Column

Vanuit je stoel Afrika beleren

Vraag je mensen naar de oplossing voor klimaatverandering, dan geven ze meestal een oplossing waarbij ze zelf niet zoveel hoeven te doen. Ik maak me daar ook schuldig aan. Ik at bijvoorbeeld al weinig vlees, dus het was redelijk eenvoudig om te verklaren dat de belangrijkste klimaatmaatregel minder vlees eten is. Dan hoef ik weinig aan mijn leefstijl te veranderen om mezelf toch een heel verantwoordelijke burger te voelen.

Er is niets mis met het treffen van makkelijke, goedkope klimaatmaatregelen. Ik hoop dat ze aan de formatietafel ook kijken welke investering per euro de meeste broeikasgasreductie oplevert. Maar bij die zoektocht naar de goedkoopste maatregel moet je je aan één belangrijke beperking houden. Het moet wel waar zijn wat je zegt.

Klimaatverandering ontkennen is een voorbeeld van zo’n ‘goedkope’ maatregel – als er geen probleem is, hoef je er niets aan te doen. Hetzelfde geldt voor de veelgehoorde bewering dat het klimaat wel verandert, maar dat dit niet door mensen wordt veroorzaakt. Ook daar ontsla je jezelf van de morele plicht uit je leunstoel te komen.

Een andere variant hoorde ik afgelopen week op Radio 1 voorbijkomen. Daar beweerde historicus Geerten Waling dat de belangrijkste veroorzaker van klimaatproblemen overbevolking is. Hij stelde zelfs voor om ontwikkelingshulp voortaan afhankelijk te maken van een campagne ter bevordering van geboortebeperking.

Ook dat kun je zien als een goedkope klimaatmaatregel: er is een probleem, maar dat moeten ze vooral in Afrika oplossen. „Durf je erover te schrijven?” vroeg iemand mij laatst nog. Overbevolking heeft een beetje diezelfde geheimzinnigheid als het ontkennen van klimaatverandering. Voor mijn gevoel heeft iedereen het er de hele dag over en tóch beweert iedereen dat het een groot taboe is.

Maar ja hoor, ik durf er heus over te schrijven. Het probleem met het overbevolkingsargument is dat het heel logisch klinkt – meer mensen betekent meer vervuiling. Maar wie beter kijkt, ziet dat het wel meevalt met die logica. Stel, het lukt om vrouwen te overtuigen minder kinderen te krijgen – al dan niet met ontwikkelingshulp als dwangmiddel – dan nog kun je er niet omheen dat vijf kinderen, geboren in een gemiddeld arm Afrikaans land, nog altijd minder energie gebruiken dan één Nederlands kind.

Mijn zoon gebruikt straks in zijn eentje dezelfde hoeveelheid elektriciteit als vijftig Nigeriaanse kinderen. Dan kun je Nigeriaanse vrouwen vragen om, please please please, het bij maximaal twee te houden omdat het anders zo’n janboel in deze wereld wordt, maar als ik een Nigeriaans leider was, zou ik je met je witte arrogante organisatie met kop en staart het land uitsmijten. Ook aan hypocrisie zijn grenzen. Het vervelende aan Walings klimaatoplossingen is niet alleen dat ze goedkoop zijn; ze schuren ook met de waarheid. Weet je wanneer je je echt zorgen moet maken om het milieu? Als de geboortecijfers van Nigeria en andere Afrikaanse landen terug lopen. Als ouders besluiten minder kinderen te krijgen, is dat bijna altijd het gevolg van welvaart, van een beter levensstandaard. Zodra kinderen niet meer aan diarree of mazelen overlijden, omdat er riolering is en vaccinatie, dan beslissen ze om minder kinderen te krijgen. Als moeders hun leven in eigen hand kunnen nemen, omdat ze beter opgeleid zijn en omringd worden door betere infrastructuur en instituties, dan pas zien mensen het nut van kleinere gezinnen.

Algemene welvaart en ontwikkeling bevorderen is een tien keer effectievere strategie om overbevolking te lijf te gaan dan Waling die met zijn opgeheven vingertje komt betuttelen. Tegelijkertijd jaagt zo’n strategie ook meer vervuiling aan. Consumptie is bijna altijd negatief gecorreleerd met gezinsgrootte. Kleinere gezinnen eten meer vlees, rijden meer auto, boeken vluchten en leunen zwaarder en langer op de wereld. De groei van de wereldbevolking is een peulenschil als je het vergelijkt met de groei in energievraag en -uitstoot. Ik ben voor een zo goedkoop en efficiënt mogelijk klimaatbeleid, maar vanuit je leunstoel roepen dat ze het in Afrika moeten oplossen is net iets té makkelijk. En iets te slordig gedacht.

Rosanne Hertzberger is microbioloog.