Column

Unieke club

Zondag was het dan bekerfinale. Vitesse-AZ, we hadden er lang naar uitgekeken. We zaten ter hoogte van de middenstip met uitzicht op beide supportersgroepen. Links die van AZ, lief zwaaiend met hun vlaggetjes. Aan de andere kant de onzen, het grote spandoek waarover ze het al weken hadden op de sociale media scheurde nog voor het helemaal was uitgerold. Rookbommen ontploften. Chaos. Ja, toen was ik wel even trots op ons. Ondanks het door de familie Hartkamp geproduceerde kutlied ‘Ernems trots’ met zinnen als ‘Elke speler op het veld is voor ons een ware held’.

Ik botste in De Kuip op mijn eigen verleden. Iedereen was er: buurmannen, schoolvriendjes, een ex-collega van mijn vader, vijanden en zelfs de bewezen zedendelinquent van de volleybalvereniging. We omhelsden elkaar allemaal. We waren allemaal ontroerd van onszelf, dusdanig dat we er optimistisch van werden. Ik miste beide doelpunten, iedereen danste op stoeltjes. De AZ-supporters dropen af. Fatsoenlijke mensen wel, van sommigen kregen we een handje. Er waren er die van die goeiigheid boos werden, omdat het daardoor leek alsof het niet zo erg was om geen KNVB-beker te winnen, terwijl wij dat ding inmiddels hadden opgeblazen tot iets enorms.

Ik zag hoe het ‘geel-swert’ na het laatste fluitsignaal door De Kuip golfde. We waren gelukkig, een gevoel dat bij de een wat langer beklijft dan bij de ander. De cup werd uitgereikt, weer dat kutlied van de familie Hartkamp, daarna in een lange sliert brullend Rotterdam in. We losten op tussen de Rotterdammers die het zichtbaar koud liet.

Na de winst kwam de enorme aandacht waarmee Arnhemmers maar moeilijk om kunnen gaan. Op alle tv-zenders zeiden ze allemaal hetzelfde: dat ze er 125 jaar op hadden moeten wachten en dit dan het hoogtepunt was. Eentje had een taart voor zichzelf gebakken.

De spelers werden in een open bus door de hele stad gereden. Een route van meer dan zeventien kilometer, er zaten wijken tussen die twee keer werden aangedaan. Het werd live verslagen door Omroep Gelderland. Ik heb daar met open mond naar gekeken. Het eindigde als een evenement op de Grote Markt, waarbij met plastic munten moest worden betaald. Ik kende Vitesse-supporters die elkaar trots appten dat ze/we het NOS Journaal hadden gehaald.

Daarna hadden we het wel gehad, dacht ik zo, maar nee, er was al weer een volgend evenement: je kon als je dat wilde in je geel-zwarte kleren naar Gelredome komen, om jezelf daar met de KNVB-beker te fotograferen. De KNVB-beker was 99 keer uitgereikt, maar nog nooit was het winnen ervan zo overdreven gevierd.

Wat zijn we toch uniek.

heeft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.