Opinie

Macron marcheerde op Europees volkslied

Meesterlijke symboolpolitiek, zondagavond op het plein bij het Louvre. Terwijl ‘links’ zulke feesten op het Bastilleplein in het oosten van Parijs viert en ‘rechts’ op Place de la Concorde in het westen, koos centrist Emmanuel Macron voor het stadsmidden. Het Louvre – eens paleis van de Franse koningen, nu mondiale kunsttempel, sinds Mitterrand met de glazen piramide – verbindt geschiedenis met moderniteit, politiek met cultuur. Dat was al slim. Maar dan de muziek! Louter op de tonen van Beethovens ‘Ode aan de Vreugde’ liep de oprichter van En Marche! – Op Weg! – in zijn eentje plechtig het flinke eind tot het podium.

De keus voor het Europese volkslied was moedig en werkte bevrijdend. Moedig, want zoiets kan verkeerd of pathetisch uitpakken, maar de vlaggende menigte gunde het hem. Bevrijdend, want de muziek verloste het Franse en Europese publiek van de vrees dat de Brexit-Trump-golf van 2016 onstuitbaar zou doorrollen naar het Europese vasteland, bressen slaand in Nederlandse dijken (door ons in maart voorkomen) en Franse barrières. Met de ‘Ode aan de Vreugde’ zei de president: gevaar geweken, Frankrijk is terug en Europa leeft.

Daarna de toespraak en een podiummoment en famille – we zagen niet alleen echtgenote Brigitte, onder vuur als te invloedrijk, maar een bont-eigentijds gezelschap van kinderen/stiefkinderen en kleinkinderen. En daar klonk reeds, ter symmetrische afsluiting, Frankrijks eigen Marseillaise. Bij de woorden „Marchons, marchons…”, „Laat ons op mars gaan”, kon marcheerder Macron een glimlach niet onderdrukken.

Pro-Europese retoriek dus, maar om wat te bereiken? Ideeën heeft de nieuwe man genoeg: voor de eurozone, buitengrenzen, defensie, sociale bescherming, burgerdebatten; deels nieuw, deels Parijse stokpaardjes en alle de moeite van het bespreken waard. Maar hoe ziet hij Europa’s vorm en toekomst? Macron zegt de woede en frustratie te hebben gehoord; in de eerste ronde stemde 49 procent van de Franse kiezers op felle anti-EU-kandidaten. Houdt hij vast aan het Brusselse geloof, aan het toekomstbeeld van de Verenigde Staten van Europa? Dat is riskant; daarvoor biedt zijn kwart van de kiezers onvoldoende mandaat.

Of breekt hij met de doctrine, om iets nieuws gestalte te geven, een soevereine Unie van soevereine lidstaten? Voorlopig blijft het onduidelijk; beide scholen bevinden zich in zijn omgeving. Zo doet als kandidaat-premier de naam van Sylvie Goulard de ronde: een liberale federaliste uit het Europees Parlement, denkkracht achter Guy Verhofstadt. Tegelijk laat Macron zich adviseren door oud-minister Hubert Védrine, zeer kritisch op het Brusselse denken, in de soevereinistische traditie van De Gaulle en Mitterrand, die Europa’s hoogste gezag niet bij Commissie en Parlement maar bij de verzamelde nationale leiders legden. Nog is het moment van vreugdevolle ambivalentie, van alles dekkende termen als ‘herstichting’ en ‘nieuw begin’, maar de keuzes gaan komen.

Kort na Trumps inauguratie in Washington – een eeuwigheid geleden – publiceerde Macron een Engelstalig opiniestuk in de Financial Times. Europeanen kunnen en moeten hun lot in eigen handen nemen, aldus de kandidaat, de dagen van Amerikaanse bescherming zijn voorbij.

Zijn intrigerende slotakkoord: „Soevereiniteit ligt niet in abstracte principes. Het Franse volk emancipeerde zich niet van de absolute monarchie in 1789 toen het verklaarde dat ‘het beginsel van soevereiniteit allereerst in de natie’ ligt. De ware emancipatie volgde in 1792, toen burgers in heel Frankrijk opstonden om de Revolutie te verdedigen tegen buitenlandse vorsten. Een volk wordt soeverein wanneer het zijn eigen keuzes maakt. Het is tijd voor Europa om soeverein te worden.”

Luuk van Middelaar is politiek filosoof en hoogleraar Europees recht en EU-studies (Leiden, Louvain-la-Neuve).