Ouders zijn steeds hoger opgeleid

Segregatie op de basisschool

Het opleidingsniveau van ouders stijgt. Basisscholen veranderen – net als buurten. „Vroeger waren we vooral taalachterstanden weg aan het werken.” 

Ouders met een migratieachtergrond zijn vaker hoogopgeleid. Foto ANP

In groep 3 van de Multatulischool in Bos en Lommer luistert de helft van de groep aandachtig naar de juf. Zij leest woordjes voor, die de kinderen mee kunnen lezen in hun boekje. De andere helft is in stilte bezig om het woord ‘olifant’ te verbinden met het plaatje van een olifant, in een ander boekje. Het niveau van deze kinderen ligt iets hoger.

„Vroeger waren we een school met alleen maar kinderen van laagopgeleide ouders met een migratie-achtergrond”, zegt adjunct-directeur Miriam Lugtenberg. „We zetten vooral in op de taalachterstand van kinderen. Dat is veranderd. We zoeken nu ook naar creatieve manieren om lessen uitdagender te maken.”

Het aantal hoogopgeleide ouders van basisschoolleerlingen in Amsterdam is de laatste vijf jaar toegenomen. Dat blijkt uit een rapport over diversiteit in het basisonderwijs van Bureau Onderzoek, Informatie en Statistiek. Had in schooljaar 2012-2013 nog 42 procent van de kinderen minimaal één ouder met een afgeronde hbo- of wo-opleiding, dit schooljaar is dat 48 procent. Landelijk stijgt dat percentage ook, maar minder sterk.

Het aantal leerlingen op Amsterdamse scholen met weinig leerlingen met hoogopgeleide ouders neemt af. En op scholen met veel leerlingen met hoogopgeleide ouders neemt dat aantal juist toe. In wijken als Bos en Lommer, waar het aantal hoogopgeleide ouders eerst heel laag lag, is de stijging in verhouding sterk. De belangrijkste oorzaken daarvoor zijn volgens het rapport de gentrificatie van de wijken en de sterke stijging van het opleidingsniveau van ouders met een niet-westerse migratieachtergrond.

De scheiding tussen kinderen van hoog- en laagopgeleide ouders loopt niet langer langs etnische lijnen, blijkt op de Multatulischool. Een jongetje van Irakese afkomst zit met koptelefoon achter een laptop, omdat hij het beste kan lezen. Hij krijgt moeilijkere oefeningen.

Andere oudergesprekken

Ook Jako de Jong, intern begeleider van de OBS Bos en Lommer, constateert dat. „We merken dat mensen met een migratieachtergrond steeds hoger opgeleid zijn”, zegt hij. „Zeker de derde generatie.” Volgens de begeleider is dat een goede zaak, omdat kinderen van hoogopgeleide ouders vaak betere resultaten behalen dan kinderen van laagopgeleide ouders. Dat baseert hij bijvoorbeeld op resultaten van de Cito-toetsen.

Miriam Lugtenberg van de Multatulischool ziet hierdoor de oudergesprekken in positieve zin veranderen. „Hoogopgeleide ouders met een migratieachtergrond spreken vloeiend Nederlands en begrijpen het Nederlandse onderwijssysteem. Zij houden de cijfers en ontwikkeling van hun kinderen in de gaten en grijpen op tijd in als er iets misgaat.” Met ouders met een lager opleidingsniveau is het moeilijker communiceren. „Dan scoorde hun kind een E op een citotoets en dachten ze soms nog dat die zou doorstromen naar de havo.”

Gentrificatie

De veranderingen op de scholen zijn ook in de wijk zichtbaar. Bos en Lommer – ook wel BoLo – is de afgelopen jaren veranderd. Rond de eeuwwisseling werd nog gesproken van „de slechtste buurt in Nederland”. Nu is BoLo een gentrificatie-wijk: de bevolking is gemengd en je vindt er een mix van portiekflats uit de jaren 50 en hippe tentjes als Bagel & Beans. De wijk trekt steeds meer hoogopgeleiden met hoge inkomens.

Te veel hoogopgeleide ouders misschien? Adjunct-directeur vreest dat laagopgeleide ouders uit de wijk weggaan. Die ontwikkeling was volgens haar tien jaar geleden al te zien in Oud-West en lijkt zich uit te breiden naar alle wijken binnen de ring.

Lugtenberg vindt gemengde scholen belangrijk. „Die zijn een betere afspiegeling van de maatschappij. Als kinderen elkaar tegenkomen op school zullen ze elkaar later in het leven hopelijk beter begrijpen.”