Ook na de Val bleef hij geloven in de Muur

Foto Herbert Knosowski

Tot het eind van zijn leven hield Heinz Kessler, de laatste minister van Defensie van de DDR, vast aan zijn communistische overtuigingen. Nog in 2011, 21 jaar na de ondergang van de arbeiders- en boerenstaat, stelde Kessler zich in het herenigde Duitsland kandidaat om namens de communistische DKP-partij in de Berlijnse gemeenteraad te komen. Het bleek vergeefse moeite van de destijds 91-jarige Kessler.

Dinsdag is hij, 97 jaar oud, in een Berlijns ziekenhuis overleden. In 1993 was hij tot zeven jaar cel veroordeeld voor zijn medeverantwoordelijkheid voor het doodschieten van DDR-burgers die naar het Westen probeerden te vluchten. Na vijf jaar werd hij wegens gezondheidsproblemen vrijgelaten.

Hardnekkig bleef hij ook nadien het politieke systeem van de DDR verdedigen. Met een ex-collega schreef hij in 2011 een boek getiteld: Zonder de Muur was er oorlog geweest. Soms kwam hij nog bijeen met gezelschappen van voormalige officieren uit het leger van de DDR.

Kessler heeft altijd ontkend, zowel voor de val van de Muur als erna, dat de grenswachten van de DDR ooit het bevel hebben gekregen om op vluchtende burgers te schieten. „Es hat nie – nie! – einen Schießbefehl gegeben”, zei hij in 1988 tegen het weekblad Die Zeit.

Kessler, geboren in 1920, kwam uit een communistisch arbeidersgezin. Hij groeide op in Chemnitz in de deelstaat Saksen, en deed een opleiding tot machinebankwerker. Onder de nazi’s werden zijn ouders vanwege hun politieke overtuiging gevangen gezet. Zelf nam hij als infanterist in 1941 deel aan de Duitse aanval op de Sovjet-Unie, maar na drie weken liep hij over naar het Rode Leger.

Na een tijd in kampen te hebben gezeten, vocht hij mee met de Sovjet-troepen. Na de oorlog volgde hij in de Sovjet-Unie een verdere militaire opleiding en maakte hij carrière in het leger en het staatsapparaat van de DDR. In 1985 werd hij benoemd tot minister van Defensie, en een jaar later trad hij toe tot het politbureau van de SED, de partij die het voor het zeggen had in de DDR.

Toen het Oost-Duitse regime in 1989 onder aanhoudende demonstraties begon te wankelen, werd partijleider Honecker door andere leden van het politbureau aan de kant geschoven. Tot grote ergernis van Kessler, die in het buitenland was toen het gebeurde.