Mieren met een parfum voor hun prinsessen

Ilustratie Irene Goede

Pasgeboren prinsjes en prinsesjes zijn heel normale baby’s. Ze zijn net zo bol en bloot en huilen even hard als de rest.

Toch kun je babyprinsjes en -prinsesjes herkennen. Aan het kroontje boven de wieg bijvoorbeeld. Of aan het met gouddraad gestikte dekentje. Allemaal om te laten zien dat hier niet zomaar een kindje slaapt, maar een Koninklijk Kindje.

Mieren herkennen hun prinsjes op een andere manier. Hun toekomstige koninginnen dragen een parfum. Een prinsessenparfum.

Twee biologen uit Amerika hebben het parfum ontdekt in nesten van de Indiase springmier. Inderdaad. De Indiase springmier is een mier uit India die hoog kan springen.

De kraamkamers van springmieren liggen vol met witte, kronkelende wurmpjes. Dit zijn mierenlarven. Als de larven goed verzorgd worden, zullen ze uitgroeien tot een mier.

De meeste larven worden werkermieren. Maar een paar larven hebben een ander lot. Het zijn prinsessenlarven. Later worden het koninginnen met vleugels. Zij mogen uitvliegen om nieuwe mierenkolonies te stichten.

Dat is mooi, maar er mogen niet te veel koninginnen geboren worden. Als iedereen zomaar koningin wordt, zijn er geen onderdanen om te werken. Een warboel zou dat worden.

Er is maar één manier om ervoor te zorgen dat een prinses geen koningin wordt: erin bijten. Een larve die gebeten is wordt altijd een werker.

Als er te veel koninginnen aankomen, bijten de werkermieren dus met hun grote kaken in alle prinsessenlarven. „Excuseer mij prinses, maar ik bijt even in uw bil.”

De grote vraag is nu: hoe weten de werkers welke larven ze moeten bijten? Zouden de prinsessenlarven misschien anders ruiken, dacht de biologen.

Om dat uit te zoeken wreven de biologen met prinsessenlarven over gewone werkerlarven. En ja hoor, daarna werden de werkerlarven óók gebeten. Zielig, maar wel goed om te weten.

De biologen vonden het prinsessenparfum in het vettige waslaagje dat alle larven hebben. Toen de biologen dat laagje afspoelden en over andere larven uitsmeerden, werden ze weer gebeten.

Eén vraag hebben de biologen nog niet beantwoord: zou het prinsessenparfum nou ook lekker ruiken?

Bron: Animal Behaviour, 2 mei