Eerherstel van het instituut Feyenoord, na de diepe val

Vijftiende landstitel

Het fatalisme leek verankerd na de crisisjaren. De club is wakker gekust, betrokkenen gerehabiliteerd.

Dirk Kuijt (L) van Feyenoord tijdens de laatste competitiewedstrijd. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Het is de titel van de rehabilitatie. Van het voetbalinstituut Feyenoord, vooral. Het falen leek diepgeworteld, tot in de nerven van de club. Feyenoord, opgericht in 1908 en in 1970 de eerste Nederlandse winnaar van de Europa Cup I, was in de jaren rond 2010 gemarginaliseerd tot vulling van het Nederlandse voetballandschap. Groot in naam, maar verdronken in prestaties. Niet langer aanspraak makend op de topdrie, voorbijgestreefd als het was door AZ en FC Twente.

Toen Erwin Koeman tien jaar terug coach was bij Feyenoord „stonden er 68 spelers onder contract”, zei hij onlangs bij de NOS. Het zegt veel over de chaos in die jaren, in anarchie als Feyenoord was rond het vertrek van Jorien van den Herik in 2006. De roemruchte voorzitter leidde de club veertien jaar. Onder zijn bewind zetten de financiële problemen al in en kwam Feyenoord tijdelijk onder curatele van de KNVB. De machtsoverdracht na zijn vertrek was er één vol wantrouwen, onderzoeken en desorganisatie.

Risico’s met grootverdieners

Er wordt in die jaren risico genomen, topspelers komen: grootverdieners Kevin Hofland, Roy Makaay, Denny Landzaat, Giovanni van Bronckhorst. De hoop: nieuw sportief succes, Champions League-voetbal en daarmee de zekerheid van miljoeneninkomsten. Maar de gok pakt desastreus uit. De KNVB-beker wordt in 2008 nog wel gewonnen, maar in de eredivisie blijft Feyenoord ver achter. Bovendien: de gehaalde spelers zijn op leeftijd, waardoor ze nauwelijks restwaarde vertegenwoordigden.

Financieel balanceert Feyenoord in die jaren op een dun koord. De schuldenlast bedraagt op het dieptepunt 43 miljoen euro. In 2010 wordt Feyenoord gered door De Vrienden van Feyenoord, een vermogende groep ondernemers. Zij steken 30 miljoen in de club, in ruil voor 49 procent van de aandelen. Zo wordt een groot deel van de schulden weggewerkt.

De aankopen van 2007, met van links naar rechts: Giovanni van Bronckhorst, Kevin Hofland, Andwelé Slory, Nuri Sahin, Michael Mols, Luigi Bruins, Tim de Cler en Roy Makaay. Foto Ed Oudenaarde / ANP

Resumerend, om het contrast met het heden te benadrukken, de eindranking in crisisjaren 2007-2011: zevende, zesde, zevende, vierde en tiende. Een 10-0 verlies bij PSV, een selectie die coach Mario Been in een geheime stemming wegstuurt en een 6-0 verlies bij FC Groningen.

Drie jaren van voorzichtige bloei volgen vanaf 2011 onder Ronald Koeman, door velen gezien als de grondlegger van het huidige succes. Onder hem worden onvoorziene tweede plaatsen behaald, met veel talenten van jeugdopleiding Varkenoord, goudader in tijden van financiële droogte.

Lees hier het liveblog over de kampioenswedstrijd terug

Maar het fatalisme leek verankerd te zijn, de afgelopen seizoenen; de val onder Fred Rutten in het competitieslot twee jaar terug, de recordreeks met zeven nederlagen onder Giovanni van Bronckhorst vorig seizoen. Instortingsgevaar dreigde altijd bij Feyenoord, wankel als het net opgetrokken fundament was. Typische volksclub, meer sentiment dan resultaat. Het leek geïnstitutionaliseerd. Tussenjaar op tussenjaar, de KNVB-beker als hoogst haalbare.

Ronald Koeman eindigde als trainer twee keer tweede met Feyenoord. Foto Robin Utrecht / ANP

Samensmelten

Maar het kon dus toch, in een in meerdere opzichten onvoorspelbaar seizoen – zie de Europese krachttoer van Ajax, zie de instorting van Oranje. Het jaar dat alles goed valt bij Feyenoord, waarin het tafelzilver van Varkenoord samensmelt met ervaren krachten. De achttien jaar durende exercitie in geduld is beëindigd. De vijftiende landstitel en de eerste in de 21ste eeuw – een nieuwe generatie mag het zoet van een kampioen proeven.

