Drie minuten knuffelen aan de grens tussen Mexico en de VS

Grensmuur

Voor zes families, wonend aan weerszijden van de grens tussen Mexico en de VS, ging heel even het hek open. „We hebben elkaar eigenlijk alleen maar vastgehouden.”

Jannet Lorenzo en haar zus Joselyn omhelzen hun moeder Reyna in het Vriendschapspark, op de grens tussen Mexico en de VS. Foto Apu Gomes

Jannet Lorenzo heeft van tevoren goed bedacht wat ze allemaal wil zeggen. Zeven jaar heeft ze haar moeder alleen kunnen bellen. Straks kan ze haar ineens weer vasthouden, in de ogen kijken en die dingen zeggen die in het echt anders klinken dan via de telefoon. „Dat het allemaal wel goed komt. Dat we een oplossing gaan vinden. Dat ik van haar houd.”

Lorenzo (31) woont met haar jongere zus Joselyn (17), broertje (12), dochter (6) en neefje (3) in San Marcos, Californië. Haar moeder Reyna Mosso verliet zeven jaar geleden vrijwillig de Verenigde Staten om haar zieke moeder in Tijuana, Mexico, bij te staan. Maar haar verblijfspapieren waren niet in orde en ze kwam de VS nooit meer opnieuw binnen.

Jannet heeft evenmin de juiste papieren: haar moeder opzoeken in Mexico gaat daarom niet. En omdat hun vader al jaren uit beeld is, moet zij in de VS blijven. De tengere Mexicaanse moet de hele familie onderhouden, aan beide zijden van de grens.

Deze laatste zondag van april is de familie even herenigd. Voor de vijfde keer sinds 2013 opent de Amerikaanse grenswacht een deur in het hek aan de grens. Zes vooraf geselecteerde families kunnen elkaar bij deze zogenoemde ‘Deur van de Hoop’ knuffelen. Wel kort: twintig minuten mag de deur open. Drie minuten voor elk gezin.

Als vijfde aan de beurt

Jannet (vooraan) loopt met broers en zussen richting hun moeder. Foto Apu Gomes

Jannet en haar familie zijn als vijfde aan de beurt. Langs een haag van tv-camera’s lopen ze naar de anderhalf meter brede opening. Het hek is hier een circa vijf meter hoge constructie van verroest staal, verweerd door de zilte zeelucht van de Stille Oceaan die op steenworpafstand het strand op rolt.

Met een been in de VS en het andere in Mexico sluit het gezelschap elkaar in de armen. Papieren zakdoekjes komen tevoorschijn. De kleinkinderen staan er wat vervreemd bij: ze lijken grootmoeder amper te herkennen. „We bellen alleen”, legt Lorenzo later uit. „Skype en FaceTime, dat snapt mijn moeder allemaal niet. Ze weten dus dat het oma is, maar ook weer niet.”

Op zijn telefoon houdt grenswacht Saul Rocha bij of de drie minuten al voorbij zijn. Zodra dat het geval is, wenkt hij. Tijd voor de volgende familie.

Jannet Lorenzo heeft lang niet alles kunnen zeggen wat ze wilde, vertelt ze een paar minuten later. Nog natrillend op haar plastic teenslippers, veegt ze de donkere haren uit haar betraande gezicht.

„Het ging allemaal zo snel. Het leek maar een halve minuut. We hebben elkaar eigenlijk alleen maar vastgehouden.”

Ook haar moeder vond het snel gaan. „Je weet niet wat je moet zeggen”, vertelt Reyna Mosso later in een telefoongesprek vanuit Tijuana. „Ze worden zo snel groot. En als je ze dan ook nog zo weinig ziet…”

Als het aan Enrique Morones ligt, komen er veel meer van dit soort knuffelweekenden. Hij is de leider van de Border Angels, een ngo die zich inzet voor mensen die gescheiden zijn door de grens. Morones wist de federale grenswacht en lokale autoriteiten te overtuigen van het belang van ‘El Día del Niño’, kinderdag in Mexico. En afgelopen november werd ook de Internationale Kinderdag van de VN aangegrepen voor een knuffelzondag. „Als we nu nog meer kinderdagen vinden, die in Bulgarije of Nederland ofzo, kan dit voortaan elk weekeind.”

Dochter Joselyn (17) praat met haar moeder Reyna door het hek, voor het het hek opengaat.
Foto Apu Gomes
Foto Apu Gomes
Foto Apu Gomes
Agenten van de Amerikaanse grenswacht openen de poort.
Foto Reuters
Foto AFP

Morones:

„Beetje bij beetje krijgen we dingen voor elkaar. Toen we deze ontmoeting voor het eerst wisten te regelen, was het één familie, voor twee minuten. Vorig jaar kon het al twee keer. En dit jaar opnieuw, zelfs met de nieuwe regering aan de macht.”

Grenswacht Rocha zegt daarover dat er „voor zover ik weet geen afstemming is geweest met Washington” of het evenement dit jaar opnieuw kon plaatsvinden. Daar is in januari immers president Donald Trump aangetreden. Hij wil aan de Amerikaanse zuidgrens juist een „magnifieke muur” optrekken van „blinkende kust tot blinkende kust”.

Voor het inlossen van deze ambitieuze verkiezingsbelofte heeft Trump in het Congres nog niet de benodigde miljarden losgekregen. Maar de recente geschiedenis leert dat het Amerikaanse grenshek altijd wordt uitgebouwd, nooit neergehaald. Of er nu een Democraat of een Republikein in het Witte Huis zetelde: het aantal kilometers hekwerk groeit gestaag. De bijna drieduizend kilometer lange landsgrens was al voor Trumps aantreden voor bijna een derde voorzien van hekken en muren. Ook de niet-fysieke beveiliging wordt almaar opgevoerd: de grensregio is een gemilitariseerd gebied.

Het Amerikaanse hek bij Tijuana – een van de allereerste – is hiervoor illustratief. In 1955 werd aanvankelijk alleen een simpele afrastering neergezet. Vervolgens werd in 1971 aan Amerikaanse kant een pleintje aan het hek neergelegd, het zogenoemde Vriendschapspark. Dit is opgedragen aan de toenmalige first lady, Pat Nixon, die bij de opening zei: „Ik hoop dat hier niet heel lang nog een hek hoeft te staan.”

Dat liep anders. Bij elke ‘verbetering’ van het hek, kreeg de plek steeds meer weg van de bezoekersruimte in een gevangenis. In de jaren negentig werd de afrastering een metershoge constructie van stalen palen. De openingen bleven evenwel ruim genoeg voor een soort van omhelzing.

Zes jaar geleden kwam aan Amerikaanse zijde een tweede hek, parallel aan het eerste hek. De ruimte hiertussen gaat alleen nog in de weekenden open, van 10 tot 14 uur. Ook is tegen het grenshek een raster geplaatst. Door de ijzeren mazen van een vierkante centimeter past net een pink.

Foto Apu Gomes

Families die deze zondag niet uitverkoren waren voor een knuffel, moeten met elkaar praten via dit hek. Hun gezichten dicht tegen de afrastering, onderwijl het puntje van elkaars pink aanrakend. Twee jonge kinderen hebben paardebloemen geplukt voor oma. Eigenlijk mag het niet, iets doorgeven aan de overkant. Maar als de grenswacht even niet oplet, floept het gele bloemknopje zo door het hek.