Column

Vaarwel, rebel met de chipszak

Beeld van de Week Arjen van Veelen schrijft wekelijks over een nieuwsfoto. Vandaag: Ferguson, zomer 2014.

FILE - In this Aug. 13, 2014, file photo, Edward Crawford Jr. throws a container of tear gas back at police officers during a protest against police in Ferguson, Mo., four days after a white police officer fatally shot unarmed black teenager Michael Brown. The photo was part of the St. Louis Post-Dispatch's Pulitzer Prize-winning photo coverage of the protests. Police said Thursday, May 4, 2017, that Crawford has died of a self-inflicted gunshot wound. (Robert Cohen/St. Louis Post-Dispatch via AP, File)

Hij is 25 jaar, vader van drie kinderen. Hij werkt overdag als ober. Dit is de eerste keer in zijn leven dat hij demonstreert. Iets na middernacht ploft er een traangasgranaat voor zijn voeten. Hij pakt het sissende ding instinctief op en werpt het weg.

Het is bijna een spijkerbroekreclame. De eeuwige rebel.

Wie kaatst, kan de bal verwachten, zegt het beeld.

De iconische foto werd gemaakt in de zomer van 2014, tijdens straatprotesten tegen politiegeweld in het stadje Ferguson, Missouri. Het werd een logo van verzet. Het beeld werd gekopieerd op T-shirts en muurschilderingen. Het succes kwam wellicht vanwege die zak chips in de hand van de activist: die geeft een laconieke lading aan de woede. Volgens de fotograaf, Robert Cohen, kwam het vanwege de Amerikaanse vlag op het shirt. Die maakt het beeld prangender: dit is het Amerika van nu.

Deze week dook de foto weer op omdat Edward Crawford, de man op de foto, dood is. Hij werd 27 jaar, was inmiddels vader van vier kinderen. De politie trof hem afgelopen week aan met een schotwond in zijn hoofd. Zelfmoord, zei de politie. Al eerder stierven er twee bekende activisten uit Ferguson, zij waren vermoord. Dat rijtje is volgens sommigen verdacht. Maar het kan ook ‘toeval’ zijn: geweld is hier normaal net als stress en depressie.

Hoe dan ook roept de plotselinge dood van het gezicht van de protesten de vraag op wat er van over is gebleven, behalve iconische, Pulitzer-prijs winnende beelden.

Edward Crawford zelf zei al in 2014 dat hij zich weinig illusies maakte. „Jij zult je verhaal schrijven, en je zult uit de stad vertrekken, en niets zal er veranderen”, zei hij in augustus tegen een journalist van de Washington Post. „Over een dag, een mand, een jaar, als jij vertrokken bent, is het nog steeds fucked up in Ferguson.”

Daar kreeg hij gelijk in. Inderdaad is er weinig veranderd.

Vorige maand was ik zelf even terug in Ferguson. Ik zocht er mensen op die ik leerde kennen toen ik er enige tijd in de buurt woonde. Een van hen, zelf ook een bekende activist, Tony Rice, vertelde me dat er weliswaar kleine dingen veranderd waren. (Bijvoorbeeld dat de politie nu verplicht was body camera’s te dragen. En dat de gemeenteraad niet meer vrijwel honderd procent wit was.) Maar er was nauwelijks iets veranderd in de hearts and minds van de mensen, zei hij. De veranderingen gingen eerder tegen heug en meug.

En elke dag werd hij wakker met de vraag of Jeff Sessions, de minister van Justitie onder Trump, niet weer iets had teruggedraaid van wat ze voor elkaar hadden gebokst.

Het klonk vrij deprimerend.

Ik moest er aan denken toen ik deze week de prachtige documentaire I Am Not Your Negro zag. Die is geënt op een onvoltooid werk van de Amerikaanse essayist en romancier James Baldwin. Dat werk gaat over drie Amerikaanse burgerrechtenactivisten die werden vermoord. Martin Luther King, Malcom X en Medgar Evers.

De documentaire bevat archiefbeelden waarin Baldwin tijdens een tv-interview de vraag krijgt: „Waarom zijn zwarte mensen niet optimistischer?” Want er was toch al zoveel bereikt, slavernij afgeschaft, et cetera.

De documentaire zelf beantwoordt die vraag door archiefbeelden van de demonstraties van ruim vijftig jaar geleden te mixen met recente beelden uit Ferguson. Boodschap: er is geen spat veranderd. Dat blijkt ook uit de cijfers. Vorig jaar, gewoon nog onder Obama, hadden jonge zwarte Amerikanen negen keer meer kans om te komen door politiegeweld dan doorsnee Amerikanen.

Dat maakt veel activisten in Ferguson trouwens minder hysterisch over Trump dan sommige Nederlanders. Niet zozeer omdat ze minder van hem te vrezen hebben – integendeel – maar omdat ze meer gewend zijn. Ze zien hem niet als een breuk met het verleden, maar als voortzetting van een sterke Amerikaanse traditie waar ze al circa vierenhalve eeuw tegen vechten.