Rapport oordeelt stevig over NFI

Algemeen directeur Reinout Woittiez diende naar aanleiding van de resultaten in februari al zijn ontslag in.

Foto Marco de Swart/ANP

De organisatie- en werkcultuur bij het Nederlands Forenisch Instituut (NFI) vertoont grote gebreken. Medewerkers voelen zich vaak onveilig, er heerst achterdocht en er ontstaan voortdurend conflicten. Ook bestaat er een grote kloof tussen personeel en leidinggevenden.

Het zijn enkele conclusies uit het onderzoeksrapport naar de organisatie- en managementcultuur van het NFI dat woensdag verscheen. Toenmalig minister Ard van der Steur (Justitie, VVD) stelde dat onderzoek vorig jaar zomer in, nadat verschillende medewerkers tegen de media spraken over een ‘doofpotcultuur’. Begin 2015 luidden medewerkers al de noodklok over de zware bezuinigingen, waardoor het werk van het NFI in het gedrang zou komen. De problemen verergerden daarna, maar medewerkers zouden onder druk worden gezet hierover niet naar buiten te treden.

Het NFI doet, meestal in opdracht van de politie of het Openbaar Ministerie, forensisch onderzoek. Het instituut is een agentschap van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Spanningen

Naar aanleiding van de eerste resultaten van het onderzoek naar het NFI, besloot toenmalig algemeen directeur Reinout Woittiez in februari van dit jaar al ontslag te nemen. Uit het woensdag gepubliceerde rapport blijkt dat er inderdaad grote spanningen waren ontstaan tussen medewerkers en leidinggevenden, waarbij vooral het conflict tussen de algemeen directeur en de OR hoog opliep. Maar ook op de werkvloer zelf is de sfeer slecht, met weinig sociale omgangsvormen en de inrichting van talloze “koninkrijkjes”, waardoor samenwerking vaak moeizaam verloopt.

Het rapport oordeelt ook hard over de rol van het ministerie van Veiligheid en Justitie, dat te weinig sturing gaf aan het NFI. Er werd slechts een opdracht tot bezuinigen gegeven, zonder een duidelijk verhaal over de taken die het NFI zou moeten blijven vervullen. Ook een duidelijk idee over de rol van het NFI in de maatschappij kwam vanuit het ministerie niet, stelt het rapport.

Hoewel het rapport de cultuurproblemen bij het NFI als “stug en ernstig” betitelt, zien de onderzoekers ook hoopvolle signalen: veel medewerkers tonen zich strijdbaar om de cultuur te veranderen. “De interne motivatie die wij hebben ervaren bij medewerkers is dan ook de belangrijkste reden dat ons oordeel hoopvol is”, aldus de onderzoekers.

In een brief aan de Tweede Kamer schrijft demissionair minister Stef Blok (VVD, Justitie) woensdag dat een interim-manager bij het NFI de aanbevelingen zo spoedig mogelijk zal gaan doorvoeren. Hoewel hij benadrukt dat de problemen bij NFI “ernstig, stug en al van zeer lange duur zijn”, schrijft hij niettemin vertrouwen te hebben dat de cultuurverandering gerealiseerd kan worden.