Deze titel kent veel vaders, net als de nederlagenreeks van vorig seizoen veel verliezers kende. Meerderen hadden al weg kunnen zijn bij dit Feyenoord, ook in dat opzicht is dit het kampioenschap van het eerherstel. Iedere andere coach was na zeven nederlagen op rij ontslagen, clubjongen Van Bronckhorst werd gespaard. Hij mocht blijven. Mede met hulp van noodadviseur Dick Advocaat werd de ploeg wakker gekust.

Van Bronckhorst mag nu op zijn 42ste, met enige voorzichtigheid, het predicaat toptrainer krijgen. Feyenoord in deze omstandigheden kampioen maken, met een in de breedte beperkte selectie, is een klein wonder.

Het leergeld vorig jaar was duur, maar de beloning is thans groot. Hij is de vijfde coach in de clubhistorie die zowel de beker als de landstitel wint – Willem van Hanegem was in 1994 de laatste.

John Guidetti, de populaire Zweedse spits, na het behalen van de tweede plaats in 2012. Foto Marco de Swart / ANP

En Eric Gudde, algemeen directeur sinds 2007, die hard saneerde en puin ruimde in de jaren van financiële nood. Vorig seizoen werd er in de kritieke fase maandenlang om zijn vertrek geroepen door een deel van de aanhang. Zijn relatie met de harde kern is punt van zorg. Maar hij bleef, in zijn rug gedekt door een meerderheid in de raad van commissarissen.

Gudde is misschien niet de meest visionaire directeur – geen type Toon Gerbrands, zijn collega bij PSV. Maar hij volhardde in zijn operatie: Feyenoord gezond krijgen. Dat is hem – met hulp van de Vrienden van Feyenoord – gelukt. Het positief eigen vermogen bedraagt bijna 20 miljoen, waar de club zeven jaar terug 35 miljoen in de min stond.

Het mislukken van het stadionplan in 2013 kleefde aan hem. Maar ook op dat gebied zijn er nu vorderingen: de gemeenteraad stemde donderdag in met een nieuw stadionproject. Volgens de berekeningen zou Feyenoord daarmee vanaf 2022 (oplevering stadion) financieel op ooghoogte van Ajax en PSV moeten komen.

Technisch directeur Martin van Geel, het andere prominente directielid: zat ook op de schopstoel vorig seizoen. Hem werd door een klein deel van de Vrienden van Feyenoord een falend aankoopbeleid verweten op het moment dat de club eindelijk weer miljoenen kon investeren.

Zijn positie werd wellicht gered door de bekerwinst vorig seizoen. Van Geel, eerder verantwoordelijk voor het aanstellen van Ronald Koeman, vond zijn gouden hand terug: hij haalde de Deense spits Nicolai Jørgensen, de Australische keeper Brad Jones en hij huurde aanvaller Steven Berghuis. Alle drie voltreffers.

Niet alleen in de top van de club zijn er dit soort verhaallijnen, ook in de selectie bestaan ze. Karim El Ahmadi was zeven jaar geleden nog invaller tijdens de 10-0 tegen PSV. Nu vormt hij de motor van dit Feyenoord, met maatje Tonny Vilhena. Die was vorige zomer al op weg naar de uitgang, kon tekenen bij Internazionale, maar bleef vanwege de ziekte van zijn inmiddels overleden moeder.

Woest

Aanvaller Jens Toornstra stond een kleine anderhalf jaar terug woest in het kantoor van Martin van Geel: hij wilde weg. Hij was reserve en miste het vertrouwen. Hij kon naar het Duitse Hoffenheim, maar Van Geel liet hem niet gaan. En zie dit seizoen, Toornstra is stuwende kracht in de as, sleuren, zagen, goals, assists.

Buitenspeler Berghuis die op een dood spoor zat bij Watford en als huurling weer tot leven werd gewekt in de Kuip. Eljero Elia die in de vergetelheid was geraakt, tot hij zich twee jaar terug zelf meldde bij Feyenoord, waar hij laat zien Oranje-waardig te zijn.

Feyenoord zakte diep, en met Feyenoord vielen er velen. Het gevallen instituut is opgestaan – en velen klimmen mee omhoog.