Opinie

Wat wil Hennis echt met de Reaper-drone?

Den Haag moet duidelijk maken hoe nieuwe drones, die met raketten bewapend kunnen worden, burgerdoden kunnen vermijden, betoogt .

foto Getty

Het Nederlandse ministerie van Defensie wil versneld drones van het type MQ-9 Reaper kopen, wellicht volgend jaar al. D66 en GroenLinks maken zich zorgen; zij willen duidelijke afspraken over regulering en inzet. In het verleden heeft de VVD zich juist uitgesproken voor zowel de aanschaf als de bewapening van drones. En vlak voor de verkiezingen pleitte CDA-lijsttrekker Buma voor bewapende drones. Voor informateur Schippers ligt er een uitdaging om deze posities dichter bij elkaar te brengen.

Volgens minister Hennis (Defensie, VVD) is „de drone (…) tactisch en strategisch van cruciaal belang”, maar zij heeft nooit een uitgebreid antwoord gegeven op de vraag welk belang zij er dan precies in ziet. De Verenigde Staten gebruiken drones tegen „terroristen” binnen en buiten erkende oorlogsgebieden, wat internationaal zeer omstreden is. Ook Britse inzet van drones tegen eigen burgers – Britse Syriëgangers – in 2015 heeft controverse opgeroepen.

Wil Nederland drones zo inzetten? Vallen dit onder ons „cruciaal belang”. Zo niet, wat wel? Nederland loopt gevaar om verder betrokken te raken in deze manier van oorlogvoeren of terreurbestrijding zonder dat duidelijk is hoe het zich daartoe wil verhouden.

Dode kinderen

Drones maken veel burgerdoden. In Afghanistan, Pakistan, Somalië en Jemen zijn bij Amerikaanse drone-aanvallen sinds 2002 volgens verschillende schattingen ten minste honderden tot enkele duizenden burgers gedood, onder wie veel kinderen.

Verder is er toenemend bewijs dat de inzet van drones leidt tot een verlaagde drempel om geweld te gebruiken, een zorg die ook GroenLinks en D66 hebben geuit. Daarnaast vergroot en vervaagt het gebruik van drones de grenzen van conflictgebieden. Juist doordat drones onbemand zijn, worden ze ingezet in landen als Jemen en Somalië, door landen die daar niet officieel in oorlog zijn. Als Nederland de Reaper eenmaal in huis heeft zal het verleidelijk zijn ze te gebruiken waarvoor ze bedoeld zijn: het uitschakelen van doelwitten.

Ondanks Kamervragen is nog steeds onduidelijk waarom de Reaper überhaupt is gekozen als surveillancedrone, dat wil zeggen om een conflictgebied vanuit de lucht te observeren. De Reaper heeft namelijk als primaire functie het aanvallen van „dynamic execution targets”.

Het is in de eerste plaats een aanvalsvliegtuig en pas in tweede instantie een observatietoestel. De Reaper kopen voor surveillance en niet bewapenen is als een Ferrari kopen omdat je rood zo mooi vindt.

Buitenrechtelijke executies

De bezwering van Hennis dat bewapening niet in de lijn der verwachting ligt is daarmee weinig vertrouwenwekkend. Wie zegt dat dit geen klassieke salamitactiek is? Snel die Reaper in huis halen en dan zeggen dat onze bondgenoten verwachten dat we hem zo snel mogelijk bewapenen?

Zelfs als Nederland de Reapers onbewapend wil aanschaffen, kan dit ook tot problemen leiden, vooral bij het delen van data en inlichtingen met derde landen en het mogelijk gebruik daarvan voor targeting.

De CTIVD, de commissie die toezicht houdt op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten, wil dat de regering zulke regels verscherpt. Nederland weet immers niet wat derde landen, zoals de VS, met de door Nederland verzamelde inlichtingen doen. Het risico bestaat dat Nederland zo bijdraagt aan buitenrechtelijke executies en het veroorzaken van onschuldige burgerslachtoffers.

Transparantie moet leidend zijn

Minister Hennis beloofde de aanbevelingen in het beleid te verwerken, maar ondanks herhaalde verzoeken uit de Kamer en het maatschappelijk middenveld, is nog altijd niet duidelijk hoe Defensie dit gaat doen. Waarborgen rond gebruik en transparantie tegenover het Nederlandse parlement moeten leidend zijn.

Verdere kwesties die duidelijkheid eisen voordat Nederland de Reapers aanschaft, gaan over hoe Nederland het internationaal juridisch raamwerk interpreteert rond de inzet van drones, met name buiten het reguliere slagveld. En hoe dit zich verhoudt tot het internationaal humanitair recht en internationale mensenrechten. De regering moet ook duidelijk maken hoe ze gaat bijdragen aan het aanscherpen van internationale regels rond de verkoop van drone- en aanverwante technologie.

Nieuwe wapensystemen zoals drones brengen nieuwe vraagstukken met zich mee over geweldsinzet en hoe dit past binnen het huidige en toekomstige optreden van de krijgsmacht. De regering moet deze discussie helpen vormgeven. Nieuw beleid moet passen in de bredere Nederlandse traditie van respect voor mensenrechten en het versterken van het internationaal recht. Deze opdracht zou aan de basis moeten liggen van het besluit om welke drones dan ook te kopen.