskundeleraren is het verboden te schrijven over het inhoud van de digitale examens van het vmbo. Via dit forum kwamen vroeger fouten in de examens aan het licht.

Afgelopen week was er volop discussie over de kwaliteit van het vwo-examen Nederlands. Leraren en auteurs van de gebruikte teksten bogen zich over de opgaven. Zo hoort het! Het is mij een raadsel hoe het CvTE de deugdelijke Nederlandse traditie van openbare examens zomaar om zeep kan helpen. Wie bewaakt in de toekomst de kwaliteit van onze examens? De experimenten van het CvTE met geheime examens moeten per direct gestopt worden.

Wat een armoede: ,,Mag ik het eindexamen bespreken?” ,,Computer says no”.

Karin den Heijer (ir. chemie) is docent wiskunde aan het Erasmiaans Gymnasium en bestuurslid van Beter Onderwijs Nederland.