Ottomaanse kleding in 17de-eeuws Texels wrak

Scheepsvondst Er kwam al een japon uit het Texelse wrak, nu zijn er ook twee zeer goed bewaarde oude kaftans gevonden.

Ottomaanse 17de-eeuwse kaftan van fluwelige rode zijde uit het wrak bij Texel. Foto Provincie Noord-Holland

Bij het onderzoek naar een wrak van een 17de-eeuws schip bij Texel zijn twee zeer bijzondere zijden kaftans uit het Ottomaanse Rijk gevonden. Dat maakten onderzoekers woensdag bekend tijdens een presentatie in het Rijksmuseum in Amsterdam. In datzelfde wrak werd al eerder een vrijwel intacte, mogelijk Engelse japon gevonden.

De provincies (Zeeland, Noord- en Zuid-Holland, Friesland en Groningen) willen, mede naar aanleiding van deze vondsten, veel meer geld voor onderzoek en behoud van de vele historische scheepswrakken in de Noordzee en Waddenzee. Ze vroegen dat woensdag in een brief aan minister Bussemaker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Ze noemen geen bedrag, maar achter de schermen wordt gesproken over 3 miljoen euro.

Minister Bussemaker heeft onlangs 2 miljoen euro uitgetrokken voor de opgraving van het VOC-schip de Rooswijk, dat voor de Engelse kust ligt. De provincies wijzen er op dat dichter bij huis wrakken liggen die minstens zo interessant zijn.

Vorig jaar werd bekend werd dat amateurduikers in een 17de-eeuws wrak bij Texel een vrijwel intacte japon hadden gevonden. In totaal hebben sportduikers ongeveer duizend objecten uit het schip boven water gehaald, zoals palmhout, wierook, een boekomslag met het wapen van de koninklijke Stuart-familie, en een jakobsstaf (een navigatie-instrument).

Een team onder leiding van Maarten van Bommel, hoogleraar cultureel erfgoed aan de Universiteit van Amsterdam, doet nu verder onderzoek.

Drie onderzoekers van de School of Historical Dress in Londen hebben de afgelopen maanden tussen de Texelse textielvondsten nieuwe ontdekkingen gedaan. Ze vonden niet alleen vier losse mouwen, die waarschijnlijk door een vrouw werden gedragen, maar ook onder meer fragmenten van twee zijden kaftans: een kleine, fluwelige rode, en een grote roze. In de zeventiende eeuw lieten mensen uit de hogere klassen kleding in oosterse stijl maken, maar op basis van de gebruikte kleermakerstechnieken gaan de onderzoekers er van uit dat de kledingstukken in het Ottomaanse rijk zijn gemaakt.

Ze zouden bijvoorbeeld als ruilgeschenk in westerse handen gekomen kunnen zijn. John Covel (1638-1722) van de Britse Levant Company beschrijft zo’n uitwisseling aan het Ottomaanse hof in een van zijn dagboeken. De kleding kan ook afkomstig zijn uit Polen, Hongarije of Perzië. De vondst geldt in ieder geval als zeer bijzonder. Er is in het wrak ook nog meer textiel gevonden, zoals een wandtapijt dat waarschijnlijk afkomstig is uit India of Pakistan.

Over de vorig jaar al gevonden japon bestaan intussen nog veel vragen. Die jurk en andere vondsten (zoals het boekomslag met het wapen van de Stuarts) waren toen aanleiding voor veel speculatie. Het vaartuig zou de bagage hebben vervoerd van een Engelse hofdame. Die theorie is intussen ontkracht. Zelfs zijn er twijfels over de Engelse herkomst. De jurk is volgens experts niet in Engeland, maar in Noordwest-Europa is gemaakt.

Het wrak zelf, dat ook antwoorden op vragen zou kunnen geven, is vorige zomer afgedekt. Het is nog niet zeker of het (deels) opgegraven gaat worden. Dat hangt onder andere van geld af.