Moderne topviool klinkt beter dan een oude Stradivarius

Klassieke muziek Concertpubliek dat wordt onderworpen aan een blinde test verkiest een moderne viool boven de moeder aller violen. Dat blijkt uit nieuw onderzoek.

Violiste Tamsin Waley-Cohen met de 'Kreutzer Stradivarius' uit 1731, die in 2014 werd aangeboden op een veiling. Er werd voor de gewenste opbrengst van 8 à 10 miljoen dollar geen koper gevonden. Deze 'Strad' is genoemd naar een van zijn bespelers, de beroemde violist Rodolphe Kreutzer (1766-1831). Foto Facundo Arrizabalaga/EPA

Een kritisch luisterend concertpubliek vindt een modern gebouwde topviool beter klinken dan een viool van de beroemde oude meester Antonius Stradivarius (1644-1737). Ook scoren de moderne violen beter op ‘projectie’, een typisch violistenbegrip dat verwijst naar de mate waarop een vioolklank ‘kern’ heeft, een grote ruimte kan vullen en bijvoorbeeld ook makkelijk boven een begeleidend orkest kan uitkomen. Dit blijkt uit onderzoek onder leiding van de Franse vioolonderzoeker Claudia Fritz (Université Pierre et Marie Curie, Parijs) in concertzalen in Parijs en New York. Daarbij kon het publiek door een akoestisch doorlatend scherm de violist of de viool alleen horen, niet zien. Ook de violist zelf wist niet of hij op een oude of nieuwe viool speelde, omdat hij (of zij) tijdens het spelen een lasbril droeg. Telkens moesten de luisteraars opschrijven wat ze van de viool en zijn ‘projectie’ vonden.

In het onderzoek, dat nu in het wetenschappelijke tijdschrift PNAS is gepubliceerd, werden drie oude Stradivarius-violen vergeleken met drie pas gebouwde. Tevoren waren deze instrumenten als de beste uit een collectie oude en nieuwe topviolen gekozen – trouwens ook weer met een lasbril op. De violisten speelden niet op hun eigen viool.

Het onderzoek is het laatste in een serie onder leiding van Fritz waarin al eerder werd vastgesteld dat concertviolisten bij het spelen zelf geen onderscheid kunnen maken tussen moderne en oude violen. De deelnemende violisten bleken tijdens de blinde speelsessies zelfs een voorkeur te hebben voor violen van nieuwe makelij. Eerder waren ook vergelijkingen tussen oude en nieuwe violen gedaan, maar nooit volgens zo’n strakke ‘blinde’ procedure.

Als ze géén lasbril op hebben, kiezen concertviolisten wél een viool van de oude meesters

Charisma

En zo wordt het mysterie van de superieure Stradivarius-viool steeds verder ontmanteld. De oude violen blijven enorm geliefd, en hun charisma is onverminderd groot. Als ze géén lasbril op hebben, kiezen veel concertviolisten vrijwel altijd wél een viool van de oude meesters, zoals Guarneri of Stradivarius. Het geldt ook als enorm stimulerend om concerten te geven op zo’n beroemde viool, die vaak al honderden jaren door beroemde violisten bespeeld is.

De prijs van zo’n oude viool loopt door imago en de beperkte beschikbaarheid (van Stradivarius zijn bijvoorbeeld maar 650 instrumenten over, waarvan ongeveer 500 violen) snel in de miljoenen. Een nieuw gemaakte topviool zou daarentegen niet veel meer dan 40.000 euro hoeven te kosten. Zo’n moderne viool is doorgaans in vorm en afmetingen een precieze kopie van een Stradivariusviool, zodat de vermeende superieure kwaliteit van de oude viool meestal gezocht wordt in bijzondere kwaliteiten van het hout of de lak, zonder dat er overigens ooit een beslissende factor is gevonden.