Column

Desintegratie van EU? Dat is voorbij

Theresa May zegt dat ‘Brussel’ de Britse verkiezingen op 8 juni probeert te beïnvloeden. Waarom zouden die ongekozen eurocraten anders gaan lekken over de stroef verlopen dinerbespreking in Londen, waarna Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker haar vertelde dat hij „tienmaal” meer pessimistisch was dan toen hij aankwam?

May vergist zich. Ten eerste willen de Europeanen dat zij de Lagerhuisverkiezingen glorieus wint. Dat geeft haar armslag om – zoals dat gaat bij onderhandelingen – op bepaalde terreinen concessies te doen. Dat is in hun belang. Ten tweede, belangrijker nog: Juncker spreekt namens alle overige 27 lidstaten. Vraag het in willekeurig welke Europese hoofdstad, maar iedereen staat achter Juncker en zijn Brexitonderhandelaar, Michel Barnier, die ook bij het diner was. Anders dan Londen had verwacht (of gehoopt), trekken de EU-landen tot nog toe één lijn over Brexit. Dat is geen show, maar welbegrepen eigenbelang. Europa gaat drastisch veranderen zonder de Britten. Machtsverhoudingen gaan schuiven. Elk land bereidt zich daarop voor. Voor de meeste betekent dit dat er een complete politieke heroriëntatie moet komen. Daarom hebben ze de Brexit-bladzijde waar de Britten zichzélf nog op blindstaren, allang omgeslagen. Een Europees politicus die laatst sprak over de uitdagingen in Europa, slaagde erin om Brexit niet te noemen. Toen hij er later naar werd gevraagd, zei hij: „Wanneer zijn de Britse verkiezingen ook weer?”

Een voorbeeld. Tsjechië zit niet in de eurozone. Het hoort, met de Britten en een paar anderen, tot de ‘outs’. De outs zijn als de dood dat de 19 eurolanden (‘ins’) vanwege de stabiliteit van de euro beslissingen nemen – over banken bijvoorbeeld – die zij niet willen. Die angst is reëel: 19 landen vormen makkelijk een meerderheid. Omdat het machtige Groot-Brittannië met de vuist op tafel sloeg, hebben de outs enige jaren geleden garanties bedongen om beslissingen van eurolanden te kunnen dwarsbomen of verwateren. Brexit is voor hen een klap: ze zijn nu met minder. Ineens gaan er in Tsjechië stemmen op om z.s.m. bij de eurozone te gaan. Niet om economische, maar politieke redenen.

Ander voorbeeld. Nederland was altijd close met de Britten, al deden wij in Europa overal aan mee en zij niet. Als Den Haag een Brussels besluit wilde ombuigen, belden ze Londen en ze hadden al bijna een blokkerende minderheid. Nog een paar landjes erbij, klaar was Kees. No more. Den Haag moet het Europese machtsspel compleet anders gaan spelen. Voor blokkerende minderheden zijn nu ándere landen nodig. Méér landen. Meer zuidelijke landen ook, want het noorden verzwakt na Brexit. Ook Oostenrijk en België sorteren al voor op de noodzaak om nieuwe coalities te sluiten. Dat vergt een koerswijziging: vandaag help je hen, morgen helpen ze jou. Zo worden die kleintjes, óók Nederland, federalistischer dan ze vroeger waren.

Dan nog iets. Velen vrezen dat EU-landen ‘bilateraaltjes’ met de Britten sluiten, achter de ruggen van anderen om. Dat risico bestaat. Maar tegen welke prijs? Landingsrechten, veterinaire afspraken, intellectueel eigendom – al die dingen zijn afgelopen decennia Europees geregeld. Het is onze ‘orde’. Niemand wil dat dit in elkaar dondert. Dan krijg je logistieke chaos. Anarchie. De 27 hebben er alle belang bij om het bestaande regelsysteem te handhaven. Ze hebben Juncker en Barnier gevraagd om dat belang – een gemeenschappelijk belang – te verdedigen. De EU heeft – ís – een wettelijk systeem. Als Londen daar geen deel meer van wil uitmaken, jammer. Maar de rest moet verder.

Een jaar geleden had iedereen het over ‘het einde van de EU’ en ‘Europese desintegratie’. Dat is voorbij. Nu praat iedereen over ‘de toekomst van Europa’. Brexit wordt een keihard financieel gevecht. Maar het idee is verteerd. En dat is het waarschijnlijk, dat May zo steekt.