Ankara tart de VS en Rusland

Turkije en de Koerden

Turkije bombardeert de Koerden in het noorden van Syrië en Irak. Analisten denken dat Ankara de VS en Rusland wil testen.

De oorlog tussen Turkije en de Koerden dreigt te escaleren. Afgelopen week voerde de Turkse luchtmacht zware bombardementen uit op Koerdische strijders in Noord-Syrië en Noord-Irak. Daarbij vielen mogelijk meer dan honderd doden. Afgelopen zaterdag dreigde president Erdogan vervolgens met een militaire inval in Syrië om de Koerden daar aan te vallen. „We kunnen ’s nachts komen, plotseling en zonder waarschuwing.”

Door de Turkse luchtaanvallen lopen de spanningen met de VS hoog op. Het risico is dat ook Amerikaanse militairen worden geraakt die mee vechten aan de zijde van de Koerden. Washington beschouwt de inzet van Koerdische strijders juist als cruciaal in de strijd tegen Islamitische Staat (IS).

Na de bombardementen braken er vorige week gevechten uit tussen Koerdische strijders en het Turkse leger aan de Turks-Syrische grens. De VS zijn bezorgd dat de botsingen uitmonden in openlijke strijd. Om te voorkomen dat de Koerden worden afgeleid van de strijd tegen IS om de verovering van Raqqa, patrouilleren Amerikaanse troepen nu aan de Turkse grens.

Ook Rusland maakt zich zorgen. Het noemt de Turkse luchtaanvallen „onaanvaardbaar”. Net als Washington steunt Moskou de Syrische Koerden omdat ze „daadwerkelijk vechten” tegen terreurgroepen. De Syrisch Koerdische partij PYD, die Noord-Syrië met harde hand bestuurt, heeft een kantoor in Moskou.

Turkije ziet de PYD en haar militie echter als verlengstuk van de Turks-Koerdische guerillabeweging PKK, die in Turkije, Europa én de VS op de terreurlijst staat. Volgens de Turken smokkelen de Syrische Koerden zware wapens naar Turkije. Daarom vindt Turkije dat de VS en Rusland hun steun aan de Syrische Koerden moeten intrekken.

Ook de situatie in Noord-Irak baart Ankara zorgen. De PKK heeft zijn positie daar de afgelopen jaren versterkt. Zo redde de groep veel yezidi’s, een religieuze minderheid in de regio Sinjar, van een slachting door IS. Hierdoor kreeg de PKK veel steun in het gebied. Turkije vreest dat de groep nu in Sinjar een uitvalsbasis wil vestigen.

Analisten denken dat Turkije de strijd nu opvoert om uit te vinden hoe ver de VS en Rusland willen gaan in hun steun voor de Syrische Koerden. Zullen ze een confrontatie met Turkije riskeren? Amerikaanse en Russische militairen voorkwamen vorige maand in ieder geval dat Turkse troepen Koerden in de Syrische stad Manbij aanvielen.

Niet toevallig

De timing van de Turkse luchtaanvallen is niet toevallig. Op 3 mei brengt president Erdogan een bezoek aan president Poetin en twee weken later vliegt hij naar Washington voor zijn eerste ontmoeting met president Trump.

Sommige analisten denken dat de VS en Rusland een no-fly zone zullen instellen boven Noord-Syrië en Noord-Irak om nieuwe Turkse bombardementen te voorkomen. De vraag is echter of de Turken zich hierdoor laten tegenhouden. Want hoe moet zo’n no-fly zone worden afgedwongen? Zullen de VS en Rusland Turkse toestellen uit de lucht gaan schieten?

Bovendien heeft Turkije een drukmiddel. De VS gebruiken de Turkse luchtmachtbasis Incirlik voor bombardementen op IS in Raqqa. „Als de no-fly zone boven Syrië en Irak ook geldt voor Turkse vliegtuigen, kan Turkije dan vergelden door Incirlik te sluiten voor de coalitie?”, schrijft militair analist Metin Gurcan op de website Al-Monitor. „Dat is een cruciale vraag.”