Column

Burgemeesters mogen soms buiten de lijntjes

Als het nu oorlogstijd zou zijn, voor welk rechtsstatelijk dilemma zou de burgemeester dan het meest waarschijnlijk gesteld worden? Afgaande op een debatavond in de Amsterdamse Balie deze week over ‘dilemma’s in zware tijden’ voor gezagdragers, is het antwoord: iets met vluchtelingen. Dat lijkt het meest splijtende maatschappelijke thema van nu. En ook een waarin gewetensvrijheid, morele opvattingen, loyaliteit aan het gezag en rechtstatelijke waarden samen kunnen komen.

Niet alleen in de polder trouwens. In de VS groeit de tegenstelling tussen de ‘sanctuary city’s’ die burgers zonder papieren bewust gedogen en zich van de illegalenjacht door de federale overheid niks aantrekken. In Nederland kennen we D66-burgemeester Heijmans van Weert die vorig jaar een Syrisch gezin dat (rechtmatig) uitgezet dreigde te worden, hielp zich in zijn gemeente te verstoppen. En daarna, even doortastend als juridisch dubieus, asielzoekers in Weert een twee weken durend ‘huisarrest’ oplegde. En wel omdat hij „voor zijn burgers” wilde gaan staan, die last hadden van kleine criminaliteit, veroorzaakt door asielzoekers.

Heijmans ging op de schouders, maar kreeg ook kritiek. Een doortastende bestuurder, die niet bang is. Maar tegelijk best wist dat alleen de rechter anderen van hun vrijheid kan beroven. Heijmans omschreef zijn handelen vergoelijkend als „juridisch buiten de lijntjes kleuren”.

De vraag is of we met dat ‘kleuren’ buiten de lijntjes nu wel of niet blij moeten zijn. De Tilburgse hoogleraar Maurice Adams waarschuwde voor willekeur als burgemeesters hun morele verontwaardiging als uitgangspunt gaan nemen. Immers, als de burgemeester de wet mag buigen naar eigen believen, dan mag de burger dat ook. Daar stond Commissaris van de Koning in Noord-Holland Johan Remkes (VVD) tegenover die vond dat de burgemeester „een zeker vrij speelveld moet durven nemen”.

De burgemeester van vandaag is een lokale probleemoplosser wiens polsstok nooit langer is dan de gemeenteraad en de rechter zullen toestaan, zei Remkes. Zolang de democratische rechtsstaat functioneert, is een burgemeester in de praktijk niet gauw buiten de orde. Al was het maar omdat het „rechtssysteem ook geen zuivere wiskunde” is.

Die burgemeester zal de ene keer „staan voor de gevoelens van de bevolking” en de andere keer pal voor het gezag. Bijvoorbeeld door op verzoek van het openbaar ministerie een afgestrafte pedofiel te herhuisvesten, tegen de lokale weerzin in. Zo’n burgemeester is stoer, neemt risico’s, kan zijn keuze publiek motiveren, legt zijn ziel bloot en voorkomt zo isolement. Hij beschikt over een sterke beroepsethiek, waaraan dubieuze kwesties eventueel getoetst kunnen worden. ‘Hogerhand’ moet desgewenst ‘gezamenlijk en gefundeerd’ tegengesproken kunnen worden, schreef de historicus Peter Romein in een begeleidend essay.

Oud-Kamervoorzitter Gerdi Verbeet (PvdA) tekende aan dat burgemeesters niet van de weeromstuit moeten ‘gaan uitbarsten in flinkheid’. Dan wel vanwege veiligheidskramp, bijvoorbeeld het recht om te demonstreren uithollen. Volgens (CDA) burgemeester Jos Wienen (Haarlem) dreigt dat. Zie Aboutaleb (PvdA) in Rotterdam die het de Stichting Christenen voor Israël onmogelijk maakte tegen een Palestijnse manifestatie te demonstreren. En Mikkers (VVD) die een Eritreese conferentie in Veldhoven verbood, toen zich daar tegenstanders meldden. „Die kant moeten we niet uit”, zei Wienen.

Mag een burgemeester dus dienst weigeren als hij persoonlijk meent dat rechtsstatelijke waarden daardoor worden bedreigd? Remkes vond van niet. Dan past eigenlijk alleen ontslag nemen. Wienen zag meer ruimte. Als iets ‘echt niet kon’ moet een burgemeester publiekelijk zijn stem kunnen verheffen. In het Nederlandse openbare bestuur kan een ‘gewetensvolle afweging’ van een burgemeester om iets niet uit te voeren, worden geaccepteerd, denkt hij. De rechtsstaat heeft lokaal dus een drukventiel, met een ambtsketen om. En eigen marges.

Correctie: eerder stond in dit stuk dat Remkes Commissaris van de Koning was in Zuid-Holland. Dat moet Noord-Holland zijn.