Ineens was ze de vrouw die het eindexamen Nederlands verpestte

Vwo-eindexamen Simone van Saarloos wist van niets, tot ze ineens een mailtje van het Cito kreeg. En woedende reacties van scholieren. „Wat een verschrikkelijk stuk.”

Een tafeltje bij het examen Nederlands van woensdag. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Woensdag 10 mei begon voor Simone van Saarloos als een normale, doordeweekse dag. Maar aan het eind van de middag staat ze ineens bekend als „die vrouw die het Nederlands eindexamen verpestte”.

Na het vwo-examen op woensdag waren sommige scholieren zo gefrustreerd, dat ze de Wikipedia-pagina van de schrijver en filosoof probeerden aan te passen.

Waarom? Vanwege de moeilijke examenvragen over haar artikel, een opiniestuk uit 2013, getiteld ‘Vrouwen bevoorrecht? Nee, ze zijn juist bezig met een inhaalslag’, destijds gepubliceerd in NRC. Het is één van de vier teksten die in het examen behandeld werden.

Van ‘fijne repliek’ tot ‘takkewijf’ en ‘Ik ga apocalyptisch schreeuwen van deze feministische kritiek’

De schrijver wist daar zelf nog niets van, totdat de berichten via sociale media bij haar binnenstroomden: „Wat een fijne repliek, ik ben meteen meer van je gaan lezen.” Maar ook: „Takkewijf.” „Ik ga apocalyptisch schreeuwen van deze feministische kritiek.” „Wat een verschrikkelijk stuk, mop.”

Van Saarloos: „’s Middags kreeg ik ineens een mailtje van de mensen van Cito en nog geen half uur later kwamen de eerste berichten al binnen. Het wordt meteen persoonlijk gemaakt. Ik ben wel een beetje klaar met die online haataanvallen.” Hoewel voor haar niet nieuw, was ze er deze keer niet op voorbereid.

Van Saarloos haalde donderdag bij Cito verhaal. „Zij zijn natuurlijk niet verantwoordelijk voor de reflex van scholieren. Maar ik vond dat ze daar ook moesten weten wat zo’n stuk teweeg kan brengen.”

Dat auteurs pas na een examen worden ingelicht over het gebruik van hun teksten, is niet anders, zegt Cito. Zij hebben nu eenmaal de plicht tot geheimhouding, zodat het examen niet uitlekt. Wel betreuren zij dat Van Saarloos hinder heeft ondervonden van het examen.

In de examentekst is tot mijn schrik het woord ‘disproportionaliteit’ toegevoegd

Ook NRC-redacteur Folkert Jensma is niet onverdeeld enthousiast over het gebruik van zijn tekst in het examen. Cito had zijn juridische column, getiteld ‘De keerzijde van de ‘harde aanpak’’, aangepast. „In de examentekst is tot mijn schrik het woord ‘disproportionaliteit’ door de examinator ingevoegd. Daar baal ik enorm van. Als NRC-redacteur probeer ik moeilijke woorden zoveel mogelijk te vermijden en dan worden ze buiten je om toegevoegd. Cito wordt bedankt.” Als daarvoor van tevoren toestemming was gevraagd had hij dat „zeker geweigerd”, zegt hij.

Bij Cito vinden ze dat jammer. „Wij streven altijd naar het overeind houden van een tekst, waarbij we rekening houden met het standpunt en de mening van de auteur, de onderbouwing van het standpunt, de persoonlijke stijl en woordkeuze.” Cito bewerkt de tekst vanwege „het niveau van de examenkandidaat en de gewenste lengte van het examen”.

27.500 klachten

Over het bewuste examen zijn tot donderdagavond ruim 27.500 klachten binnengekomen bij het scholierencomité Laks, een nieuw record. De kritiek: te lang, te veel open vragen en te weinig tijd.

Wat vinden Jensma en Van Saarloos zelf eigenlijk van de vragen over hun teksten? Jensma was al na een half uurtje klaar met zijn acht examenopgaven. En dat viel niet mee. „Het waren moeilijke vragen. Vooral die eerste zou ik echt niet weten. Meerdere antwoorden kunnen goed zijn, er is veel ruimte voor interpretatie mogelijk.”

Lees ook het opinieartikel van deze leraar Nederlands: Beste examenleerlingen, zeg mij na: ik kan het gewoon niet

Van Saarloos vindt de vragen over haar tekst „redelijk te doen”. „Maar je moet wel erg goed lezen om te begrijpen wat ze precies bedoelen. De vragen laten wat mij betreft te weinig ruimte voor begrijpend lezen. Het lijkt meer op puzzelend lezen.”

Ze vindt de meerkeuzevragen helder en behapbaar, maar heeft moeite met de woordlimiet die wordt opgelegd bij de open vragen. „Dan wordt er gevraagd of je zelf wil nadenken, maar tegelijkertijd moet je je antwoord in twintig woorden geven. Daarmee stopt het vrije denken meteen en denk je alleen nog: wat wil de examinator hier horen? Past het antwoord in de mal?”

Op Twitter richt Van Saarloos zich donderdagmiddag nog even tot de examenkandidaten: „Beste scholieren. Ik heb de vragen op jullie examen niet bedacht. Ik wens jullie een goed cijfer! #vwo #nederlands #examen #deauteurisdood.”

Dat laatste is een grapje, zegt ze. „Maar je hebt gewoon pech als je een levende auteur bent.” En dan serieus: „Laat de tekst de tekst en vind daar van alles van. Maar laat mij met rust.”

We vroegen Folkert Jensma de examenopgaven over zijn eigen tekst te maken. Zie hieronder het resultaat.