Oermens als tijdgenoot

Menselijke Evolutie

De primitieve oermens Homo naledi baarde twee jaar geleden al opzien. Nu blijkt hij een tijdgenoot van de moderne mens te zijn.

Homo naledi, ca. 250.000 jaar oud. Herseninhoud: 500 à 600 cc. Foto Wits University/ John Hawks

De mysterieuze oermens Homo naledi, met zijn kleine hersenen, leefde verrassend kort geleden. Zijn botten zijn zo primitief dat ze gerust twee miljoen jaar oud zouden kunnen zijn, maar ze blijken nu tussen de 300.000 en 200.000 jaar oud. De nieuwe datering maakt de naledi-mensjes tijdgenoten van vroege Homo sapiens, die zeker vanaf 200.000 jaar geleden in Midden-Afrika leefden.

Fossielen van Homo naledi werden twee jaar geleden met veel bombarie gepresenteerd, maar tot irritatie van andere wetenschappers ontbrak toen de datering. De langverwachte datering is door het Zuid-Afrikaanse team van onderzoekers dinsdag gepresenteerd in het tijdschrift eLife. Ze publiceren ook een nieuwe vondst van 131 nieuwe naledi-fossielen. Deze beenderen en tanden lagen in een grot in Zuid-Afrika die verbonden is met de grot waar in 2015 de eerste 1.550 fossielen van het naledi-mensje zijn gevonden.

Deze nieuwe vondsten bevestigen dat de anderhalve meter lange Homo naledi ongewoon was: met moderne én primitieve trekken. Primitief zijn het kleine brein (500 à 600 milliliter), het vooruitstekende snoetje en de verrassend lange, kromme vingers, een eigenschap die vaak in verband wordt gebracht met bomenklimmen. Modern zijn de kleine kaak en tanden en de vorm van pols en voeten.

Maar schokkender dan de vondst van nieuwe beenderen is dus de geringe ouderdom. De fossielen zouden aanvankelijk 2,5 miljoen jaar oud kunnen zijn, maar ook 50.000 jaar. Was hij een verre voorouder of recente zijtak?

Die datering heeft het naledi-team nu wel uitgevoerd: de 1.500 al eerder gevonden botten zijn tussen de 236.000 en 335.000 jaar oud. Evolutionair gezien is dat extreem kort geleden voor een mens met zoveel primitieve kenmerken.

„Verbazingwekkend jong”, vindt Chris Stringer van het Natural History Museum in Londen. „Het ontkracht wat mij betreft het idee dat natuurlijke selectie de evolutie van steeds grotere breinen heeft aangejaagd.” „Een prima vondst, maar vooral de datering is interessant”, zegt de Nederlandse paleoantropoloog Fred Spoor (University College London). „Dit betekent meer chaos in de Midden-Steentijd, maar dat is helemaal niet erg.”

Vijf menssoorten

De jonge leeftijd van naledi betekent dat er de afgelopen 300.000 jaar minstens vijf menssoorten over de aarde rondzwierven. In Afrika leefden dus Homo naledi en de vroege Homo sapiens. In Europa en West-Azië waren het Neanderthalers. In Midden-Azië leefde de mysterieuze Denisoviërs. En het Indonesische eiland Flores was het thuiseiland van het verdwergde Floresmensje. Van die vijf mensen is nu alleen Homo sapiens nog over.

De 131 nieuwe fossielen komen van drie verschillende skeletten, van twee volwassenen en één kind. Het belangrijkste fossiel is een bijna complete schedel. Op de schedel zijn aanhechtingen zichtbaar voor forse kaakspieren. De onderzoekers denken daarom dat het gaat om de schedel van een man. In 2015 zijn ook al schedelfragmenten gevonden, maar toen ontbraken nog grote delen van het gezicht.

De fossielen zijn gevonden in de Lesidi-kamer van het grottenstelsel Rising Star, 30 meter onder de grond. De grot is te bereiken via een pad van 80 meter vanaf het aardoppervlak. De Lesidi-kamer is ook vanuit de Dinaledi-kamer te bereiken waar de eerste 1.500 botten van Homo naledi gevonden zijn (‘Dinaledi’ betekent ‘sterren’ in het Sesotho), maar de verbinding bestaat uit een moeilijke klauterroute van 145 meter lang.

Met een ouderdom van 200.000 à 300.000 jaar komt ook DNA-onderzoek binnen handbereik. Zulke DNA-gegevens zouden kunnen onthullen wat de verwantschap is met Neanderthalers en moderne mensen. In 2014 slaagden genetici van het Duitse lab van Svante Pääbo er bijvoorbeeld in om mitochondriaal DNA te isoleren uit de ongeveer even oude beenderen uit de Spaanse grot Sima de los Huesos.

Bij Homo naledi is het isoleren van DNA vooralsnog niet gelukt. „De beste labs hebben het geprobeerd”, zegt naledi-onderzoeker John Hawks. „Maar het lijkt erop dat het Zuid-Afrikaanse klimaat ongeschikt is voor het bewaren van DNA. De gemiddelde temperatuur ligt rond de twintig graden Celsius. Dat is te hoog.”

Ook na deze nieuwe, tweede vondst van naledi-beenderen in een grot blijft de vraag: hoe kwamen al die lichamen in de grotten terecht? Er zijn daar geen schachten waar naledi-mensjes in kunnen zijn gevallen. Er zijn ook geen sporen van vleeseters die de lichamen hun hol in getrokken hebben. En ook al geen signalen dat een overstroming de botten de grotten heeft in gespoeld. De enige optie die overblijft, zo betogen de naledi-onderzoekers, is dat een mens de lichamen heeft bijgezet: een moedwillige begraving dus. „We hebben andere verklaringen onderzocht”, zegt Hawks, „maar die andere verklaringen snijden geen hout”.

Het betekent dat naledi door smalle gangen met lichamen moet hebben gezeuld. Het was pikkedonker, dus een fakkel zou geholpen hebben.

Niet iedereen vindt dat geloofwaardig. „Het is onwaarschijnlijk dat een wezen met een brein zo groot als een gorilla tot zulk complex gedrag in staat was”, zegt Chris Stringer. „Zeker als je bedenkt dat een beheersing van vuur een vereiste is om in een donkere grot af te dalen.”

De onderzoekers denken inderdaad dat Homo naledi vuur beheerste. Hawks: „Dat is helemaal niet zo verrassend als je bedenkt dat er in het nabijgelegen Swartkrans sporen van vuren zijn gevonden van 1,2 miljoen jaar oud.” Lang niet iedereen accepteert die Swartkrans-resten als bewijs voor vuurgebruik.

Het team gaat nu ‘op alle mogelijke manieren’ naar sporen van vuurgebruik in de grotten zoeken. Hawks: „Als er vuur gebruikt is, zullen we het vinden.”