Aandacht voor het Syrische lijden

De meeste Syrische cartoonisten leven in ballingschap. Over hun werk is een boek verschenen: ‘Cartooning Syria’

Cartoon van Fares Garabet uit 'Cartooning Syria'. Cartoon Fares Garabet

‘Het voelt voor mij alsof de wereld bij de Syrische crisis is weggetrokken en het land aan zijn lot heeft overgelaten. Mijn taak als Syrische cartoonist is om de aandacht te blijven vragen voor het Syrische lijden, voor de honger en het sterven”, zegt Fares Garabet.

Garabet (1963) is één van de participanten aan het boek en de expositie Cartooning Syria. Van de 28 Syrische tekenaars die meedoen, leven de meeste, net als de in Dresden wonende Garabet, inmiddels in ballingschap, omdat ze in Syrië hun leven niet zeker zijn. Een van hen, Akram Raslan, is waarschijnlijk in 2013 door marteling in de gevangenis om het leven gekomen. Zijn dood is nooit bevestigd.

Van iedere tekenaar zijn vier cartoons opgenomen. Bijna zonder uitzondering zijn ze bijzonder zwartgallig en cynisch. Garabet, die werkte voor Arabische en internationale media, leverde enkele van de meest sarcastische bijdragen. Zo tekende hij een bom met het woord ‘sorry’ erop, die op het hoofd van een jongetje dreigt te vallen. Het onderschrift van de cartoon luidt: ‘De internationale coalitie verontschuldigt zich voor het per ongeluk bombarderen van burgers.’

Op zulke misstanden wijzen is precies wat hij beoogt met zijn werk, legt hij per mail uit. „Met mijn cartoons breng ik de boodschap van de Syriërs over. Ik vertel de wereld wat er in Syrië gebeurt.”

Ook in een andere cartoon is Garabet kritisch op de rol van het Westen. Een westers ogende soldaat met een hamer ziet een kever op de landkaart lopen in het Midden-Oosten en hij slaat hem plat. In een volgend plaatje is het resultaat te zien: een grote bloedvlek die het hele gebied bedekt, met daarin de letters ISIS.

Het boek Cartooning Syria bevat ook cartoons van Nederlandse, Vlaamse en Noorse tekenaars en enkele beschouwingen, waarin wordt gewezen op het risico van uniforme beelden. Cartoons moeten in een oogopslag hun bedoeling duidelijk maken, en dan dreigt herhaling van metaforen en beeldtaal. Zulke cartoons staan ook in het boek: Assad danst met de dood, een skelet in pak; Assad in een rode zetel op een berg lijken. Tweemaal in het boek is Syrië de Titanic. Op de voorplecht staat Poetin met Assad en een keer met Obama.

Cartoon van van Diala Brisly: Be my leg, I will be your arm. Diala Brisly

Het kan ook anders, laat bijvoorbeeld Diala Brisly (1980) zien. Deze Koeweitse, één van de weinig vrouwen in het vak, groeide op in Damascus en woont nu in Parijs. Haar tekeningen neigen stilistisch naar art nouveau en klassieke illustraties uit kinderboeken. Maar ze tekent bijvoorbeeld twee schattig ogende, lachende kinderen in een ovaal, waarbij je even moet opletten om te zien dat de één een arm en de ander een been mist. Het onderschrift luidt: ‘Wees mijn been, dan ben ik je arm.’ Een directe verwijzing naar Syrië ontbreekt, maar het effect van deze esthetische tekening is er niet kleiner om.

Bijzonder is ook het werk van een andere vrouwelijke tekenaar, Sulafa Hijazi (1977), die ook animatiefilms maakt en nu in Berlijn woont. Een cartoon van haar oogt als een bondige, naar abstractie neigende strip, met vijf plaatjes: een beeld van een in de grond gewortelde mens verliest een stuk arm, pols en hand. Dat stuk arm vloeit in een rode stroom naar zee. Op het laatste plaatje tekent ze een zee vol met uit het water stekende handen. In de context van dit stripje overstijgt dat slotbeeld het cliché van om hulp roepende handen.

Cartoon van Sulafa Hijazi, te vinden in ‘Cartooning Syria’. Sulafa Hijazi

Eén van de deelnemende Syrische tekenaars woont in Nederland. Het is de aan de Universiteit van Utrecht studerende Sameer Khalili (1990). Hij koos voor Nederland, omdat Nederland kans bood op een snelle gezinshereniging, in zijn geval zijn echtgenote, vertelt hij.

Een cartoon van Khalili is één van de weinige die een poging doet de complexe oorlog met meerdere partijen in een beeld te vatten. Zijn boodschap is weinig optimistisch. Hij tekent een gevangene die een tunnel graaft om te ontsnappen uit zijn gevangenis, met groene soldaatjes, die lijken te verwijzen naar het regime van Assad. Maar die tunnel leidt naar een nieuwe gevangenis, met bebaarde mannen. Het is een mooi, gelaagd beeld, dat de kracht van cartoons ten volle onderstreept.

Cartoon van tekenaar Sameer Khalili, te vinden in ‘Cartooning Syria’. Sameer Khalili

Khalili: „Die cartoon is voor mij hét verhaal van Syrië. Wij vluchten van de ene gevangenis naar de andere. Wat ik in deze cartoon uitdruk is dat de Syriërs moeten proberen te vluchten naar de vrijheid en niet naar de gevangenis van islamisatie.”

Cartooning Syria. Samenstelling Ronald Bos. Uitg. Jurgen Maas, 178 pag., € 16,95. Expo, Arti et Amicitiae, A’dam, t/m 21 mei. Debat: 5 mei, 16u, Arti.