Recensie

Fantasy zonder magie

Regisseur Guy Ritchie husselt in ‘King Arthur: Legend of the Sword’ de legende van koning Arthur net zo lang door elkaar tot er iets wezenloos ontstaat.

Koning Arthur (Charlie Hunnam) moet zijn magische krachten beter doseren.

Net als ontelbare stripfilms is Guy Ritchies King Arthur een zogenaamde ‘origin story’. Het middeleeuwse spektakel gaat er vooral over hoe een jongen de koningstitel zal verwerven middels heroïsche gevechten tegen zijn oom, de duivelse koning Vortigern (Jude Law).

Door samen te spannen met demonische krachten heeft Vortigern de vader en moeder van Arthur vermoord toen Arthur nog een jongetje was. De getraumatiseerde Arthur wordt liefdevol opgenomen in een bordeel in Londinium en ondergaat daar de leerschool van het leven. Als hij volwassen is, staat hij zijn mannetje en als hij het magische zwaard Excalibur in handen krijgt, wordt hij nog machtiger – al moet hij nog wel leren hoe hij zijn magische krachten moet beheersen.

King Arthur is een typische Guy Ritchie-film: hij past hier dezelfde hyperbolische stijl toe als in zijn gangsterfilms en de hoofdpersonen zijn plat pratende ‘lads’ die moderne straattaal bezigen, met woorden als ‘bollocks’. De muziek van componist Daniel Pemberton is veelal elektronisch – de aanstaande koning Arthur (Charlie Hunnam) vecht op techno.

Of dit passend is of juist gedurfd, is een vraag waar je lang over kunt twisten. Minder betwistbaar is het knagende gevoel dat je krijgt bij het zien van de letterlijk duistere gebeurtenissen: wat is dit allemaal ongelooflijk oninteressant en dodelijk vermoeiend.

Als de ergernis eenmaal de overhand heeft, is er geen redden meer aan en schieten talloze vragen door je hoofd. Waarom schmiert Jude Law zich zo door zijn rol heen, waarom is er opeens een moderne folksong en waarom moet alles zo Tarantino-esk door elkaar gehusseld worden? Om het geheel toch enigszins verteerbaar te maken, doe je gedachte-experimenten: zijn er misschien toespelingen op Brexit? Is het een aanklacht tegen terreur? Vergeefse moeite.